'Verpaupering strafrecht'; Advocaten zijn bezorgd over optreden politie

DEN HAAG, 13 APRIL. De Nederlandse Orde van Advocaten is bezorgd over het “ongereguleerde en ongecontroleerde optreden” van de politie bij de opsporing van strafzaken.

Dat zei de deken van de Orde, mr. T. de Waard, vanmorgen bij de presentatie van het jaarverslag.

De Waard waarschuwde voor “de normvervaging” in de opsporingsmethodes van de politie. Volgens hem heeft de affaire rond de opheffing van het Interregionaal Rechercheteam Noord-Holland/ Utrecht (IRT) onderstreept dat er een goed antwoord moet komen op de vraag wie de politie in Nederland controleert. Bij de IRT-affaire ging het onder meer om het inzetten van een informant door Justitie en politie in een grote misdaadorganisatie.

Het onderzoek van de politie in de zogenoemde pro-actieve fase, de fase die voorafgaat aan het officiële strafrechtelijk onderzoek, kenmerkt zich volgens De Waard door het gebruik van niet-wettelijke middelen. Hij noemde als voorbeelden het gebruik van richtmicrofoons, infiltratie in criminele organisaties en inkijkoperaties van de politie in loodsen. “Dat soort methodes draagt bij tot de verdere verpaupering van onze strafrechtspleging”, zei De Waard.

In het jaarverslag uit de Orde kritiek op een aantal wetsvoorstellen van Justitie die “ten koste gaan van de rechtsbescherming van de burger”. Voorbeelden daarvan zijn de uitsluiting van het hoger beroep voor asielzoekers, het scheppen van mogelijkheden om kantoren van notarissen en advocaten te betreden en telefoongesprekken van hen af te luisteren en het beperken van de vertrouwelijke contacten tussen de gedetineerde en zijn raadsman.

Een groot deel van de nieuwe wetgeving is erop gericht de groeiende en steeds ingewikkelder gestructureerde misdaadgroeperingen te bestrijden. De Orde vindt dat de advocatuur zelf moet waken voor misbruik van de beroepsgroep door criminele organisaties. De Waard pleit voor de instelling van een commissie van advocaten, officieren van justitie en politiemensen die een beschrijving maakt van de methoden waarmee criminelen een beroep doen op legale adviseurs. “Via allerlei ondoorzichtige constructies proberen criminelen zwart geld wit te wassen”, zegt De Waard. “Advocaten mogen zich met dergelijke praktijken niet inlaten en moeten dus tijdig in de gaten krijgen dat er iets mis is met de gegeven opdracht.”

Door het geven van voorbeelden en het opstellen van een gedragscode voor advocaten kan een “scherper bewustzijn” van deze bedreigingen worden gecreëerd, meent de Orde. Samen met de Centrale Recherche Informatiedienst (CRI) wil de Orde een cursus opzetten om advocaten te leren malafide transacties tijdig te herkennen.