Verkiezingen in de Oekraïne illustreren kloof

MOSKOU, 29 MAART. De eerste ronde van de parlementsverkiezingen in de Oekraïne heeft geïllustreerd hoe groot de kloof is tussen het westen en het oosten van dit land met 52 miljoen inwoners.

In het geïndustrialiseerde oosten van de voormalige Sovjet-republiek, waar de meesten van de 12 miljoen Russischtaligen wonen, deden vooral de communisten en aanverwante partijen het goed. Zij zien nauwere samenwerking met Rusland als oplossing van de economische malaise waarin de Oekraïne tweeëneenhalf jaar na de onafhankelijkheid verkeert.

In de Donbass, een mijnstreek in het zuidoosten, stemde bovendien meer dan 90 procent van de kiezers in een parallel met de verkiezingen gehouden 'opiniepeiling' voor invoering van het Russisch als tweede officiële taal en voor grotere zelfstandigheid van de streek, een zelfstandigheid die, zo hebben plaatselijke politieke leiders duidelijk gemaakt, vooral zal worden gebruikt om de band met Rusland aan te halen.

Een soortgelijke 'opiniepeiling' op de Krim vertoonde hetzelfde beeld. Op dit schiereiland in de Zwarte Zee, waar bijna 70 procent van de bevolking Russisch spreekt, stemde een grote meerderheid eveneens voor grotere regionale macht en voor de invoering van een dubbel staatsburgerschap. De volksstemmingen werden gehouden ondanks een verbod van president Kravtsjoek.

Op de Krim werd ook een eigen parlement gekozen, dat volgens voorlopige uitslagen zal worden gedomineerd door partijen die een vorm van aansluiting bij Rusland propageren. In januari al werden de presidentsverkiezingen op de Krim gewonnen door een pro-Russische kandidaat, Joeri Mesjkov. Mesjkov liep zaterdagnacht alvast op nauwere samenwerking met Rusland vooruit door de klok voor de zomertijd niet één maar twee uur vooruit te zetten. Op de Krim is het voortaan dus een uur later dan in de rest van de Oekraïne en even laat als in Moskou.

In het westen van de Oekraïne daarentegen wonnen de nationalistische partijen, zowel de gematigde als de minder gematigde. Zij hebben campagne gevoerd als verdedigers van de Oekraïense onafhankelijkheid en tegen nauwere samenwerking met Rusland.

De eerste ronde van de verkiezingen heeft slechts in 48 van de 450 kiesdistricten een winnaar opgeleverd. De kieswet bepaalt dat een kandidaat pas wint als hij meer dan 50 procent van de stemmen haalt bij een opkomst van meer dan 50 procent, gemeten in zijn district. De communistische partij was hierbij zondag het meest succesvol. In veertien districten - waarvan dertien in het oosten - haalden communisten een absolute meerderheid. In het westen haalde de onafhankelijkheidsbeweging Roech vier zetels en de extreem-nationalistische Oekraïense Nationale Vergadering (OeNA) twee. Drie andere ultranationalisten, onder wie een kandidaat van de sociaal-nationalistische partij, haalden de absolute meerderheid bijna.

De opkomst was gisteren met 80 procent hoger dan verwacht. De tweede ronde is op 10 april.