Incidenteel

TWEE F-16's BRENGEN nog geen vrede. De tweede gewapende ingreep van de NAVO in Bosnië betekent een verdere uitvoering van al lang geleden door de Veiligheidsraad aangenomen resoluties, en in die zin verdient hij steun. Maar als tactische zet in een ingewikkeld patroon van machtsverhoudingen dienen er toch de nodige vraagtekens bij te worden gezet. De eerste Servische reactie is bijvoorbeeld de verbreking van de betrekkingen met Unprofor, het commando van de blauwhelmen in Bosnië. De ene imponeerhouding lokt zoals te doen gebruikelijk de andere uit.

De Verenigde Naties kunnen zichzelf slechts een kans geven om een escalatie-zonder-doorbraak te voorkomen indien zij bereid zijn tot een bewuste poging de machtsverhoudingen ter plaatse ingrijpend te wijzigen. Dat betekent een andere dan een incidentele aanpak. Met genoegen is destijds vastgesteld dat het Russische diplomatieke succes bij de Serviërs daadwerkelijke uitvoering van het Sarajevo-ultimatum van de NAVO onnodig heeft gemaakt. Maar de Russen blijken de Serviërs niet aan een touwtje te hebben en het bij Sarajevo weggehaalde zware materieel is zo te zien ergens anders ingezet. Nauwkeuriger gezegd, Sarajevo is dan wel ontzet, en dat is op zichzelf van grote waarde, maar de Serviërs weigeren nog steeds de weg naar het diplomatieke vergelijk te gaan.

Opvallend is intussen het verschil tussen de internationale behandeling van de burgeroorlog in Bosnië en die in Ruanda en Burundi. Hoewel er in beide Afrikaanse landen duizenden worden afgeslacht en tien Belgische VN-waarnemers er vorige week het leven lieten, beperkt de internationale gemeenschap zich tot kennisneming van de beschermde evacuatie van Amerikaanse en Europese burgers. De verklaring dat de VN al overbelast zijn, bevredigt niet.