Metaal-Cao zit muurvast op Vut-probleem

ZOETERMEER, 31 MAART. Vakbonden en werkgevers in de metaal- en elektrotechnische industrie zijn het gisteren niet eens geworden over aanpassingen van de Vut-regeling. Daardoor is het CAO-overleg in de sector in een impasse beland.

Gisteren werd het overleg over een nieuwe collectieve arbeidsovereenkomst voor de ongeveer 170.000 werknemers in de metalektro hervat. Na afloop van het overleg, dat meer dan tien uur had geduurd, zei onderhandelaar N. Broers van de Industriebond FNV: “Er zijn veel woorden gebruikt, maar er is geen enkele vooruitgang geboekt. Eigenlijk is het een breuk, althans de breuk is zeer nabij.”

Afgesproken is dat de werkgevers, verenigd in de FME, zich onderling zullen beraden over de ontstane situatie. Als dat tot andere inzichten leidt, wordt maandag 11 april nog een poging gedaan de impasse het CAO-overleg te doorbreken. Maar FME-voorzitter J.L. van den Akker was niet optimistisch. “Onze voorstellen bleken absoluut onbespreekbaar en onacceptabel voor de vakverenigingen.”

Vakbonden en werkgevers zijn het er wel over eens dat er wat moet gebeuren aan de bestaande Vut-regeling. De premie bedraagt nu 6,4 procent van de loonsom en zou, om de kosten te dekken, eigenlijk 7,5 procent moeten bedragen. Zonder versobering van de Vut zou de premie tegen het eind van de eeuw oplopen tot om en nabij de 10 procent. Dat wijzen beide partijen af, maar ze verschillen van mening over de manier waarop de Vut moet worden aangepast.

De werknemers zijn bereid de Vut voor werknemers met 40 dienstjaren te laten vallen, dit jaar genoegen te nemen met de nullijn en een half procent extra Vut-premie te betalen. Later dit jaar zou dan bekeken moeten worden hoe de Vut in de toekomst geleidelijk kan worden omgebouwd tot een individueel uittredingsrecht. Ten slotte zijn de bonden bereid tot verruiming van de mogelijkheden voor flexibeler werken.

De werkgevers gaat dit niet ver genoeg. Zij willen de Vut-uitkering in drie jaar stapsgewijs verlagen van het huidige niveau van 87,5 procent naar 80 procent van het laatstverdiende loon en/of de Vut-leeftijd (nu vanaf 60 jaar) geleidelijk verhogen. In elk geval zouden de Vut-kosten gemaximeerd moeten worden op 7,5 procent van de loonsom, vinden de werkgevers.

De CAO-metalektro is de groostste bedrijfstak-CAO die dit voorjaar vernieuwd moet worden. Niet alleen in de metaal- en elektrotechnische industrie verkeert het CAO-overleg in een impasse. Ook bij het chemieconcern DSM (9.000 werknemers), de bierbrouwer Grolsch (950 werknemers) en het elektronica-concern Philips (40.000 werknemers) verlopen de onderhandelingen moeizaam.