Jacob Komrij

Ter gelegenheid van de vijftigste verjaardag van Gerrit Komrij op 30 maart werd in zijn geboortestad Winterswijk een groot feest georganiseerd. Feestredenaar was H. Brandt Corstius die op basis van de verzamelbundel 'Alle gedichten tot gisteren' een monosyllabicum voordroeg: een vers met voornamelijk eenlettergrepige woorden uit het leven en werk van de jarige.

Twee geleerde heren spraken voor mij in Winterswijk over het geheim van Gerrits poezie. Ik hoopte dat zij het gras zouden maaien. Maar het stond nog voor mijn voeten.

Eerst vond mijn CD-rom dat er honderd verschillende dieren in Komrijs gedichten voorkomen: 15 grote, 15 kleinere, 15 kleine, 15 zwemmers, 15 vliegers en 15 kruipers plus tien fabeldieren. Toen ontdekte de computer dat er honderdvijftig verschillende lichaamsdelen, sommige meer dan tien keer, in verschillende versregels voorkwamen.

Jacob droomt in Verwoest Arcadie over een systeem van lichtgevende signalen die in zijn boekenkast alle teksten over een bepaald onderwerp zouden presenteren.

Dit kan nu met een CD-Rom. Ik gaf de opdracht en er ontstond een monosyllabicum, de enige versvorm die Gerrit Komrij niet gebruikte (wel in proza). Drie eeuwen geleden was Jacob Revius dominee in Winterswijk.

Zijn stem hoor je in het CD-rom-vers:

Kom en rij

Kom erbij:

Vlo en luis

Mot en muis

Geen en aap

Lam en schaap

Kreeft en baars

bp Pik en kaars xp Sprot en spreeuw

Meeuw en leeuw

Kip en kat

Pad en rat

Draak en os

Dietz en Ros

Albatros

Peter Vos

Paard en worm

Waard en norm

Spin en mier

Koe en stier

Kruis en lid

Kersepit

Hersenpan

Charl Hofman

Slijk en darm

Zijk en arm

Bloed en zweet

Aars en reet

Reet en aars

C.J. Aarts

Zuip en nier

Sluit en spier

Spuit en klier

Pam en pier

Oor en oog

Elleboog

Hiel en teen

Knie en been

Tand en mond

Maag en kont

Zak en kop

Ja; Jacob

Nee virus

Revius

Hem de Heer

Sy de eer

    • H. Brandt Corstius