Wierenga is 'uitermate tevreden' over einde beraad

DEN HAAG, 8 APRIL. Voorzitter Wierenga van de commissie die het IRT-drama onderzocht, is “uitermate tevreden” over het verloop van het Tweede Kamerdebat over zijn rapport.

“De beide ministers, maar ook de minister-president hebben het rapport onthutsend en vernietigend genoemd en tegelijkertijd zeer betrouwbaar en zeer overtuigend”, zei Wierenga na het antwoord van de regering aan de Kamer.

Vanmorgen zei hij voor de VARA-radio te verwachten dat de door het kabinet aangekondigde functioneringsgesprekken met de top van de Amsterdamse politie en justitie gevolgen voor haar posities zullen hebben. Het gaat daarbij om hoofdofficier Vrakking, hoofdcommissaris Nordholt, procureur-generaal Van Randwijck en politie-commissaris Van Riessen. Minister Hirsch Ballin uitte gisteren felle kritiek op hun optreden. Hetzelfde gebeurde in het rapport van de commissie-Wierenga.

Wierenga is ook verheugd dat met name Hirsch Ballin nadrukkelijk heeft aangegeven ook de aanbevelingen die in het rapport staan, over te nemen. “Hij is daar duidelijk over geweest. Er moeten landelijk erkende afspraken worden gemaakt opdat de minister volledig op de hoogte is. We kunnen niet in een situatie komen dat bijvoorbeeld Den Bosch andere richtlijnen hanteert dan Amsterdam, of andersom.”

Wierenga benadrukte nog eens dat hij niet was geschrokken van persberichten waarin werd geciteerd uit geheime IRT-notulen. Alle informatie was bij de commissie bekend en heeft meegewogen in het eindoordeel. “Daarom ben ik ook blij dat Brinkman, die ook alle geheime stukken van ons rapport heeft gelezen, geen verschil zag tussen ons oordeel en dat van de leden van de commissie inlichtingen- en veiligheidsdiensten. Daarmee is, wat ik maar noem de aanval uit het Amsterdamse, voldoende gepareerd”, aldus Wierenga. De Amsterdamse krant Het Parool publiceerde enkele keren berichten waaruit moest blijken dat het toch de werkmethode was die uit de hand was gelopen, en niet de tegenwerking van het Amsterdamse korps.