PvdA niet meer tegen onderzoek infiltratie

DEN HAAG, 2 APRIL. De PvdA wijst een parlementair onderzoek naar omstreden politiemethoden bij onder meer infiltratie van criminele organisaties niet meer op voorhand af. Het Tweede-Kamerlid P. Stoffelen zegt over dit verzoek van D66 en VVD: “We willen daar niet dogmatisch over doen en staan open voor argumenten. Ook wij delen de zorg over het afglijden van sommige opsporingsmethoden van politie en justitie.”

Eerder zei Stoffelen te vrezen dat zo'n parlementair onderzoek het reeds in gang gezette onderzoek naar het functioneren van het openbaar ministerie zou overlappen. Die vrees houdt hij. Het Tweede-Kamerlid wijst er op dat het parlementair onderzoek dat D66 en de VVD willen pas gehouden kan worden na de verkiezingen. Het rapport van de commissie-Donner, die het openbaar ministerie onderzoekt, wordt volgende maand verwacht.

D66 en VVD hebben het parlementair onderzoek voorgesteld naar aanleiding van kranteberichten over omstreden politiemethoden. Zo werd deze week bekend dat met medeweten van Justitie voorbereidingen zijn getroffen om vijf ton cocaïne Nederland binnen te smokkelen om greep te krijgen op een Nederlandse drugsorganisatie. Ook breekt de politie met enige regelmaat in bij verdachten om te zien of zij kan overgaan tot een officiële huiszoeking.

Het CDA heeft het verzoek van D66 en VVD afgewezen. De christen-democraten zien dit verzoek als een poging om minister Hirsch Ballin (justitie) te beschadigen.

De PvdA-fractie lijkt intussen verdeeld over de vraag hoe scherp volgende week het debat met minister Hirsch Ballin over de opheffing van het IRT moet worden gevoerd. Woordvoerder P. Stoffelen, die na de verkiezingen vertrekt, noemde gisteravond het aftreden van minister Hirsch Ballin “theoretisch mogelijk”. Het Kamerlid Th. Apostolou verklaarde dat “deze zaak niet zonder persoonlijke gevolgen kan blijven”. Net als Stoffelen houdt Apostolou er rekening mee dat de Amsterdamse politie- en justitie-functionarissen die in het IRT-rapport van de commissie-Wierenga zwaar zijn gekritiseerd, door de minister worden gedwongen het veld te ruimen. Fractieleider Wöltgens wilde echter slechts in algemene termen spreken. Hij liet gisteren via een woordvoerster weten dat de PvdA-fractie wil horen “welke consequenties de minister van justitie aan de conclusies van het rapport-Wierenga verbindt”.