Ad 's-Gravesande over kunst en cultuurprogramma's op tv

Ad 's-Gravesande (Boskoop, 1947), eindredacteur van Kunstmest, het NOS-programma waarin Mieke van der Wey 'wroet in de wereld van kunst en cultuur' en waarvan er ook volgend seizoen dertig afleveringen te zien zullen zijn:

“Sinds 1970 ken ik kijkcijfers. Ik herinner me menige discussie, begin jaren zeventig, over de waarde en betekenis van kijkcijfers. Roelof Kiers (VPRO) heeft toen nog gezegd: als een programma geen 10% kijkdichtheid haalt, dan kun je er beter mee ophouden. Want televisie is een massamedium. Een aantal mensen vond dat wat overdreven. Die norm heeft ook Roelof inmiddels al lang verlaten. De werkelijkheid zit nu eenmaal anders in elkaar.

Ik weet er weinig van, maar het schijnt allemaal buitengewoon goed onderzocht te zijn. Voor een programma als Kunstmest bestaan er twee doelgroepen die je kunt bereiken. De ene groep maakt deel uit van het kunstcircuit of geniet er actief van. De andere groep bestaat uit mensen die dat wel zouden willen, maar daar om de een of andere reden niet aan toekomen. Zij zijn echter wel geïnteresseerd in informatie daarover. Alles bij elkaar zou dat om zo'n vijfhonderdduizend mensen gaan.

Als een Nederlandse zendgemachtigde je vraagt om een programma te maken, een aantal eisen stelt maar je verder vrij laat in de samenstelling van de ploeg en de concretisering van het programma, en er ook nog een redelijk budget voor beschikbaar heeft, dan ben je toch gek als je dat laat liggen? Dat is namelijk vrij uitzonderlijk.

Als de wens op tafel ligt om de doelgroep zoveel mogelijk te bereiken, dan moet je dus een aantal dingen zeker laten. Zo'n programma moet bijvoorbeeld niet een kunstachtig uiterlijk krijgen en het moet ook niet die soms wat ingewikkelde, al dan niet vermeend intellectualistische sfeer ademen. Het moet beslist over een aantal fundamentele zaken kunnen gaan, maar zó dat het nog redelijk te bevatten is voor op zijn minst de doelgroep en liefst natuurlijk wat meer mensen.

Dit seizoen blijken er twee à drie honderdduizend mensen naar te kijken. Je zou kunnen zeggen dat we per week 50% van de doelgroep bereiken. Dat is een behoorlijk hoge score. Ook bij de NOS tellen kijkcijfers wel degelijk. Op Nederland 3 moet de strijd immers nog min of meer worden uitgevochten, in het kader van de samenwerking.

Ik vind dat Kunstmest slaagt in het zoeken en vinden van onderwerpen die niet typisch tot die kunsthoek behoren, maar wel degelijk met kunst en cultuur te maken hebben. Je moet in zo'n programma niet alles gaan zitten uitleggen, maar het is evenzeer een verkeerd uitgangspunt om te veel keenis te veronderstellen. Mieke van der Wey slaagt erin dingen op een bevattelijke manier voor het voetlicht te brengen, zonder te simplificeren, ze heeft een sterke persoonlijkheid, kan goede vragen stellen en volgt haar hart. Dat laatste vind ik heel belangrijk, want Kunstmest is natuurlijk een personality show.

Waar je voor uit moet kijken is dat je programma's voor jezelf maakt. Niets is natuurlijk mooier dan programma's voor je zelf maken, d.w.z. de hoop te koesteren dat wat je zelf mooi vind zoveel mogelijk anderen ook mooi vinden. Als ik die illusie al ooit heb gehad, dan heb ik die in elk geval niet nu. Als je met 1600 mensen in het Muziektheater zit, dan denk je: god wat zijn er toch veel mensen die hetzelfde mooi vinden. Maar in termen van televisie is dat niks. Je weet dat wat je echt zou willen, diep in je hart, dat dàt er niet in zit, in dit bestel.

Wat me boos maakt is het coterietje van mensen die zich bezighouden met kunst en cultuur op de televisie - en ook de coterie in de wereld van de kunsten zelf - dat alleen maar dàt goed vindt wat zij zelf willen zien. Dat vind ik hoogst irritant. Dat betekent dat je geen ruimte laat voor andere modellen, andere opvattingen. Dat vind ik een handicap die ik niet tot de mijne zou willen maken.

Er wordt tamelijk neerbuigend gedaan over wat er op dit moment op de televisie aan kunst en cultuur te zien is. Gechargeerd gesteld, werd er laatst op een discussiedag ten huize van het Stimuleringsfonds gezegd: het is hier allemaal niks, we moeten een Late Show hebben. Alsof dat zaligmakend is. Men is eerder in staat op zo'n discussiedag All You Need Is Love te omhelzen dan om ook maar één waarderend woord op te brengen voor een van de kunst- en cultuurprogramma's op te televisie.

Begrijp me goed, ik heb niks tegen een Late Show op de Nederlandse televisie. Als er één programma is dat dat had kunnen benaderen, dan is het Roerend goed geweest. Dat had een aanzet kunnen wezen. Maar je weet hoe het gaat in het Nederlandse bestel: plotsklaps is zo'n programma alweer verdwenen voordat men dáár is waar men misschien ooit uit had willen komen. Dat betekent wéér een vertraging van een paar jaar.

Ik zou het buitengewoon toejuichen als er op werkdagen een kunst- en cultuurrubriek zou ontstaan met trekken van The Late Show. Als het maar niet een naar binnen gekeerd programma wordt zoals een aantal mensen in het kunstzinnige circuit dat graag wil. Dan bereik je weer niemand en niks. Een dagelijkse kunstrubriek, laat op de avond, met een accent op informatie. Wie zou daar tegen kunnen zijn? Maar dat zit er voorlopig dus niet in, omdat de VPRO dat niet wil, de VARA niet en blijkbaar ook de NOS zelf niet. Als twee van de drie het hadden gewild, dan wás het er natuurlijk gekomen. Kennelijk liggen de prioriteiten even elders. Ik zou me kunnen voorstellen dat een organisatie als RTL5 in dat gat springt. Zo'n programma hoeft niet minder kijkers te trekken dan RTL5 nu op dat uur heeft. Je moet zelfs boven de honderd duizend kunnen komen. En in de sfeer van de sponsoring zul je daarvoor in het bedrijfsleven best een paar handen op elkaar kunnen krijgen. Dat is inderdaad een tip van mij aan RTL5.''