Doden en gewonden bij onlusten in bezette gebieden en in Israel

TEL AVIV, 30 MAART. Israelische militairen hebben gisteren tijdens felle onlusten in de bezette gebieden, waaronder Oost-Jeruzalem, één Palestijn doodgeschoten en 75 verwond. Een Israeliër werd in het centrum van Petah Tikwah, nabij Tel Aviv, door een Palestijn met een bijl gedood.

Militairen vuurden de hele dag met rubberen kogels en met scherp op Palestijnen in de Strook van Gaza en op de Westelijke Jordaanoever, die protesteerden tegen het doodschieten, eergisteren, van zes leden van El Fatah.

Palestijnse bronnen in Gaza vergelijken de nieuwe uitbarsting van Palestijns geweld met “de felste dagen van de intifadah”. Israelische legerofficieren erkennen volgens berichten in de Israelische pers dat het elimineren van de zes Fatah-mannen, door militairen die als Arabieren waren verkleed, een grote fout is geweest.

Zeev Shiff, de militaire commentator van het dagblad Ha'arets schrijft vandaag dat de orders van het bezettingsleger niet zijn toegespitst op de spoedige terugtrekking van de Israelische troepen uit het grootste deel van de Gaza-strook. Bovendien is er volgens hem van de coördinatie tussen het Israelische leger en de PLO in de bezette gebieden niets meer over. Minister Shulamit Aloni zei gisteren naar aanleiding van het ernstige incident in Gaza dat het leger“moet stopppen met het jagen op Hamas en Fatah-leden in de bezette gebieden”.

Betselem, de Israelische mensenrechtenorganisatie, heeft gisteren de versie van de legerwoordvoerder van het incident in Gaza tegengesproken. Volgens Betselem schoten de vermomde soldaten van dichtbij, zonder enige waarschuwing en van dichtbij op de gemaskerde Fatah-mannen, van wie sommigen geen wapens droegen.

Het in Palestijnse kringen zeer hoog opgenomen incident in Gaza heeft een domper gezet op de sfeer waarin Israel en de PLO in Kairo onderhandelen over onder meer veiligheidsmaatregelen in Hebron en hervatting van het overleg over de bestuursautonomie in Gaza en Jericho. Niettemin bereikten de twee partijen vanmorgen overeenstemming over het aantal Palestijnse politieagenten voor Hebron, waar op 25 februari een joodse kolonist 29 Palestijnen doodschoot. De PLO mag honderd politieagenten in Hebron stationeren. Over het aantal internationale waarnemers in de stad is men het nog niet eens.

De Israelische politie is vandaag in staat van verhoogde paraatheid gebracht om het uitbreken van geweldadige protesten tijdens de 18de Arabische landdag in Israel snel de kop in te kunnen drukken. Op 30 maart 1976 werden enkele Israelische Arabieren door de politie gedood toen er in noord-Israel een protestdemonstratie werd gehouden tegen landonteigening. Sedertdien herdenken de 800.000 Israelische Arabieren dat voorval met een algemene staking.

Ditmaal staat de landdag in het teken van de massamoord in de moskee van Hebron en het doodschieten van een bedoeïen door de politie in de Negev-woestijn. De grootste demonstratie wordt gehouden in Rahat, een bedoeïenen-stadje nabij Beersheba. Het is de eerste maal dat zich op dit niveau samenwerking aftekent tussen de Israelische Arabieren in noord-Israel en de bedoeïenen in het zuiden.

Intussen heeft ex-minister van defensie, generaal Ariel Sharon, gisteren de Israelische bevolking tot passief verzet opgeroepen om de ontruiming van joden in het centrum van Hebron door het leger te voorkomen. “Ik zal er ook zijn als dat zal gebeuren”, zei hij gisteren. Tijdens een bijeenkomst van verontruste rabbijnen in Kyriat Arba, nabij Hebron, riep rabbijn Tsefania Drori uit Kyriat Shmona gisteren op tot een volksopstand indien het tot ontruiming van de joden uit Hebron gaat.

    • Salomon Bouman