Bedrag van Belgische belastingfraude is even groot als financieringstekort

BRUSSEL, 9 APRIL. De jongste maatregel van de Belgische regering in haar voortdurende strijd tegen belastingfraude werd afgelopen 1 april genomen, en oogde ook als een 1 april-grap. Wie sinds vorige week in België een restaurant verlaat, moet een BTW-bonnetje op zak hebben of riskeert een boete van 1.000 frank (ongeveer 55 gulden). Op die manier schuift de Belgische regering de klant medeverantwoordelijkheid in de schoenen voor het fiscale gedrag van de restauranthouder. Wie na de genoten maaltijd geen BTW-bonnetje krijgt, moet er maar om vragen.

De Brusselse emeritus-hoogleraar Max Frank dacht evenals de meeste van zijn landgenoten aan een grap, maar ook hij is inmiddels wel doordrongen van de ernst van de maatregel. Hij maakt een veelzeggend gebaar waaruit zijn grote scepsis valt te lezen. “Restauranthouders krijgen een boete van 5.000 frank als ze betrapt worden bij het niet-uitschrijven van een BTW-bonnetje. Volgens mij zou het veel beter zijn om het bedrag van die boete fors te verhogen in plaats van de klant ook te beboeten.”

Als hoogleraar aan de Université Libre de Bruxelles maakte Frank naam als autoriteit op het gebied van belastingfraude, een terrein waarop in België veel eer is te behalen, getuige de steeds weer terugkerende verhalen over de fiscale ontduiking en het zwart werken op grote schaal. Ook nu hij de tachtig al is gepasseerd en hij al tien jaar met emiraat is, blijft Frank zich inzetten voor een “rechtvaardiger” en een “doorzichtiger” belastingregime in België. Zo wil hij dat het in België geldende systeem van de 'bevrijdende' voorheffing (van 13,4 procent) op inkomsten uit kapitaal wordt vervangen door het Nederlandse systeen van rente-renseignering, waarbij banken zijn verplicht rente-inkomsten van hun cliënten door te geven aan de fiscus. Het is “onrechtvaardig” dat inkomen uit arbeid in België veel zwaarder wordt belast dan inkomen uit kapitaal, zegt Frank.

In een vorige week verschenen artikel in het blad Cahiers Economiques de Bruxelles houdt de emeritus-hoogleraar een uitgebreid pleidooi voor de oprichting van een 'koninklijke commissie' met als opdracht de omvang van de belastingfraude in België gedetailleerd in kaart te brengen. Ook Frank gaat er vanuit dat in België op relatief veel grotere schaal belasting wordt ontdoken dan bijvoorbeeld in Nederland - hoewel hij de indruk heeft dat er internationaal gezien in Europa de afgelopen jaren een “nivellering naar beneden toe” plaats vindt van de belastingmoraal.

Probleem is echter, dat er geen adequate cijfers voorhanden zijn, aldus de emeritus-hoogleraar. Het laatste onderzoek dat in opdracht van de Belgische regering is verricht, had betrekking op de jaren 1966, 1968 en 1970. Op eigen houtje heeft Frank daarna nog een aantal ramingen ondernomen naar fiscale fraude en fiscale 'onderschatting'. Zo werd er volgens hem in 1983 voor 733 miljard frank (ruim 40 miljard gulden) niet opgegeven aan de fiscus, hetgeen neerkwam op een belastingverlies voor de schatkist van 322,6 miljard frank.

Nu tien jaar later heeft professor Frank nog eens een rekensom gemaakt, daarbij vertrekkend van de gegevens over fraude en ontwijking die bij de vroegere onderzoeken boven tafel kwamen. Extrapolerend komt hij tot de conclusie dat de Belgische overheid vorig jaar tussen de 400 à 550 miljard frank (22 tot ruim 30 miljard gulden) aan belastinginkomsten heeft misgelopen door fraude, ontwijking en onderschatting.

Dat is maar liefst 22 tot 26 procent van de werkelijke belastingopbrengsten in 1993. En het bedrag aan gederfde ontvangsten is bijna even groot als, zo niet groter dan het financieringstekort (van 513 miljard frank) dat alle Belgische nationale, gewestelijke en lokale overheden vorig jaar te samen hadden, inclusief de tekorten in de sociale zekerheid. Zonder fraude zou de regering-Dehaene zich veel minder zorgen hoeven te maken over de toetreding van België tot de economische en monetaire unie (EMU).

