Het Spaanse dorp speelt de hoofdrol in De Eikelvreters

Voorstelling: De eikelvreters door Jeugdtheaterschool Hofplein, vanaf 8 jaar. Script naar Els Pelgrom: Bruun Kuijt. Regie: Bruun Kuijt en Carla van Driel. Gezien: Hofpleintheater Rotterdam. Aldaar t/m 4/4 en in de weekends t/m 8/5. Inl. 010-466.0311.

Er bestaan in ons land verschillende jeugdtheaterscholen, waar jongeren in hun vrije tijd leren hoe ze zich op het toneel kunnen laten zien en horen. De Rotterdamse Jeugdtheaterschool Hofplein (achthonderd leerlingen) is de enige met een eigen theater. Dat biedt letterlijk de ruimte voor een groeiende traditie van musical-achtige produkties gebaseerd op bekende kinderboeken, zoals Tommie Station van Mensje van Keulen of Deesje van Joke van Leeuwen. Na de goed vaderlandse evergreens Kruimeltje (trok twintigduizend bezoekers) en Fulco de Minstreel is nu de beurt aan een heel andersoortige verhaal: De eikelvreters van Els Pelgrom. Zich baserend op de herinneringen van haar Spaanse echtgenoot vertelt Pelgrom daarin hoe een jongen opgroeit in de Andalusische bergen, kort na de Burgeroorlog. Vanaf zijn negende moet hij mee de kost verdienen voor het gezin en wordt hij geconfronteerd met onvoorstelbare armoede, onrechtvaardigheid en de onchristelijke houding van de roomskatholieke kerk.

In het vindingrijke script is de hoofdrol weggelegd voor de dorpsgemeenschap, een praktische keuze met het oog op emplooi voor zoveel mogelijk jeugdige acteurs. De groep vervult de functie van het klassieke commentariërende koor, wat heel aardig werkt. Zo treedt het volk in wisselende formatie en sfeer aan: bij een begrafenis, een processie en de olijvenpluk, in de kloosterkeuken, in de kroeg en als mekkerende geiten in de bergen. Deze scènes zijn effectief belicht en mooi gechoreografeerd, met veelvuldig hakken- en handengeklap, trots in de nek geworpen hoofden en de nodige 'olé's'. Bijbehorende muziek en zang vertonen al na een half uur een zekere eenvormigheid en klinken ongeveer zo Spaans als de Chinees in ons land Chinees smaakt. Een andere zwakke plek in de voorstelling vormen de hoofdpersonen in het verhaal, die maar matig gestalte krijgen, zeker niet van die ene professionele acteur die je zonder het te weten niet gauw als zodanig zou herkennen. Er wordt nogal wat nadrukkelijkheid en karikatuur in de strijd geworpen. Zo komt het waarschijnlijk dat de intimiteit binnen het gezin - in Pelgroms boek een belangrijke component - onderbelicht blijft. Het draait om de sociale ongelijkheid en de botsing van belangen tussen de verschillende klassen en dat een groep jongeren dat op overtuigende manier laat zien, is natuurlijk al een niet geringe prestatie. Om dat op waarde te schatten en om de fragmentarische, in zesentwintig scènes opgedeelde verhaallijn te volgen lijkt mij een door de organisatie aangegeven publiek vanaf zes jaar veel te jong.