Cheerleaders

Dyan Sheldon, Naar je vriendin word je beoordeeld. Vert. Ank van Wijngaarden. Uitg. Ploegsma. ƒ 26,96. Vanaf 12 jaar.

John Marsden, Lieve Tracey... Lieve Mandy. Vert. Tineke Funhoff. Uitg. Jenny de Jonge. ƒ 24,75. Vanaf 13 jaar.

Behalve Leni Saris schrijft geloof ik niemand nog meisjesboeken, maar het zogeheten meidenboek bloeit volop. Niet dat er veel verschil is: de heldinnen hebben weliswaar plooirok en twinset ingewisseld voor spijkerbroek en sweater en ze zijn beduidend mondiger geworden, maar het doel waar ze op afstevenen is nog altijd de Ware Liefde.

Maar het mag vooral niet braaf en truttig zijn, dus er moet nog iets bij, een vleugje engagement of, nog mooier, een Boodschap. Dat je bij voorbeeld niet koste wat het kost moet willen veranderen, dat ze je maar moeten accepteren zoals je bent, want anders zijn het je vrienden niet. Kort gezegd komt het daar in Dyan Sheldons Naar je vrienden word je beoordeeld - onmogelijke titel overigens - op neer. Het is het verhaal van Jenny en Amy, twee hartsvriendinnen die langzaam maar zeker uit elkaar groeien. Lelijk eendje Amy verandert opeens in een zwaan en kan aldus genade vinden in de ogen van de stukken van de school: mooie, slanke en vooral blonde Barbiepoppen wier voornaamste ambitie het is om deel uit te maken van het cheerleadersteam. Maar Jenny, een donkerharig brildragend propje, weet dat dit alles voor haar wel nooit weggelegd zal zijn. De weg naar zelfacceptatie is lang en moeizaam, dat spreekt, maar gelukkig bestaan er ook meiden die ècht om Jenny geven en nog wel iets anders aan hun hoofd hebben dan jongens en kleren. En als een van hen ook nog eens een leuke onconventionele broer blijkt te hebben, ja dan...

Het in de ik-vorm geschreven verhaal is niet bepaald wereldschokkend en mist het raffinement en de kracht van bijvoorbeeld dat fascinerende vriendinnenboek van Lydia Rood, Een mond vol dons. In tegenstelling tot Rood reikt Sheldon haar lezers al van alles aan voordat ze zichzelf hebben afgevraagd hoe het zit. En àls er iets intrigeert in dit overigens vlot geschreven boek, kan het eigenlijk alleen maar de couleur locale zijn, de Amerikaanse highschool-cultuur waarin veel draait om het cheerleaderschap en de eeuwige strijd tegen de calorieën. Maar de keuze waar Jenny mee worstelt - jezelf blijven of veranderen en erbij horen - is universeel en dat maakt haar verhaal heel herkenbaar. Jenny komt bovendien tamelijk levensecht uit de verf, het is zo'n meisje waarvan er zoveel zijn, zo een die vooral niet wil opvallen. Dat ze uiteindelijk tot een heldendaad komt waar ze het halve boek tegenaan heeft gehikt omdat die niet in de geest is van de 'supertieners', vond ik zwak: Jenny mag dan geleerd hebben zich niets van anderen aan te trekken, zonder de hete adem van die leuke jongen in haar nek zou ze er nooit toe gekomen zijn. Dus dat 'jezelf zijn' is in dit geval ook maar betrekkelijk.

Veel intrigerender, omdat niets is wat het lijkt, is John Marsdens Lieve Tracey... Lieve Mandy..., een briefwisseling tussen twee meisjes die elkaar via een advertentie hebben gevonden. Het ene meisje, Tracey, doet aanvankelijk heel vaag over haar levensomstandigheden: er zijn een heleboel brieven voor nodig voordat ze onthult dat ze in een jeugdgevangenis zit waar ze nog jaren zal moeten blijven. Geleidelijk ontwikkelt zich een vriendschap waar Tracey steeds meer van opbloeit omdat haar penvriendin Mandy haar ondanks alles steunt, maar onder dat oppervlak blijkt er van alles scheef te zitten. Het is niet Tracey maar Mandy die het echt moeilijk heeft, in haar opgewekte peptalk laat ze doorschemeren dat ze zich bedreigd voelt door haar broer. Maar Tracey weigert dit onder ogen te zien omdat, zoals ze zelf toegeeft, ze behoefte had aan een vriendin uit een gewoon gezin in plaats van iemand die tot haar nek in de narigheid zit.

Traceys 'ontmaskering' geeft zo'n speciale draai aan de correspondentie dat ook de lezer al gauw geneigd is zich af te sluiten voor wat Mandy dwarszit. Door al die wederzijdse ontboezemingen, over school, over het leven in een jeugdgevangenis, over jongens, over vriendinnen, word je eigenlijk op het verkeerde been gezet. Het lijkt allemaal heel openhartig (overigens worden de beide meisjes soms wel erg wereldwijs en witty voorgesteld ('Adam klinkt veelbelovend', schrijft Tracey ergens. 'Als je me echt een kerstcadeau wil sturen, stuur hem dan hierheen voor een paar dagen. Daar ben ik langzamerhand wel aan toe. De volgende keer dat we als fruit bananen krijgen, ben ik niet verantwoordelijk voor wat er gebeurt.') Het einde is dan ook veel wranger dan we konden vermoeden. We komen er niet achter wat er nu precies is gebeurd met Mandy, terwijl de laatste brief van Tracey ook niet veel goeds voorspelt. Maar het is moeilijk om de vinger op de zere plek te leggen, de suggestie wint het van de pasklare ontknoping, de onderhuidse spanning van het opgewekte tienergebabbel en een oplossing is er al helemaal niet. En daarin verschilt Lieve Tracey... Lieve Mandy van het doorsnee meidenboek: het laat een beklemmend gevoel achter.