De romantiek van een oud gevaarte

SCHIPHOL, 11 APRIL. De romantiek van een oud vliegtuig, zeker wanneer het dienst heeft gedaan in de Tweede Wereldoorlog, is voor velen onweerstaanbaar.

Engeland heeft van elk type bommenwerper of jachtvliegtuig uit beide wereldoorlogen nog een exemplaar waarmee kan worden gevlogen. In de VS bestaan complete 'luchtmachten' van oude oorlogsvliegtuigen, met daarin opgenomen materieel van de oude vijand om het allemaal nog 'echter' te laten lijken. In Nederland bestaat sinds 1982 de Dutch Dakota Association, sinds 1988 de Duke of Brabant Air Force en sinds 1991 de Dutch Spitfire Flight, allen met het doel oud (oorlogs)materieel in de lucht te houden.

De Dutch Dakota Association geniet verreweg de meeste bekendheid. Om één groot vliegtuig en een kleintje in de lucht te houden en enkele verweerde rompen vliegrijp te maken, mag het rekenen op het beschermheerschap van Prins Bernhard en de financiele steun van zo'n 4000 vrijwilligers en negen bedrijven, waaronder de KLM en de Luchthaven Schiphol, maar ook een hotel, twee lease-bedrijven, een reisorganisatie, een verzekeringsmaatschappij en een streekvervoerder. Van de 4000 particulieren die een bijdrage leveren helpen er zo'n 160 daadwerkelijk actief mee aan de restauratie van de rompen en het 'operationeel' houden de enige vliegende Dakota en een klein verkenningsvliegtuig: de Stinson L5B Sentinel.

Een actieve vrijwilliger van de vereniging is Hans Karsten. Op de open dag die de Dutch Dakota Association gisteren hield in de eigen hangar in Schiphol-Oost, staat hij in een uniform met op de mouwen van het vliegersjasje een DDA-embleem, onder de romp van een tweede Dakota die vereniging enkele jaren geleden naar Nederland haalde en die van staartwiel tot antenne uit elkaar en weer in elkaar wordt gezet. Karsten, inspecteur bij een grote bank, verblijft elke dinsdagavond, alle ATV-dagen en de meeste zaterdagen in de DDA-hangar.

“Het is een zeer uiteenlopend gezelschap dat je hier treft”, verklaart Karsten zijn toewijding. “En ik vind de Dakota een prachtig vliegtuig. Het is interessant zo'n oud gevaarte weer in zijn oorspronkelijke staat terug te brengen. Daarbij hebben we geen haast. We hoeven niet volgend jaar maart of zoiets klaar te zijn. We doen het liever zorgvuldig.”

Af en toe maakt Karsten een rondje door de hal, waar bezoekers langs kraampjes met plastic vliegtuigmodellen en boeken kunnen lopen en parafernalia van de Dutch Dakota Association kunnen aanschaffen, hetgeen grif wordt gedaan. 'Stewardesses' delen 'deelnemersformulieren' uit: voor 125 gulden per jaar ontvangt men het zes keer verschijnende DDA-magazine met daarin onder meer de stand van zaken rond de restauratieprojecten. Op de eerste zondag van de maand is iedereen welkom op een borrel in de 'crewroom' en deelnemers hebben het alleenrecht op een rondvlucht in de vliegende Dakota. Helaas moet er wel voor een plaatsje worden geloot.

Dat gold niet voor de enthousiastelingen die gisteren voor een rondvluchtje hadden geboekt en in de rij stonden de Dakota te betreden. Dat was strak georganiseerd. Er moest voor de van veel strepen voorziene piloten tijd blijven de popelende luchtreizigers de ogen uit te steken door gewichtig onderaan de kleine vliegtuigtrap uitgebreid de ervaringen van de laatste vlucht te bespreken. En om daarna de luchtreizigers bloot te stellen aan forse turbulentie in de winterse buien die over Schiphol zwiepten.