Vreemdelingen vergeefs in de rij voor legalisatie

AMSTERDAM, 5 APRIL. Ze komen uit Bangladesh, Sri Lanka, Pakistan en India, uit Turkije, Ivoorkust en Nepal. Overwegend jonge mannen, een enkeling blank, de meesten bruin, sommigen hebben een tulband op. Een ding hebben ze gemeen, ze hebben allemaal bij geruchte vernomen dat ze vandaag bij de Vreemdelingendienst in de Bijlmer het felbegeerde stempel kunnen krijgen waardoor ze 'legaal' in Nederland kunnen verblijven.

Ze staan ook allemaal vergeefs te wachten tot de deuren voor hen opengaan. Het is half negen 's ochtends, er staat een felle wind en het is nog geen zes graden.

Vanaf zeven uur 's ochtends, zegt een blozende agent te paard, stonden hier zo'n vijfhonderd mensen samen te drommen. Met een bereden collega houdt hij mensen tegen die naar het bureau van de Vreemdelingendienst willen. “Ik heb liever criminelen”, zegt hij. “May I see your passport?” vraagt hij aan een zwarte man. De aangesprokene spreekt alleen Frans. “Uw visum is verlopen”, zegt de agent. Wanneer de man niet begrijpend blijft staan, maakt de agent met handgebaren duidelijk dat de man weg moet gaan.

Radjoe, 25 jaar, staat bij het talud van de metro. Hij slaat verontwaardigd de verrichtingen van de agenten gade. Hij is een van de weinigen die na een paar zinnen met zijn maat gewisseld te hebben, bereid is zijn naam te vertellen. Hij komt uit Nepal en heeft de hele nacht buiten gewacht. “'s Nachts reed de politie voorbij, die heeft gezien dat er toen al veel mensen stonden te wachten. Waarom hebben ze toen niet gezegd dat we weg moesten?” De omstanders knikken. Sommigen hebben een sjaal tegen de kou om hun hoofd gedaan, een heeft een handdoek bij wijze van hoofddoek.

“We zijn eerlijke mensen”, zegt Radjoe. “We houden ervan om hard te werken. We zijn net als andere mensen en best bereid om belasting te betalen.” Hij heeft gehoord dat er vandaag “a golden opportunity” was om zijn verblijf in Nederland te legaliseren. “Ze vertelden ons dat ze illegalen legaal zouden maken.”

Een jonge man uit Bangladesh laat ongevraagd zijn paspoort zien. Hij wijst op de wachtenden. “Als er zoveel mensen met hetzelfde idee bijeen zijn gekomen, dan moet er toch iets van waarheid in het gerucht hebben gezeten? Waar rook is is toch vuur?”

Niemand kan of wil vertellen waar ze gehoord hebben dat ze vandaag het stempel konden krijgen waardoor hun verblijf legaal zou worden. Allen zijn verontwaardigd over de geringe mededeelzaamheid van de politie. Om tien uur zijn er zes politiemannen te paard. Weer worden de nog steeds wachtende mannen verder opgedrongen, richting metrostation. “Paarden tegen mensen”, zegt een oudere Indiër. “Dat is toch niet menselijk?”

“Wij weten ook niet wat er precies aan de hand is”, aldus een Pakistaanse jongeman. “Niemand vertelt ons iets. We weten alleen dat het in de toekomst steeds moeilijker zal zijn om in Nederland te blijven.” Radjoe en zijn landgenoot zijn teleurgesteld. Ze hadden zo gehoopt dat ze in Nederland konden blijven. “We houden van de mensen hier. We spreken Flemish' ”, zeggen ze.

De Indiase man die boos en verkleumd onder de overkapping van de metro staat vertelt dat hij twaalf uur heeft staan wachten. Hij werkte in Duitsland in 'de glasreiniging'. Ook hij heeft gehoord dat vandaag een 'gouden kans' werd geboden gelegaliseerd te worden. Ook hij weet niet wat er mis is gegaan. “Hoeveel kilometer is het naar Amsterdam?” vraagt hij.