Strak beleid werpt eindelijk zijn vruchten af

Silvio Berlusconi begint met de wind mee, als hij er inderdaad in slaagt een kabinet te vormen. Na twee zware jaren maakt de Italiaanse economie zich op voor een duidelijke opleving.

Trots presenteerde premier Carlo Azeglio Ciampi eind vorige week de cijfers over vorig jaar en de voorspellingen voor het lopende jaar. “De recessie is voorbij”, zei Ciampi. “Wij hebben de voorwaarden geschapen voor een duidelijke en blijvende groei.” Het is het gevolg van het economisch beleid van twee opeenvolgende kabinetten, dat van Ciampi en van zijn voorganger Giuliano Amato, die absolute prioriteit hebben gegeven aan de sanering van de overheidsfinanciën en eindelijk zijn begonnen met de aanpak van het begrotingstekort.

In veel van de cijfers is deze ommekeer zichtbaar. Vorig jaar is het bruto nationaal produkt gedaald met 0,7 procent. De voorspelling voor dit jaar is een groei van 1,3 procent. De handelsbalans vertoonde in 1992 een tekort van ruim twaalf biljoen lire, kwam vorig jaar op een overschot van 32 biljoen lire en voor dit jaar wordt een overschot van 44 biljoen lire verwacht. De lopende rekening van de betalingsbalans werd in 1992 afgesloten met een tekort van 34 biljoen lire, ongeveer 41 miljard gulden. Vorig jaar was er een overschot van 17 biljoen lire, en voor dit jaar rekent het kabinet op een overschot van 32 biljoen lire.

Hieruit blijkt dat de export de motor is van de economische opleving. De devaluatie van de lire en het akkoord dat met de bonden is gesloten over de beheersing van de arbeidskosten hebben de concurrentiepositie van het Italiaanse bedrijfsleven aanzienlijk versterkt. “Dit is een teken van de vitaliteit van onze economie”, zei Ciampi.

In de binnenlandse vraag zal deze opleving naar verwachting wat minder snel zichtbaar worden. Vorig jaar is die met 5,1 procent gedaald. Voor dit jaar wordt een bescheiden verbetering verwacht, maar het niveau van begin jaren negentig is nog ver weg. Vooral de daling in de binnenlandse autoverkoop is dramatisch: vorig jaar 21,5 procent. Dat verklaart waarom een van de belangrijkste plannen van Berlusconi voor een economische opleving belastingvoordelen zijn voor wie een nieuwe Italiaanse auto koopt.

Ciampi, ex-gouverneur van de Italiaanse centrale bank, onderstreepte dat de economische opleving ook mogelijk is doordat het vertrouwen in de lire weer is hersteld, na de forse devaluatie in september 1992. De bezuinigingen van de kabinetten van Amato en Ciampi en het rentebeleid van de centrale bank hebben grote schommelingen weten te voorkomen. Volgens het scheidende kabinet kan de inflatie dit jaar met een vol procent dalen, naar 3,5 procent.

De grote problemen blijven de werkloosheid en het begrotingstekort. De groei die voor dit jaar wordt voorspeld, moet tussen de twee- en driehonderdduizend nieuwe arbeidsplaatsen scheppen, maar dat is niet eens genoeg om de stijging van de vraag naar werk op te vangen. Verwacht wordt dan ook dat de werkloosheid dit jaar nog iets zal stijgen, van 10,4 procent vorig jaar naar 10,9 procent.

Het begrotingstekort lijkt onder controle te zijn gebracht, maar het is nog steeds schrikbarend hoog en zal voor een verdere integratie van Italië in Europa aanzienlijk moeten slinken. Voor dit jaar wordt een tekort voorspeld van 159 biljoen lire, ongeveer 190 miljard gulden. Bovendien krijgt het nieuwe kabinet een gat op de begroting mee van vijftien biljoen lire. Volgens minister van financiën Franco Gallo heeft dat niets te maken met slordig rekenwerk, zoals vaak in het verleden, maar met het feit dat het economische herstel onverwacht lang op zich heeft laten wachten. “De recessie is zwaarder dan was voorzien, vooral in het laatste trimester van 1993”, zei Gallo vrijdag bij de presentatie van de cijfers.

De beurzen en de financiële markten gokken op een duidelijke verdere opleving van de economie onder een kabinet dat wordt geleid door Silvio Berlusconi en zijn gestegen na het bericht dat de federalistische partij Lega Nord het groene licht heeft gegeven voor Berlusconi.

    • Marc Leijendekker