'De Saalmink' is nu al een monument

Louis G. Saalmink: Nederlandse Bibliografie 1801-1832

3233 blz., gebonden, drie delen, Koninklijke Bibliotheek / Bohn Stafleu Van Loghum 1993, ƒ 2200.- excl. verzendkosten

In 1858 publiceerde de Amsterdamse uitgever C.L. Brinkman een alfabetische lijst van boeken, plaat- en kaartwerken die tussen 1833 en 1849 waren verschenen. Dit vuistdikke werk zou het eerste deel blijken te zijn van een serie die nog steeds bestaat. 'De Brinkman', zoals dit werk wordt genoemd, geldt als een onmisbaar bibliografisch naslagwerk voor boekhandelaren. De oude delen vormen een even onmisbare bron voor boekhistorisch onderzoek.

C.L. Brinkman was niet de eerste die een zogeheten 'naamlijst van boeken' samenstelde. Voor hem hadden ten minste twee andere boekhandelaren zich hieraan gewaagd. Vanaf 1790 gaf de Amsterdamse boekverkoper Antonij Bernard Saakes (1768-1856) maandelijks een overzicht uit van verschenen boeken. De naamlijst was ingedeeld in zes rubrieken, die aanvankelijk werden ontsloten door zes alfabetten, er verschenen jaarlijkse en vijfjaarlijkse registers, kortom, het was een zootje en de wetenschapper die nu op basis van deze naamlijst wil vaststellen wanneer een boek door wie werd uitgegeven, moet beschikken over uithoudingsvermogen en geduld.

Dat geldt ook voor het gebruik van de naamlijst van J. de Jong. Mede op basis van de lijst van Saakes inventariseerde De Jong de boeken die tussen 1790 en 1832 waren uitgegeven. Zijn titelbeschrijvingen zijn echter niet erg nauwkeurig en bovendien nam hij geen titels op die in de boekhandel minder dan 30 cent kostten. Daarnaast vermeldde De Jong niet de oorspronkelijke uitgever, maar de fondseigenaar van dat moment, en dat alles heeft menige boekhistoricus tot wanhoop gebracht.

Bij de Koninklijke Bibliotheek was men zich van deze ongemakken bewust, maar er speelde nog iets anders. Sinds 1982 wordt onder leiding van de KB namelijk gewerkt aan de zogeheten Short Title Catalogue Netherlands (STCN). Hierin worden de in Nederland verschenen boeken uit de periode 1540 tot en met 1800 beschreven. Dat project is nog lang niet klaar, maar nu was al te voorzien dat bij de voltooiing een gat zou vallen tussen 1800 en 1833, het aanvangsjaar van de eerste Brinkman. Cultuurhistorisch geen onbelangrijk gat, want juist in die periode ontstond het koninkrijk der Nederlanden en had in Europa de Restauratie plaats.

Er zat dus niets anders op dan de boekenschat uit de jaren 1801-1832 opnieuw te ontsluiten. Deze opdracht werd in november 1983 gegeven aan drs. Louis G. Saalmink (1946) die hier samen met drie medewerkers vijf jaar aan werkte, ofwel twintig mensjaren. Er was dan ook ontzettend veel werk te verzetten: zo bleken er in de eerste drie decennia van de 19de eeuw in Nederland maar liefst 32.000 boeken te zijn gepubliceerd. Die titels zijn sinds enige tijd terug te vinden in Nederlandse Bibliografie 1801-1832, onder boekhistorici ook wel de retrospectieve Brinkman genoemd, hoewel 'De Saalmink' het meest op zijn plaats zou zijn.

Risicovol

'De Saalmink' is uitgegeven door Bohn, Stafleu en Van Loghum. Deze uitgeverij, die ook de lopende Brinkman in zijn fonds heeft, verdient hiervoor een groot compliment want het is een peperdure (drie delen voor ƒ 2200.- exclusief verzendkosten) en dus risicovolle uitgave geworden. “Ik heb er eindeloos over lopen twijfelen”, zegt uitgever mr. P.J. Sparreboom, “maar het cultuur-historische belang ervan heeft uiteindelijk de doorslag gegeven.”

Sparreboom koos er voor de presentatie van De Saalmink stil te houden. “Bibliotheken hebben een beperkt budget. Ik was bang dat ze het boek niet zouden bestellen als ze er alleen over lazen. Nu hebben we ervoor gekozen de set toe te sturen aan alle abonnees op de lopende Brinkman. Iedereen die het boek ziet, wil het houden, was de gedachte. In de praktijk bleek dit juist te zijn.” Twee weken geleden verscheen bovendien een enthousiaste recensie van 'De Saalmink' in een vakblad voor Neerlandici. Sindsdien bellen allerlei wetenschappers en particulieren naar de uitgeverij om een exemplaar te bestellen.

Wat maakt De Saalmink tot zo'n fantastisch naslagwerk? In de eerste plaats geeft het een alfabetish overzicht van de 32.000 boeken, pamfletten, gelegenheidsdrukwerken etc. die zijn verschenen in de eerste drie decennia van de 19de eeuw. Die drukwerken zijn op twee manieren ontsloten: op naam van de auteur en op het eerste woord van de titel. Daarnaast staat bij iedere titelbeschrijving bij welke bibliotheek het boek in Nederland te vinden is. Dit volgt uit de werkwijze van Saalmink: hij heeft deze bibliografie voor het belangrijkste gedeelte samengesteld op basis van de kaartjes uit de Alfabetisch Catalogus en Centrale Catalogus van de Koninklijke Bibliotheek. De Centrale Catalogus bevat duplikaten van de kaartjes van het bezit van de voornaamste Nederlandse bibliotheken. Uitzendkrachten zijn ruim twee jaar bezig geweest om al die kaartjes te kopiëren - een stapel, zo schat Saalmink, van zeker een miljoen kopieën. Vervolgens moest daar o.a. de periode 1800-1832 uit worden geselecteerd, alles bij elkaar een herculische taak.

Het derde deel van Saalminks bibliografie bestaat uit een register dat z'n gewicht (ca. 1,5 kilo) in goud waard is. Dit register biedt namelijk heel veel informatie die in vrijwel geen enkele andere bibliografie te vinden is. Zo is er een register op illustratoren, op persoonsnamen en op uitgever. Wie nu wil weten welke boeken een uitgever in z'n fonds had, moet dit met de hand uit talloze bronnen reconstrueren. Om het werk van bepaalde illustratoren te achterhalen is helemaal onbegonnen werk, behalve voor de periode die Saalmink nu heeft ontsloten. Doordat hij een apart register heeft gemaakt op eigennamen in titels kun je nu boeken, veilingcatalogi en gelegenheidsdrukwerkjes vinden die anders onzichtbaar zouden blijven. Veel bibliografieën hebben wel een onderwerpregister, maar dat van Saalmink is zeer uitgebreid en voor de fijnproever valt ook hierin veel te smullen.

Resteert de vraag of 'De Saalmink' ook compleet is. Louis Saalmink is de eerste om zijn werk wat dit betreft te relativeren. Niet alle bibliotheken hebben duplikaten van hun kaartjes toegestuurd aan de Koninklijke Bibliotheek en er bestaan nog gedrukte bronnen die hij niet voor dit boek heeft verwerkt. Er zullen dus heus nog wel een paar boeken zijn die niet in deze bibliografie zijn opgenomen, zegt hij.

Dat mag dan waar zijn, het Nederlandse boekenbezit is verrijkt met een indrukwekkend en gebruikersvriendelijk standaardwerk.

    • Ewoud Sanders