De JOVD, onafhankelijke club van politiek geïnteresseerden; Broedmachine voor succesvolle zakenlui

Zijn er jongeren die zin hebben in een baan in de politiek? De Nederlandse parlementariër wordt door jonge mensen weinig status toegedicht. Liever wordt men account-manager of advocaat. Politieke jongerenorganisaties proberen interesse te wekken voor de politiek. In de aanloop naar 3 mei een serie over vijf organisaties. Deel één: de Jongeren Organisatie Vrijheid en Democratie.

Op een zolderetage in een anti-kraakpand aan het Amsterdamse Rusland is de commissie buitenland van JOVD-Amsterdam bijeen. Aan de muren van gastheer Marcel van der Schaaff hangen de gebruikelijke trofeeën van een rommelige studententijd.

Vergeelde reclameplaten, foto's van wintersportvakanties, posters van Jim Morrison en Eric Clapton. Het straatmeubilair ontbreekt niet.

Of ik verbaasd ben? “De Jongeren Organisatie Vrijheid en Democratie is namelijk helemáál geen ballenclub. Het is een open organisatie waar iedereen terecht kan.” In het lustrumboek 'De jonge liberalen' staat een afscheidsbrief van Elco Brinkman, die hij in 1969 schreef toen hij de JOVD inruilde voor het echte werk bij de christen-democraten. “Maar Aad Kosto is óók lid geweest, hoor”, lijkt Marcel zich bijna te verontschuldigen. De jonge liberalen hebben sinds de oprichting, maar vooral eind jaren '70, begin jaren '80, moeten vechten tegen het mediaspook van vroeg-oude fabrieksdirecteuren in de notedop. Wijlen De Waarheid schilderde de JOVD in 1983 af als “een broedmachine voor succesvolle zakenlui, gehuld in blauwe blazers en grijze pantalons”.

Eén jaar na de oprichting van 'moederpartij' VVD werden in 1949 in de Haagse Pulchri Studio door 35 jonge liberalen de JOVD-statuten opgesteld. Nu, 45 jaar later, kijkt de JOVD in het lustrumjaar terug op een woelige geschiedenis. In 1966 resulteert de escalatie van een conflict binnen de liberale gelederen in de oprichting van D'66. Het Amsterdamse VVD-raadslid Hans Gruyters weigert in te gaan op de uitnodiging voor de huwelijksreceptie van prinses Beatrix en Claus von Amsberg. De VVD-partijtop is in alle staten. De steunbetuiging van toenmalig JOVD-voorzitter Hans Wiegel aan Gruyters kan niet verhelpen dat de afvallige liberaal de partij verlaat en met gelijkgezinden D'66 formeert. JOVD'er Reinier Heyting typeerde het geval destijds met de woorden: “Iedereen die niet voldeed aan het modale AVRO-profiel werd het door het VVD-partijkader moeilijk gemaakt.”

1994. Joost Kokke is student politicologie en voorzitter van de commissie buitenland. Hij deelt aan de tien commissieleden het Politiek Kernprogramma van de JOVD en hoofdstukken uit de CDA- en D66-verkiezingsprogramma's uit. Vanavond wordt het eigen kernprogramma onder de loep genomen. Want het is allerminst vanzelfsprekend dat de afdeling Amsterdam zich kan vinden in het landelijk JOVD-programma. Na een korte leespauze is het economie-student Marcel die de discussie opent over programmapunt 10.1. De JOVD streeft naar liberalisering van de wereldmarkt, noodzakelijk voor een evenwichtige welvaartsverdeling. Marcel: “Zonder voetnoten kan ik me daar niet in vinden. Landen als Korea zijn er juist gekomen door afbakening van de binnenlandse markt.” Robert, politicologiestudent, vindt dat de liberalisering van de markt haaks staat op de betuttelende milieumaatregelen, verderop in het kernprogramma. Robert: “Huidige ontwikkelingslanden die streven naar economische groei hebben de eerste vijftig jaar geen énkele interesse in milieu-normen.” De commissie buigt zich vervolgens over een nieuw te installeren ministerie. Buitenlandse Zaken en Defensie moeten worden samengevoegd tot één ministerie van buitenlandse politiek & defensie, bemand door drie onderministers buitenlandse zaken, ontwikkelingssamenwerking en defensie. De tien jonge liberalen lachen schamper. Het nieuwe ministerie wordt weggehoond. De punten Uitbreiding Europese Unie en Landbouwsubsidies worden eveneens snel afgehandeld. De commissie neemt geen concreet besluit om, op basis van de kritiek, op de komende afdelingsvergadering, moties tegen in te dienen.

