Lijst van landen gepubliceerd; Washington zet eerste stap naar handelssancties

WASHINGTON, 1 APRIL. De Amerikaanse regering heeft gisteren de eerste stap gezet in de procedure die kan leiden tot handelssancties tegen Japan en een aantal andere landen.

Volgens het gisteren gepubliceerde jaarrapport over buitenlandse handelsbarrières maken 35 landen zich schuldig aan oneerlijke handelspraktijken.

Het rapport is dit jaar van extra gewicht, omdat president Clinton begin maart een speciale voorziening in de Amerikaanse handelswet, de zogenoemde 'Super 301', heeft gereactiveerd. Op grond van dit wetsartikel moet een lijst worden opgesteld van landen die de meest schadelijke barrières hebben opgericht voor Amerikaanse importen. Washington heeft daarna zes maanden de tijd, tot 30 september, om te besluiten met welke van de landen zal worden onderhandeld. Als dan na 18 maanden geen oplossing is bereikt, kunnen strafheffingen worden opgelegd.

Het grootste deel van het rapport (44 van de 281 pagina's) gaat over Japan. Volgens topfunctionaris Ira Shapiro van het Amerikaanse ministerie van handel zijn de Japanse handelsbarrières veel groter dan die van enig ander industrieland. “Zij vormen een onaanvaardbare belasting van het wereldhandelssysteem.” In het rapport worden in het bijzonder handelsbarrières genoemd voor auto's, auto-onderdelen, computers, houtprodukten, medicijnen en medische apparatuur, telecommunicatie-apparatuur en financiële diensten. Juist deze week wees Washington een Japans aanbod over een verdere marktopening als onvoldoende van de hand.

Ook de Europese Unie wordt in het rapport scherp bekritiseerd, vooral wegens de bescherming van de audiovisuele sector. Verder worden onder meer China, Zuid-Korea, Rusland, Argentinië, Brazilië, Canada, Hongarije, Mexico en Taiwan genoemd. De landen tegen wie mogelijk maatregelen worden genomen, moeten uit de gisteren gepubliceerde lijst worden gekozen.

'Super 301' werd voor het laatst in 1989 en 1990 gebruikt. De regering van president Bush zette het instrument toen in tegen Japan in verband met handelsbarrières voor houtprodukten, supercomputers en satellieten. Uiteindelijk werd via onderhandelingen een oplossing bereikt. Brazilië werd op dezelfde wijze gedwongen eisen voor importlicenties in te trekken. (Reuter, AFP, AP)

Onze correspondent in Tokio voegt hieraan toe:

In Japan is vandaag bijna geeuwend gereageerd op de elk jaar door Washington gepubliceerde lijst. De Japanse minister van financiën, Hirohisa Fujii, noemde het rapport niet meer dan een formaliteit voortvloeiend uit de Amerikaanse handelswetgeving. Eerste kabinetssecretaris Masayoshi Takemura verklaarde op zijn dagelijkse persconferentie dat Japan niet stond te juichen waar het niet werd genoemd en niet stond te huilen waar dat wel het geval was.

Net gisteren maakte het ministerie van internationale handel en industrie bekend dat Japan in 1993 het tekort had op zijn handelsbalans bij landbouwprodukten met bijna 10 procent zag stijgen tot 61,3 miljard dollar. Het grootste deel van dit tekort is toe te schrijven aan de VS (een stijging met 30,5 procent tot 18,7 miljard dollar). Het ministerie schrijft de stijging van de invoer aan landbouwprodukten toe aan de dure yen en de geleidelijke afbraak van handelstarieven voor deze produkten. De VS beschuldigen Japan ervan dat juist de industrieprodukten een onevenredig laag aandeel hebben in de Japanse invoer vergeleken met de andere grote industrielanden van de G-7, vooral als gevolg van non-tariffaire belemmeringen.