Burgerarrest loopt uit de hand

In café Nieuw Amsterdam nemen ze het beladen woord liever niet in de mond. “We willen het geen burgerwacht noemen, het is een vorm van sociale controle”, zegt Katendrechter B. van Eeuwijk. En sociale controle is hard nodig in Katendrecht, want de wijk is in de greep van een misdaadgolf. Inbrekers, dealers, pooiers en straatrovers hebben vrij spel. “De politie doet haar best, maar na elf uur zie je ze niet.”

De bezorgde burgers die 's nachts over de Katendrechtse Kaap patrouilleren, nemen hun strijd tegen de misdaad serieus. Ze hebben een geblindeerd busje, portofoons, gummiknuppels en plastic duimboeien om onwillige arrestanten bij het politiebureau af te leveren. Thuis zit moeder met het 27MC-bakkie op wacht, voor als er een ploegje bijeen getrommeld moet worden. “We zijn geen knokkers”, zegt Van Eeuwijk. “Maar veertig werkende mensen die Katendrecht veilig willen houden.”

Toch erkent Van Eeuwijk dat zij in hun ijver vorige maand iets te ver gingen. Bij het politiebureau werd een arrestant afgeleverd in niet zo'n beste conditie. “Flink verbouwd, zijn kaak was aan puin geslagen. In het ziekenhuis moesten ze er plaatjes inzetten”, zegt hoofdinspecteur F. van der Molen, chef basiseenheid Maashaven. De man bleek niet aangehouden bij het plegen van een inbraak of een autokraak maar gewoon, tijdens het verdacht rondhangen. Wel had hij schroevendraaiers op zak dus over zijn criminele intenties bestond geen twijfel, meenden de burgerwachten die overigens die avond geen dienst hadden.

Twee weken eerder was een burgerarrest ook uit de hand gelopen. Toen had Van Eeuwijk driemaal met een alarmpistool in de lucht geschoten nadat zijn broer in café Nieuw Amsterdam in gevecht was geraakt met een inbreker. Omdat het even duurde voordat de politie de arrestant kwam ophalen, waren er rake klappen gevallen.

Voor de politie was na het tweede incident de maat vol: twee Katendrechters, onder wie Van Eeuwijk, werden enkele dagen op het politiebureau vastgehouden op verdenking van mishandeling. Een afvaardiging van dertig sympathisanten kwam protesteren. “Inbrekers staan voor het raam van ons café te lachen, een half uur nadat we ze bij de politie hebben afgeleverd. Celtekort, zeggen ze dan. Maar voor ons hebben ze wel zomaar een cel vrij”, pruilt Van Eeuwijk. Met de politie wil hij voorlopig niet meer praten.

Katendrecht, gelegen op een havenhoofd in de Nieuwe Maas, is een dorp in de stad. Een hechte gemeenschap met een rijke traditie op het gebied van actievoeren. Dat juist in Katendrecht een burgerwacht wordt opgericht, hoeft daarom niet te verbazen. Maar de Coolsingel heeft de escalatie in de hand gewerkt, denken ze bij de bewonersorganisatie Katendrecht. Want de sociale controle moet terug op straat, zeggen de Rotterdamse politici al jaren in koor.

Op zich een goede gedachte, maar de sympathie voor 'initiatieven van onderop' kan uit de hand lopen. In Katendrecht waren de ambtenaren misschien iets te begrijpend toen in november een open brief met tientallen handtekeningen in de bus viel. Als de politie niet optrad zou men zelf maatregelen nemen, dreigden de ondertekenaars. De gemeente belegde rap een bewonersvergadering met hoge ambtenaren en politiecommissarissen. Allen toonden begrip voor de Katendrechtse noden en prezen de sociale controle in de wijk.

Nu kijkt men met gemengde gevoelens op de bijeenkomst terug. Hoofdinspecteur Van der Molen: “Er had duidelijker gezegd moeten worden wat wel en niet mag. Een oogje in het zeil houden, okee. Maar geen knuppels, busjes en handboeien.” Hij hoopt de burgerwacht duidelijk te maken dat de politie het wachtlopen in het vervolg wel alleen aankan. “Want alles goed en wel, veiligheid blijft toch gewoon onze taak.”