Twee maanden cel voor 'drugsrunners' op A16

ROTTERDAM, 28 MAART. Belgische en Franse politieagenten hebben in de nacht van vrijdag op zaterdag in Rotterdam en langs de A16 undercover-teams gevormd met Nederlandse politiemensen in een grootscheepse actie tegen het drugstoerisme.

Dat bleek vanmorgen in de snelrechtprocedure tegen 49 'drugsrunners', die werden berecht voor overtreding van de Opiumwet. De officier van justitie eiste standaard drie maanden celstraf en onmiddellijke gevangenneming. De politierechter sprak in enkele gevallen straffen van één of twee maanden uit. Voor de 'runners' zijn dertig cellen gereserveerd.

Met de snelrechtprocedure wil justitie laten zien dat het haar ernst is met de aanpak van de drugsrunners, die actief zijn op de A16 tussen Antwerpen en Rotterdam en in de binnenstad, en die potentiële kopers de weg naar drugspanden in Rotterdam wijzen. De Franse en Belgische politie arresteerde tegelijkertijd in eigen land circa zeventig 'drugstoeristen' die met hun aankopen naar huis reden.

De A16 was in de nacht van vrijdag op zaterdag in vier sectoren verdeeld, zo legde officier van justitie R.C.A. Duindam vanochtend uit. In elke sector reden vier 'lokauto's' met Belgische of Franse nummerplaten, bemand door een Nederlandse, Belgische en Franse agent. Zij probeerden voor drugstoeristen door te gaan en wachtten tot ze benaderd werden door 'drugsrunners'. De runners gaven meestal met een 'snuifgebaar' te kennen dat ze drugs in de aanbieding hadden en boden vervolgens aan de weg naar drugspanden te wijzen. Volgens de officier van justitie kunnen ze hiermee 750 tot 1.500 gulden per dag verdienen.

Bij de actie waren 700 mensen betrokken, van wie 200 Nederlandse agenten. In totaal werden 70 mensen gearresteerd; 21 verdachten werden na verhoor heengezonden, voor een deel met dagvaarding. In de zaken die vanochtend voorkwamen zeiden de verdachten - vrijwel uitsluitend van Noordafrikaanse afkomst en vaak illegaal in Nederland verblijvend - dat ze door de politie waren uitgelokt en ontkenden ze dat ze de undercover-agenten drugs hebben aangeboden. De advocaten van de verdachten klaagden dat ze onvoldoende gelegenheid kregen zich op de zaken voor te bereiden. Dat is een bindende voorwaarde in snelrechtprocedures.

Tussen Nederland, België en Frankrijk is al enige tijd overleg over de aanpak van het drugstoerisme. Hiervoor is een internationale commissie gevormd en worden politiemensen en officieren uitgewisseld. De actie van nu moet worden beschouwd als een eerste resultaat van dat overleg.

    • Coen van Zwol