Libero H heeft een moeilijke jeugd gehad

OOTMARSUM, 12 APRIL. Terwijl hij zich zijn dagelijkse verzorging laat welgevallen, eet Libero H achteloos nog wat van zijn hooi. Van belangstelling houdt hij namelijk wel, deze 13-jarige heer van stand. Toen hij anderhalve week geleden na zijn zege uit Gothenburg terugkeerde in zijn stal, liet hij met een luide en duidelijke overwinnaarskreet horen dat de koning weer thuis was. Zo eist de hengst elke keer opnieuw weer even zijn rechtmatige plaats op in de hiërarchie van de stal, of hij nu anderhalf uur is weggeweest om te dekken, of vijf dagen om over een aantal hindernissen te springen.

De vaderlandse pers heeft zich deze dagen en masse op Libero en springruiter Jos Lansink gestort. Het duo behaalde maar liefst vijf overwinningen in kwalificatiewedstrijden voor de Wereldbeker, waaronder recent in Parijs en Gothenburg. Ze worden getipt voor de eindzege van het evenement, dat vanaf morgen in Den Bosch tijdens Indoor Brabant wordt gehouden. Libero blijft ogenschijnlijk onaangedaan onder de media-interesse. Het zelfde geldt voor zijn favorietenrol. Hij is de heer en meester van de stal. En dat weet hij als geen ander.

Libero is geen alledaags paard. Toen de hengst als vijfjarige door Hans Horn werd aangekocht, kreeg Lansink het dier onder het zadel. “Ik startte hem na een jaar in parcoursen van 1.20 meter hoog en werd toen al gewaarschuwd dat daar misschien wel zijn grens zou liggen”, zo herinnert Lansink zich nog goed. “Maar steeds bleken de grenzen na gedegen training en ervaring verlegd te kunnen worden. Dat is puur aan het karakter van Libero te danken en niet aan aangeboren springvermogen. In de training thuis vraag ik me nog wel eens af hoe het mogelijk is dat hij nu de zwaarste parcoursen waar ook ter wereld aan kan. Maar hij wil gewoon alles voor zijn ruiter doen. Daarin schuilt zijn grootste kracht.”

Libero heeft een moeilijke jeugd gehad. In zijn geval was dat de ideale voedingsbodem voor het ontwikkelen van een heuse vechtersmentaliteit. Wie de eerste twee en een half jaar van zijn leven als straatjongen buiten slijt, levert immers een gevecht tegen de elementen en tegen zijn soortgenoten. Libero H ontpopte zich in de Survival of the fittest al snel als leider. En dat is hij tot op de dag van vandaag ook altijd gebleven.

“Hij zou zich voor mij nog doodlopen, daarvan ben ik overtuigd,” zegt Lansink. “Dat geeft mij als ruiter de verantwoordelijkheid hem niet over te belasten. Op die mentaliteit moet je heel zuinig zijn.” Aan zijn buitenleven heeft Libero nog een voorliefde overgehouden voor frisse lucht. Op een wedstrijd in Maastricht met wat benauwde stallen voelde hij zich een keer zo weinig thuis, dat hij een koliek-aanval kreeg. Nog steeds probeert Lansink hem tussen de regenbuien door buiten te trainen en ook een uurtje weidegang houdt Libero goed gehumeurd.

Een aantal jaren geleden deed Libero zó zijn best, dat hij bij elke hindernis een halve meter hoger sprong dan nodig was. “Een heel erg voorzichtig en ijverig paard als Libero wil voortdurend boven zijn krachten presteren. Libero heeft veel tijd nodig om zichzelf te leren sparen en economischer te springen,” zegt eigenaar en bondscoach Horn.

De tijd die Libero gekregen heeft, heeft hem vanaf zijn eerste overwinning in de Grote Prijs van Lanaken in 1988 geregeld de overwinning gebracht. Omdat Lansink eerst over Felix en later over Egano als eerste paard beschikte, kreeg Libero de tijd om ervaring op te doen in de lichtere proeven in het internationale wedstrijdcircuit. Van 1990 tot 1993 werd Lansink vier keer achter elkaar Nederlands kampioen met de hengst. “Zo stelde hij mij steeds in staat mee te doen op het eerste plan bij blessures van mijn andere paarden”, zegt Lansink dankbaar. En Horn voegt daaraan toe: “Ik wil niet onmiddellijk zeggen dat Libero H een even grote ster is als Milton. Maar hij is een uniek dier. En in het rijtje van unieke paarden komt hij toch wel meteen na de crack van Whitaker.”

De krachtsexplosie die in de ring gevraagd wordt, duurt vaak niet langer dan twee minuten. Maar in de dagelijkse beweging die Libero fit houdt, gaat wel enkele uren zitten. “Weidegang, de stapmolen, even buiten rijden, het springen van hele lage hindernisjes als gymnastiekoefeningen, een toppaard houdt van afwisseling en veel aandacht. En die verdient hij natuurlijk ook”, zegt Horn.

Dagelijks wordt Libero bovendien weggebracht naar het dekstation om zijn tweede vak uit te oefenen. Voor zijn diensten wordt inmiddels 3.500 gulden per dekking gerekend. “Libero weet altijd precies waarvoor hij uit de stal wordt gehaald. Hij is op en top hengst, maar herkent mijn voetstap ook meteen”, beweert Lansink. “Met mij in het zadel concentreert hij zich volledig op mij en de hindernissen. Een paard met zijn persoonlijkheid is eenmalig, daarvan ben ik van overtuigd.”

    • Claartje van Andel