Nieuw onderzoek door een regeringscommissie is volgens professor Frank niet alleen nodig om de statistici in België aan meer betrouwbare globale cijfers te helpen, maar ook om een nauwkeurig uitgesplitst inzicht te krijgen welke inkomensgroepen en welke beroepsgroepen vooral een loopje nemen met hun belastingplicht. Uit vroeger onderzoek door een werkgroep van het ministerie van financiën blijkt dat het vooral om de vrije beroepsbeoefenaren gaat zoals advocaten, notarissen, artsen, handelaren en landbouwers. Bij artsen werd in 1970 bijvoorbeeld een fraudepercentage van 22 procent aangetroffen en bij advocaten van bijna 26 procent. Wellicht zat de onlangs ontslagen burgemeester Demaret van Brussel er toch niet zo heel ver naast toen hij in een spraakmakend interview de Belgische rechters als belastingfraudeurs betitelde. “Want alvorens magistraat te worden zijn ze advocaat geweest en de toestand is dat advocaten bijna geen inkomsten aangeven”,sprak Demaret.

België is niet het enige land waar - haast per definitie - de fraude toeneemt, naarmate de rijkdom stijgt. Maar dat maakt de belastingontduiking niet minder ontoelaatbaar, aldus Frank. Hij hoopt dat door publikatie van de fraudegegevens de publieke opinie wordt gemobiliseerd - “dat is nu niet het geval” - en dat maatregelen van de regering daarmee een breder draagvlak krijgen. De emeritus-hoogleraar haalt uit zijn boekenkast het rapport van de ministriële werkgroep uit de jaren zeventig te voorschijn. 'Confidentieel' heeft de toenmalige minister van financiën, Willy De Clercq, erop laten drukken. Die mentaliteit moet dus veranderen, betoogt Frank.

Hoe wijd verspreid belastingontduiking is in de Belgische maatschappij, bleek afgelopen herfst ook uit een nota van goeverneur Alfons Verplaetse van de Nationale Bank aan premier Dehaene. Uit internationale berekeningen zou blijken dat meer dan 15 procent van de economische bedrijvigheid in België 'zwart' gebeurt. Het gaat om 300.000 à 400.000 banen. Dat beeld wordt bevestigd door het ministerie van sociale zaken. Vorig jaar werden 16.000 processen verbaal opgesteld in verband met zwart werken; in 1992 nog “slechts” 9558. Volgens een zegsman op het ministerie heeft de sterke stijging waarschijnlijk te maken met de toevloed van illegale werknemers uit met name Oost-Europa. Maar ook op Sociale Zaken kan men slechts gissen naar de werkelijke omvang van het verschijnsel.

Het zou onjuist zijn om de regering-Dehaene te verwijten dat ze helemaal niets doet, of om haar daadkracht alleen af te meten aan het al dan niet tonen van een BTW-bonnetje na een maaltijd. Het kabinet heeft de afgelopen tijd een groot aantal maatregelen afgekondigd om fraude te bestrijden en om de inning van belastinggelden te verbeteren. Zo heeft de Bijzondere Belastinginspectie er extra mankracht bijgekregen. En onlangs is het beginsel van 'economische realiteit' ingevoerd, waardoor de belastingsdienst gemakkelijker juridische constructies kan verwerpen die louter en alleen dienen om belastingheffing te ontwijken.

Professor Frank erkent het belang van al die maatregelen, maar ze zijn volgens hem nog niet voldoende. “Mijn pleidooi is ook niet geschreven als aanval op de regering, het is bedoeld als ondersteuning in de strijd tegen de fraude”, zegt hij. Maar er zal nog veel meer moeten gebeuren om de fraude effectief aan te pakken. “Het beginsel van de 'economische realiteit' zal in België nog vele jaren onderwerp zijn van juridische processen. Een wet maken is één, de praktijk aanpassen is wat anders. Het zal in dit land nog jaren en jaren duren voordat de 'economische realiteit' in de praktijk algemeen wordt toegepast”, voorspelt hij.

Een begin van een verandering is er. Daarom is het zo belangrijk dat gedetailleerde onderzoeksgegevens over de werkelijke omvang van de belastingontwijking in de openbaarheid komen, zegt Frank. “De publieke opinie kan de regering onder druk zetten om verder te gaan.”