Het raadsel van 1 april

Gisteren om twaalf uur stak een lid van de redactie Kleine Wetenschap zijn hoofd om de hoek van de deur. “Ben je vandaag al voor de gek gehouden?”

Het duurde een fractie van een ogenblik voor ik begreep waarom hij dat had gevraagd: 1 april! Hij was bezig met een onderzoekje “naar in hoeverre 1 april aan het einde van deze eeuw nog leeft”.

Zo'n vraag maakt veel los. Ik besloot hem een indirect antwoord te geven: via een greep uit mijn memoires. Je vraag, zei ik, doet me denken aan wat een redacteur Grote Wetenschap van Het Parool indertijd is overkomen. Ik negeerde zijn tekenen van ongeduld en begon te vertellen.

Die oude collega was in zijn vrije tijd naturist. Maandag op de redactie vertelde hij altijd wat hem in het weekeinde in zijn natuurstaat was overkomen. Dat bleef interessant hoewel het meestal op hetzelfde neer kwam. Toen 1 april naderde, lieten zijn collega's briefpapier van het Koninklijke Nederlandse Naturisten Genootschap drukken. “Zeer geachte Genoot”, schreven ze. “Na jarenlange onderhandelingen zijn wij erin geslaagd, van de Provincie Noord-Holland het eiland Pampus voor onze doelstellingen te huren. U als wetenschapsredacteur hebt altijd op bewonderenswaardig objectieve wijze over onze activiteiten geschreven. Als bewijs van onze waardering daarvoor nodigt het Hoofdbestuur van het KNNG u uit, bij de feestelijke opening op de Eretribune aanwezig te zijn. Met een speciale boot zullen de genodigden naar ons nieuwe Gebied worden vervoerd. De afvaart vindt plaats om 10.00, steiger Noord-Zuid-Hollands Koffiehuis. Hoogachtend,”

De redacteur Wetenschap verscheen op de aangegeven plaats, met een koffertje. Daar ontdekte hij wat er in werkelijkheid gaande was, maar nog altijd weten de ooggetuigen van toen niet wat er in dat koffertje zat.

Mijn collega lachte beleefd. “Maar”, vroeg hij, “ben je zèlf vandaag al voor de gek gehouden?”

“Ik heb er nog niets van gemerkt”, zei ik. “Maar ik herinner me dat onze krant indertijd een geheim rapport van de Spellingscommissie in handen had gekregen: het uitvoerig beredeneerde plan om het alfabet van zesentwintig tot dertien letters terug te brengen. Er was een proeve van nieuwe spelling bij, een paar pagina's uit Genesis. En het bijzondere nummer van het Bijvoegsel met de voorpagina's van alle landelijke kranten. Het hoofdartikel van NRC Handelsblad heette Belangrijk.” Ik staarde naar buiten, een wolkbreuk werd met windkracht acht tegen de ramen gedreven. “Nee, voorzover ik dat kan beoordelen ben ik vandaag nog niet voor de gek gehouden. Maar soms merk je dat de volgende ochtend pas.”

“Ik vraag het ook hierom omdat ik rondloop met het plan een boekje van mijn onderzoek te maken waarin de beste grappen verzameld zijn, en dan een analyse van het verschijnsel en tenslotte een handleiding van hoe je zelf ook je eigen 1 aprilgrap kunt maken, want het is een systeem met vaste elementen, heb ik ontdekt, en, dat heb ik al berekend, daar zijn dan 156 combinaties die in dit stadium van onze cultuur bruikbaar zouden zijn, maar met de beperking dat er van die 156 maar een stuk of vijftig sociaal acceptabel zijn en ook een stuk of vijftig politiek correct en daar zijn dan weer overlappingen in maar die moet ik nog uitzoeken en daarom vraag ik het je eigenlijk, om er een boekje van te maken, en wil jij dan, nou we het er toch over hebben, mij het eerste exemplaar overhandigen bij de vernissage, en ja, dat moet ik je er dan wel bij vertellen want daar doen we ook nog een pantomime met zwarte humor waar je zelf ook in kan worden betrokken maar dat blijft een verrassing natuurlijk, in dat kader. Wat doe je op 12 september om vijf uur, kan je dan? Want dan moet het allemaal gebeuren. En ben je vandaag nou al voor de gek gehouden of niet? Of heb je in ieder geval een vermoeden?”

“Weet je dat je ook door de dingen voor de gek kunt worden gehouden? Vanmorgen sprak ik iemand die een lade wilde opentrekken om er iets uit te halen waarvan ze ontdekte dat het er al met een puntje uitstak en zodoende de lade klem hield. Twee dingen maakten als het ware één lange neus. Nog niet beseffend dat het 1 april was, greep ze een nijptang en gebruikte geweld. Knop van een kostbare lade eraf, haar man boos, onherstelbaarheden dreigden, tot ze samen beseften dat het 1 april was en dat bracht de bevrijding.”

“Ik begrijp er niks van.”

“Je moet nu eens op straat gaan kijken. Daar liggen allemaal grote, zwarte, dode vogels. Denk je tenminste. Maar dat zijn knirpsen uit Taiwan die op 1 april door de storm tot vogels zijn gemaakt. Denk je niet dat daar een onbewijsbaar verband is?”

Hij keek me ongelovig aan, of meer met de blik van de verstandige die ontdekt dat het zijn gesprekspartner mankeert aan die laatste toevoeging die hem tot mede-verstandige maakt.

“Van 1 april kan niemand een boekje maken”, besloot ik. “Als dat gebeurt is 1 april voorbij; geschiedenis.”

“Je probeert me voor de gek te houden”, zei hij, en met energieke pas ging hij verder, naar de volgende kandidaat voor zijn wetenschappelijk onderzoek.

    • S. Montag