EK ontbeert een Nederlandse topbadmintonster

ROERMOND, 8 APRIL. De nationale badmintonwereld zit met smart te wachten op een nieuwe ster. Na het afscheid van Eline Coene, die alleen in de Duitse competitie optreedt, is er nog steeds niemand die haar plaats kan innemen. Tijdens de Europese kampioenschappen, die zondag in Den Bosch van start gaan, moet bondscoach Franssen het doen met de huidige topspelers (Pierre Pelupessy, Astrid van der Knaap en Erica van den Heuvel), met een speler die al een paar jaar tegen de Europese subtop aanleunt (Jeroen van Dijk) en met enkele nieuwelingen op het internationale vlak. Franssen, die na de Olympische Spelen van Barcelona Martijn van Dooremalen opvolgde, heeft ook nog eens te maken met een gehandicapte ploeg, want Chris Bruil en Joris van Soerland zijn al voor er één shuttle over het net is gegaan, afgevallen. Bruil heeft last van een slepende enkelblessure. Een kijkoperatie op 15 april in Amsterdam moet uitsluitsel geven over de schade die is aangericht. Van Soerland, met Kuiten nationaal kampioen in het dubbelspel, liep tijdens een toernooitje onlangs een knieblessure op.

Ondanks deze tegenvallers heeft de 41-jarige Franssen besloten geen beroep te doen op nieuwe spelers. “Niemand is van voldoende niveau, dus het had ook geen zin om anderen op te roepen. Vorig jaar bij het WK had ik in totaal slechts acht spelers tot mijn beschikking. Dat was al voldoende. Nu heb ik van een bredere selectie van dertien spelers er nog elf over. Met dit team moeten we met drie 5-0-overwinningen kunnen promoveren naar de hoogste Europese divisie.

Op de opmerking dat de badmintonploeg met smart wacht op nieuwe sterren (junioren als Paliama, Beenhakker, Meulendijks) reageert de Limburger terughoudend. “Als je ervan uitgaat dat Bruil en Van Dijk met hun 23 jaar al tot de oudjes behoren, dan is dat misschien wel zo. Maar deze jongens kunnen bij een uitgekiend trainings- en wedstrijdprogramma zeker nog groeien. Het is alleen de vraag of ze heel blijven. Dat is trouwens in het algemeen het grote probleem in onze sport. De allerbesten zijn diegenen die zo sterk zijn dat ze de trainingen en wedstrijden gedurende lange tijd aankunnen.”

En dat zijn al jaar in jaar uit de Indonesiërs. In Europa geldt dat voor de Denen Hoyer-Larsen en Stuer-Lauridsen, de favorieten bij de komende EK. De sterkste na-oorlogse speler van de wereld is waarschijnlijk Susi Susanti. De olympisch en wereldkampioene, ook afkomstig uit Indonesië, zei tijdens de Dutch Open over haar succes: “Ik train dagelijks ten minste twee keer. Je kunt eigenlijk niet te hard trainen. Je kunt wel verkeerd trainen.” Die laatste opmerking is Franssen uit het hart gegrepen. “Er wordt in Nederland veel gezeurd. Maar spelers die de top willen bereiken, moeten bereid zijn kei- en keihard te trainen. Ik heb nu in de selectie een paar spelers zitten, die veel talent hebben. Maar of ze ook echt doorbreken, hangt vooral van henzelf af.” En, om maar weer even de zijsprong naar het meest succesvolle badmintonland Indonesië te maken: “Daar wordt uiterst gedisciplineerd gewerkt. Daarom ook domineren zij de ranglijsten. Wij hebben nog steeds spelers rondlopen, die denken zich te kunnen veroorloven om én topbadminton te bedrijven en ook nog eens uitgebreid op wintersport te gaan en carnaval te vieren. Voor mij staat buiten kijf dat er keuzes gemaakt moeten worden.”

Spelers die die keuze niet wensen te maken, zullen in de toekomst op weinig clementie kunnen rekenen van de bondscoach, die in tegenstelling tot zijn voorganger Van Dooremalen een harde aanpak voorstaat. De laatste weken heeft hij intensieve gesprekken gevoerd met zijn selectie. Hij is zelf van mening, dat hij de spelers ervan heeft overtuigd, dat alleen het puur kiezen voor topsport vruchten afwerpt.

Ondanks het feit, dat uiteraard 's werelds sterkste spelers (de Aziaten) in de Bossche Maaspoort ontbreken, zal dat bij de komende EK beslist niet tot grote Nederlandse successen leiden. Als de promotie naar de A-poule bewerkstelligd kan worden - dinsdag valt daarover de beslissing - en als daarnaast nog enkele medailles in de dubbelspelen kunnen worden veroverd, is de badmintonbond dik tevreden.