Amsterdam kampt met tekort aan koopwoningen; Massale toeloop op 'huizenbingo'

Amsterdam bouwt in een razend tempo. Maar nog niet snel genoeg om te kunnen voldoen aan de enorme vraag naar koopwoningen.

AMSTERDAM, 11 APRIL. Die enkele toerist die al zo vroeg over het plein slentert, moet een bijzondere indruk van de Nederlanders krijgen. Een rij van honderden mensen kronkelt voor de kerkdeur. Laatkomers moeten twee straten verderop achteraansluiten. Een oprisping van geloofsijver? Nee, er worden huizen verkocht in de Zuiderkerk. Vijfhonderd om precies te zijn. Nieuwbouw in Nieuw Sloten. Er kwamen zaterdag en zondag zo'n tienduizend gegadigden op af.

“Ach je probeert het”, zegt de NS-beambte die helemaal achteraan staat. “Tegen beter weten in.” Hij is nu drie jaar op zoek naar een huis voor hem, zijn vrouw en twee kinderen want hun huurwoning in Overtoomse Veld wordt snel te klein. Het is de derde woningmarkt die hij binnengaat en telkens grijpt hij ernaast. Hij kan zich dan ook alleen maar sociale koop permitteren. “Of ik moet er bij gaan klussen.”

De huizen in de hoofdstad worden bestormd. Met de gunstige rentestand rennen beginners en doorstromers op de woningmarkt de makelaars, de corporaties en de inschrijvingsdagen af. Hun kansen? Het tijdschrift Profiel van de stedelijke woningdienst in Amsterdam geeft duidelijke voorbeelden van de overspannenheid: voor 28 sociale koopwoningen in Nieuw Sloten Noordwest hebben zich 1.043 gegadigden gemeld. Die verhoudingen zijn geen uitzondering bij nieuwbouw.

Het waren alweer de laatste 500 woningen in Nieuw Sloten die dit weekeinde in de verkoop gingen. Als de deur van de Zuiderkerk openzwaait, dringen de meeste eigenaren in spe zich naar de inschrijfbalie. De ambtenaar van ruimtelijke ordening, deels gevestigd in de kerk, kijkt het gedrang hoofdschuddend aan. “Het is ze niet aan het verstand te brengen dat het niet wie-het-eerst-komt, die-het-eerst-maalt is.” De rest kuiert langs de maquettes en plattegronden, door de modelwoningen en schiet hier en daar een makelaar aan. Als deze inschrijving voorbij is, is Nieuw Sloten vol. Moet de stad weer nieuwe gronden aanboren.

Amsterdam is in een razend tempo aan het bouwen. Volgens de Vierde nota ruimtelijke ordening extra (Vinex) moet het stadsgewest Amsterdam voor 2005 zo'n 105.000 woningen neerzetten, waarvan 40 procent binnen de huidige grenzen van de stad. De nieuwbouw door de gemeente was in 1980 naar een bedenkelijk niveau gedaald, aldus drs. J.F.W. Smit, hoofd sector wonen van de dienst ruimtelijke ordening. Niet meer dan 2.000 dat jaar. Nu heeft Amsterdam zichzelf tot taak gesteld jaarlijks 5.500 woningen te bouwen.

Bij al die bouwactiviteit is een verschuiving waarneembaar in het beleid. Aarzelend verschuift het huizenaanbod in Amsterdam van sociale (koop)woningen naar de marktsector. In 1992 heeft woon-wethouder Louis Genet (PvdA) een 'projectgroep markt' ingesteld. Verschillende stedelijke diensten werken daarin samen om de bouw te stimuleren van huizen waar voor de verandering geen of weinig geld bij hoeft. Voor nieuwbouw in de stad wil de gemeente een verhouding van 70 procent vrije en premiesector, tegen 30 procent sociale huur en koop.

Jaren sociaal-democratisch bouwbeleid, met name van Jan Schaefer die juist op de mooiste plekken van de stad de goedkoopste huurwoningen neerzette, hebben veel mensen de stad uitgeduwd. Zij die op zoek waren naar grotere, betere woningen, maar die te veel verdienden voor woningwetwoningen en te weinig voor de echt dure huizen, zochten in de jaren zeventig en tachtig hun heil in Purmerend, Hoofddorp of Almere.

In de Zuiderkerk kwamen dit weekeinde een paar toch weer kijken naar huizen in Amsterdam. Een familie uit Purmerend wandelt door modelwoning type E. De inrichting valt ze niet tegen tot ze bij de 'patio' komen, de trots van de architecten. “Is dit een tuin? Dit is een postzegel”, roept mevrouw. Achter haar Purmerendse rijtjeshuis ligt honderd vierkante meter groen. Van die mensen krijgt de stad er weinig terug, daarvan is Smit van ruimtelijke ordening doordrongen. “Maar je ziet wel dat we mensen in die inkomenscategorie nu in de stad kunnen houden.”

Ook de gestagneerde doorstroom in Amsterdam moet weer op gang gebracht. Wie verlaat een goedkope huurwoning in de binnenstad, enkel en alleen omdat-ie meer is gaan verdienen? Er zaten ook 'gaten' in de woningvoorraad, aldus Smit, in bepaalde prijsklassen werd te weinig gebouwd. “We zijn nu bezig met een inhaalmanoeuvre.” Het nieuwe beleid moet 'wooncarrières' stimuleren. “Mensen konden vroeger heel gemakkelijk op een goeie woning komen”, aldus M. Maten van de stedelijke woningdienst. Mensen uit stadsvernieuwingsbuurten werden meteen in een nieuwbouwwoning gezet. Nu gaat iemand die een vier kamers tellende huurwoning in een 'goede buurt' achterlaat, vóór op de lijst van koopwoningen.

Maar de lijsten zijn lang en de kopers liggen helemaal aan de leiband van de verkopers. Vorige week gingen negentien koopwoningen in Amsterdam-oost van de hand. Drie in de vrije sector, de rest premiekoop. Bijna 65, na loting overgebleven kandidaten hadden zich verzameld in de raadszaal van het stadsdeelkantoor, het decor voor deze loterij. “En dan gaan we nu de prijzen verdelen”, versprak het deelraadslid zich. Twee aan twee mochten de voornamelijk jonge stellen naar voren komen om hun droomhuis aan te wijzen.

Als de eerste optie op een van de vrije-sectorwoningen aan de Linnaeusstraat wordt vergeven, stijgt applaus op, als van sportieve Miss'en die de titel aan zich voorbij zien gaan. Het stel dat als nummer twaalf aan de beurt is, kan al niet meer krijgen wat het hebben wil. Ze moeten strategisch opteren, anders kunnen ze het helemaal op hun buik schrijven. Ze nemen de tweede optie op een vrije-sectorwoning, achter een andere kandidaat, en de eerste optie op een premiekoopwoning. “Onze zesde en achtste keus”, zegt de vrouw. “Je moet wel.” De vertoning bevalt haar niks. “Ron's Honeymoon Quiz.”

Voor mensen na haar valt zelfs al niet meer strategisch te spelen op deze kleine huizenbingo. Toen rangnummer 36 werd afgeroepen, kon dat stel alleen nog opties nemen achter drie andere kandidaten. Of een driekamerwoning. “Maar wij zitten nu op een vierkamerwoning.” Ze hebben niet de moeite genomen zich op te geven. Ze gaan in de buurt van Nieuwegein kijken. Of in de Betuwe.

    • Bas Blokker