Sterke groei van flexibel dienstverband

ROTTERDAM, 30 MAART. Nederlandse werkgevers nemen steeds minder vaak personeel aan voor een volledige baan. Terwijl het aantal flexibele contracten en deeltijdbanen de afgelopen zes jaar met respectievelijk 40 en 30 procent sterk is gestegen, bleef de groei in voltijdbanen in deze periode steken op drie procent.

Dit blijkt uit cijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vandaag bekend maakte. Naast de sterk gestegen flexibliteit van arbeidsverhoudingen signaleert het CBS ook een verruiming van de tijden waarop gewerkt wordt. Vorig jaar werkte al ruim 45 procent van de totale beroepsbevolking op onregelmatige werktijden, aldus de Enquête Beroepsbevolking van het CBS.

De afgelopen maanden is de flexiblisering van de Nederlandse arbeidsmarkt hoog op de politieke agenda gekomen. Het wetsvoorstel dat minister De Vries (sociale zaken en werkgelegenheid) vorige maand indiende om de werktijden te verruimen en zijn plan om het Nederlandse ontslagrecht te versoepelen, zijn bedoeld als tegemoetkoming aan de werkgevers om het personeelsbestand te flexibliseren. Ook in het economiedebat dat minister Andriessen vorige week organiseerde kwam de noodzaak tot flexibilisering uitgebreid aan de orde.

Volgens het CBS wijzen de vandaag bekend gemaakte cijfers al op een duidelijke verschuiving op de arbeidsmarkt. Beschikten in 1987 nog 69 van de 100 werknemers over een voltijdbaan in vast dienstverband, in 1993 zijn dat er nog maar 63. Uitgedrukt in absolute aantallen betreft dat iets minder dan 3,8 miljoen mensen. In 1993 werkten 1,6 miljoen mensen in deeltijd, terwijl 578.000 mensen op een flexibel contract (uitzendkrachten, op- en afroepkrachten en invalkrachten) werkte.

Van de werkende beroepsbevolking (met een arbeidsbetrekking van twaalf uur per week of meer) is bijna de helft op onregelmatige uren aan het werk, zo blijkt uit een eveneens vandaag bekendgemaakt onderzoek van het CBS. Een derde van de beroepsbevolking (ruim 1,8 miljoen mensen) werkt soms of regelmatig in de avonduren, terwijl 830.000 mensen ook 's nachts ingezet worden. Ruim 900.000 mensen werken soms of regelmatig in het weekend.

Onregelmatige werktijden komen het meest voor in de dienstensector. Vooral verplegend personeel, winkelpersoneel en brandweer- en politiemensen werken vaak buiten de normale werkuren. Werknemers die administratieve functies vervullen, hebben veelal regelmatige werktijden.