Schönhuber wekt weer woede grote partijen

BONN, 29 MAART. Franz Schönhuber, chef van de rechtsradicale Republikaner, is weer eens middelpunt van grote verontwaardiging bij de grote Duitse politieke partijen. Daarvoor heeft hij dit keer gezorgd met zijn opmerking dat Ignatz Bubis, voorzitter van de Centrale raad der joden in Duitsland, “een van de ergste volksopruiers” is.

Bubis had de verantwoordelijkheid voor brandstichting in een synagoge in Lübeck, in de nacht van donderdag op vrijdag, toegeschreven aan rechtsradicale partijen die hij de “geestelijke vaders van de aanslag” noemde. Hij had opnieuw voor meer weerbaarheid en strenger justitieel optreden jegens rechtsradicaal geweld gepleit.

De oud-SS'er Schönhuber, wiens Reps bij recente verkiezingen in Nedersaksen en Sleeswijk-Holstein de kiesdrempel van vijf procent niet haalden, was er daarna snel bij om Bubis in een vraaggesprek voor de radio als “volksopruier” te kwalificeren. Dat leidde gisteren tot woede en verontwaardiging bij SPD, CDU en FDP. CDU-secretaris-generaal Peter Hintze, noemde de opmerking van “lontenaansteker” Schönhuber “onverdraaglijk”. Klaus Kinkel (FDP), vicekanselier en minister van buitenlandse zaken, ziet in mensen als Schönhuber “wegbereiders” voor “gestoorden die niet voor geweld terugschrikken”. Herta Däubler-Gmelin, ondervoorzitter van de SPD en kort geleden nog kandidaat voor een plaats in het Constitutionele hof, ging verder: zij zou Schönhuber “achter de tralies” willen zien. “Het is altijd al een specialiteit van rechts geweest zelf tot de daders te behoren, moordenaars te steunen en zich daarna als slachtoffer te gedragen”, zei zij. Volgens haar zijn er “op het terrein van justitie en politiek veel te veel mensen die op eieren dansen” als zij zeggen dat voor de veroordeling van rechtsradicalen als Schönhuber en Frei (voorzitter van de uiterst rechtse DVU) “nu eens dit dan weer dat” moet worden bewezen. Zij bepleit wetswijziging nu de hoogste Duitse rechter onlangs heeft geweigerd om de strafbaarheid van de ontkenning van de nazimoord op de joden (de zogeheten 'Auschwitz-leugen') te bevestigen.

In Noordrijn-Westfalen heeft de administratieve rechter gisteren een klacht van de Republikaner afgewezen tegen de observatie die zij van de regionale binnenlandse veiligheidsdienst krijgen. Maar de rechter weigerde een verbod tot oprichting van een (fiscaal aantrekkelijke) Republikaner-stichting te bekrachtigen, hoewel die volgens haar statuten in vroegere Duitse gebieden in Polen wil gaan ijveren voor een verschuiving van de Duitse grens in oostelijke richting. Anders dan de deelstaat-regering ziet de rechter geen grond voor een verbod zolang dat met legale middelen gebeurt.

    • J.M. Bik