Maij sluit diepere Betuwelijn niet uit

DEN HAAG, 13 APRIL. Minister Maij-Weggen (verkeer en waterstaat) acht het niet uitgesloten dat de Betuwelijn op meer plaatsen verdiept wordt aangelegd dan nu is voorzien. Zij reageerde daarmee op kritiek uit de Eerste Kamer, die gisteren in een vervolg op het debat van twee weken geleden kritiek uitte op de in haar ogen ouderwetse aanleg van de goederenspoorlijn naar Duitsland.

Maij-Weggen zei dat er nog “veel moderne technologieën worden verwacht” omdat het kabinet bij de aanbestedingen de “mogelijkheid wil geven” hiermee te komen. “Als dan blijkt dat een heel mooie oplossing meer verdiept is dan nu mogelijk is, en voor hetzelfde geld een beter effect heeft, dan moet het mogelijk zijn het besluit nog wat aan te passen, zodanig dat een dergelijke mooie oplossing inderdaad kan worden uitgevoerd”. Gedeeltelijke herziening van het besluit over de Betuwelijn, waarbij in het geval van verdiepte aanleg de zogeheten bandbreedte moet worden vergroot, zal volgens een woordvoerder van het ministerie van verkeer en waterstaat leiden tot maximaal een half jaar vertraging.

Het debat van gisteren was aangevraagd door D66. Oorspronkelijk zou de Eerste Kamer slechts stemmen over de plannen van het kabinet met de Betuwelijn. D66 wilde echter nog met de minister spreken over de groeiende weerstand in Duitsland. Het afgelopen weekeinde bereikte de Eerste Kamer een brief waarin de stad Emmerich aankondigt alle mogelijke juridische middelen te zullen inzetten om doortrekking van de Betuwelijn te blokkeren.

Volgens Maij-Weggen was dit niets nieuws. Zij verzekerde de Kamer dat in Nederland “de bouw niet kan beginnen” voordat het kabinet “een helder en duidelijk signaal heeft dat ook in Duitsland de procedures verder bevredigend zijn verlopen en kunnen worden afgerond”.

Een motie van D66 om het besluit over de Betuwelijn uit te stellen werd slechts gesteund door een minderheid van VVD, GroenLinks, SGP en RPF. CDA, PvdA en GPV stemden voor het kabinetsbesluit over de Betuwelijn. Bij de VVD stemde één lid voor het besluit, bij de PvdA was één lid tegen.