Met ongeveer tachtig leden is afdeling Amsterdam een van de snelst groeiende van de zeventig JOVD-afdelingen in het land. “We hebben nu 3.383 leden. We groeien weer gestaag, alleen het katholieke zuiden blijft achter”, meldt de landelijke voorzitter Koen Petersen. Boven het bureau van de 25-jarige doctorandus in de politicologie en Amerikanistiek hangen portretten van Bush en Quayle. “Lijk ik op Dan Quayle!? Nou, daar ben ik dan mooi klaar mee.” Uit Koens luidspreker zwelt jazzmuziek aan; op het dressoir is zijn verzameling pijpen uitgestald. Met zijn gaatjesschoenen en de streepjesboord die boven zijn lamswollen trui uitsteekt, zit het met zijn liberale uitstraling wel goed. Maar hoe maak je als voorzitter van een politieke jongerenorganisatie jongeren politiek bewust? Koen: “Bij mij zelf is het begonnen op de middelbare school, met het kruisraketten-debat. Ik was vóór de plaatsing, natuurlijk. En dan kom je bij de liberalen terecht.” Na een carrière in de jongerenafdeling Kennemerland kwam hij als student in Amsterdam. In plaats van een studentenvereniging koos hij een actief lidmaatschap van de JOVD. Eind 1992 werd hij gekozen als landelijk voorzitter. Van een moeder-dochterrelatie met de VVD is volgens Koen nauwelijks sprake. “De VVD betaalt een miniem bedrag en verder is er een samenwerkingsovereenkomst. Dat houdt in dat we sommige scholingsprojecten samen doen en verder geen energie verspillen aan elkaar beconcurreren.” De JOVD profileert zich als een onafhankelijke club van politiek geïnteresseerden. Naast interne discussie in werkgroepen en commissies organiseert de jonge-liberalenclub lezingen op scholen, excursies naar bijvoorbeeld het Europees Parlement en cursussen conflicthantering en debating. Maar echt veel enthousiasme voor politiek kom je onder jongeren niet tegen, verzucht de voorzitter. “Aan de universiteit, zéker op een faculteit als politicologie, verwacht je toch wel enige interesse. Maar de meesten komen met hun engagement terecht bij Greenpeace of Amnesty. Niet bij een politieke club. Jongeren hebben geen enkel vertrouwen in politici.” Volgens Koen is het allemaal te wijten aan het huidige politieke stelsel. “Als je in Nederland als politicus wil scoren, moet je de gestaalde kaders doorlopen. Op tijd klappen voor, en lachen om de partijvoorzitter, posters plakken, het hele circuit doorlopen. Dat resulteert in politici zonder roeping, politici die de publieke opinie volgen, in plaats van vormen.”

Enkele van Koens voorgangers, zoals Hans Wiegel, Ed Nijpels en Frank de Grave, stroomden van de JOVD met succes door naar de VVD. Maar Koen beschouwt zijn voorzitterschap niet als een opstap naar een politieke carrière. “Ik wil eerst iets als organisatie-adviseur gaan doen. Daarna wellicht de politiek in. Je moet als politicus kunnen terugvallen op een maatschappelijke carrière. Als je financieel afhankelijk bent van de politiek, dus je hypotheek en auto moet afbetalen van dat inkomen, dan ben je, nou ja... corrumpeerbaar is misschien een groot woord, maar wel veel te gemakkelijk te verleiden tot allerlei concessies.” Op Koens politieke agenda heeft het terugdringen van de invloed van het maatschappelijk middenveld de hoogste prioriteit. “Al die belangengroepen, corporaties en stichtingen. Die hebben veel te veel macht.” Een andere prioriteit van de JOVD-voorzitter betreft de jeugdwerkloosheid. “Jongeren moeten veel meer gestimuleerd worden om ander werk aan te pakken, dan waar ze voor opgeleid zijn.”

Koens grote voorbeeld in de politiek is D66'er Jan Willem Bertens. “Ik ben niet per se gecharmeerd van een VVD'er. Geen enkele partij is heilig. Bertens is gewoon erg relativerend, geen tobber, een gezellige vent. De meeste politici nemen zichzelf zo serieus.”

Rond middernacht houdt de commissie buitenland het Politiek Kernprogramma voor gezien. Gastheer Marcel vindt het tijd voor een wat luchtiger onderwerp en haalt de affaire rondom Bolkesteins uitglijder 'Europa voor de Europeanen' nog eens op. “Bolkestein is soms gewoon licht ongenuanceerd, maar dan legt hij het de volgende dag toch netjes uit. Ondertussen heeft-ie wel de volle laag publiciteit gekregen. En het lijkt alsof hij de politieke agenda bepaalt. 't Is gewoon slim.”

Joost Kokke verzet zich fel tegen het leiderschap van Bolkestein. “Hij is veel te dictatoriaal.” Volgens de Italiaanse student Ulysse is het niet erg als Bolkesteins uitlatingen potentiële CD-stemmers naar de VVD trekken. Ulysse: “Binnen de VVD kun je ze tenminste onder de duim houden.” Naast me fluistert de vicevoorzitter politiek Jan Hulscher - co-assistent in een Amsterdams ziekenhuis - op dwingende toon: “Wil je dit niet als een officieel JOVD-standpunt noteren, graag!”

    • Tijn Sadée