Een krokodil op de plank en een vlaai in de hand

Restaurants

Dat hij geen ster heeft, kan Kris Nijs, eigenaar en chefkok van De Fortuin, niet schelen. Geen sikkepit. In België eet je immers het lekkerst in de zogenaamde onbeloonde etablissementen. “Een ster of Michelinvermelding”, weet Nijs, “is hier namelijk te koop.”

Toen Kris Nijs drie jaar geleden De Fortuin aan het Felix Timmermansplein overnam, was het enige haute-cuisinerestaurant van Lier volledig in ongenade gevallen. Veel meer dan mosselen of waterzooi kon je niet nuttigen in de voormalige zeventiende-eeuwse graanopslag. De nieuwe chefkok mocht dan wisselbekers binnenhalen met zijn kalfszwezerik en grietfilet, maar de gasten bleven weg.

Totdat de Antwerpse beau monde De Fortuin begin dit jaar ontdekte. Sindsdien doen vooral het provençaalse lamszadel en de ovenkreeft met tuinkruiden het goed, net als het vispaletje, bestaande uit snoekbaars, zalm, lot, griet, tongfilet en garnalen - met groentjes. Het komt voor dat een doorgewinterde gourmand alleen voor de witte chocolademousse geparfumeerd met geitenkaas naar Lier afreist. De meeste eters gaan echter voor het complete menu dat je voor zo'n 1800 francs (ƒ 93,30) per persoon kunt samenstellen.

In de etalages van de cafés op de Grote Markt zitten de Vlaamse kwettermadammen. Ze schuiven aan in de bontgebloemde banken en eten Lierse vlaaikes en kruidkoek in bladerdeeg bij hun koffie. Op zondagmiddag en ook wel door de week. Als de zon onder gaat, zijn de etalages leeg.

Een eindje verderop in de Van Cauwenberghstraat ligt grand café De Oude Komeet, dat wat wereldser oogt met zijn theatraal gedrapeerde gordijnen en Spaans gietijzerwerk. Je kunt er voor vijftien gulden een bord spaghetti of paella eten bij de schouw.

De Eikelstraat heeft zich de laatste decennia ontpopt tot vreetstraat van Lier. Tussen snackbars en huiskamerrestaurants, gaat slechts één goede Italiaan schuil, die overigens geen pizza's serveert: Baja Sardinië. Op de hoek met het Zimmerplein huist 't Kiekekot. Daar kun je behalve kip ook een sappige krokodil op de plank (spareribs) krijgen voor 395 francs (twintig gulden). Resteert nog de romantiek van het frietkot. De keuze is tussen het patatfrietkraampje van de Grote Markt of frituren op niveau bij Marcel aan de Vismarkt.

Hotels

Het grootste hotel dat Lier bezit, telt slechts drie kamers. Comfortabele kamers, dat wel. Voor een gulden of zestig kun je overnachten in het majestueuze Hof van Aragon. De ontbijtzaal heeft een authentiek Vlaams interieur met rondbuikige linnenkasten, bokkenkoppen, kristallen luchters en schaarsgeklede herdertjes. Het ruikt er naar speenvarken dat gisteravond de gasten van een gouden bruiloft werd voorgeschoteld. Op het vloerkleed ligt nog wat confetti. Hof van Aragon is een partycentrum. Wie er in het weekend wil overnachten kan maar beter eerst even natrekken of er slempfeesten of bingo-avonden zijn geboekt. Zo voorkomt de enthousiaste logé irritatie en slapeloosheid. Deugdelijk alternatief is hotel Handelshof (1800 Bfs per nacht), hoewel ook die 'instelling' een feestzaal beheert.

Cafés

Tot vlak voor zijn dood bezocht Louis Zimmer dagelijks In 't Kruisken. Daar nam hij een stevige borrel om vervolgens de klokken van zijn eigen toren op te winden. In 't Kruisken was een bruine stamkroeg die pal tegenover de Sint Gummaruskerk lag en op zondag direct na de zegen zijn deur open gooide.

Nog steeds ligt de herberg twintig meter van de kerk af, 'maar ons Kruisken is geautomatiseerd', klaagt een hoogbejaarde Lierenaar. En hij wijst op de fruitautomaat, waarover een ruige scholier met paardestaart hangt. De zeventiende-eeuwse uitspanning is een jeugdsoos geworden en de oude man haast zich naar zijn 'plezant cafeeke', Den Paardendrink aan de Werft, waar hij zich troost met een zure Lierse Cavespint.