Startstipendium kunstenaar belast

DEN HAAG, 8 APRIL. Een beginnend kunstenaar moet inkomstenbelasting betalen over zijn startstipendium. Daar staat tegenover dat hij zijn beroepskosten mag aftrekken voor de inkomstenbelasting. Dat blijkt uit een uitspraak van de Belastingkamer van de Hoge Raad die vandaag is vrijgegeven.

Het proefproces voor de hoogste belastingrechter was aangespannen door een in 1987 afgestudeerde mode-ontwerpster, die over de periode december 1988 tot en met november 1989 van de Stichting Fonds voor beeldende kunsten, vormgeving en bouwkunst een startstipendium van 35.000 gulden ontving. Per jaar wordt dit stipendium toegekend aan 100 tot 110 kunstenaars, die hun opleiding tenminste een half jaar achter de rug hebben.

De raadsman van de mode-ontwerpster heeft tevergeefs aangevoerd dat het bij het stipendium niet gaat om “inkomsten uit andere arbeid”, maar om een soort van studiebeurs die uitsluitend wordt verleend op grond van de kwaliteit van het eindexamenwerk. Het Gerechtshof liet dit argument onbesproken, en de Hoge Raad volgt dat voorbeeld. Aanvraag en toekenning van het stipendium vormen een beloning voor in het economisch verkeer te verrichten werkzaamheden, aldus de Hoge Raad.

De raadsman van de mode-ontwerpster vond dat oordeel onjuist, omdat de tegenprestatie van zijn cliënt slechts bestaat uit een verplicht verslag over de “ontplooide activiteiten”; dat had bij wijze van spreken het maken van een wereldreis kunnen zijn. In hoeverre de uitspraak gevolgen heeft voor de veel omvangrijker bedragen die door het Fonds worden uitgekeerd in de vorm van basisstipendia aan gevestigde kunstenaars, valt niet met zekerheid te voorspellen. In totaal beschikt het Fonds per jaar over 34 miljoen gulden voor start-stipendia, basisstipendia en werkbeurzen.

Het basisstipendium is een bedrag waarmee de kunstenaar zijn inkomen naar eigen keus mag aanvullen. Per jaar mag maximaal 27.500 gulden worden opgenomen bij het Fonds, op voorwaarde dat basisstipendium plus andere inkomsten niet hoger uitvallen dan 35.000 gulden per jaar. Omdat het hier draait om een inkomensaanvulling, gaat het Fonds er vooralsnog vanuit dat het opgenomen deel van het basisstipendium eveneens belastbaar is. De basisstipendia vervangen de oude bijstandsuitkering met beroepskostenvergoeding waarop kunstenaars recht hadden. De eerste aanslagen over basisstipendia zullen de kunstenaars pas worden opgelegd in 1995, bij de aangifte over 1994.