'Wachtlijsten: duur, vervelend en gevaarlijk'

VALKENBURG, 26 MAART. “Waarom mag ik niet vlak over de grens geholpen worden als mij dat maanden wachten op een lijst scheelt? De grenzen zijn toch open?” Meneer Borghans uit Valkenburg maakte zich vorig jaar al kwaad over de tè lange wachtlijsten in de ziekenhuizen. Hij stelde zijn verzekering voor zijn oogoperatie in België te ondergaan. Daar kon hij binnen een week geholpen worden. “Nee”, zei de verzekeraar toen, “dan vergoeden wij het niet.”

De Consumentenbond onderzocht onlangs de wachtlijsten voor ziekenhuisopname en poliklinische behandelingen in Nederland. De gemiddelde wachttijd voor een ziekenhuisopname bedraagt ruim vier weken. De polikliniek laat de patiënten iets langer dan twee weken wachten. En wachten, dat is algemeen bekend, vindt niemand leuk.

Lang wachten moet men vooral voor een operatie door de orthopeed (gemiddeld 7,8 weken), de kno-arts (4,4 weken) en de algemeen chirurg (3,7 weken). In de polikliniek is de situatie bij sommige specialismen zorgelijk. In de meeste ziekenhuizen, zo blijkt uit een onderzoek in het veertigste nummer van Medisch Contact, zijn de wachtlijsten voor orthopedie en oogheelkunde toegenomen.

Wachtlijsten kunnen gevaarlijk zijn. Volgens de Hartstichting zijn mensen gestorven terwijl zij op de wachtlijst voor een open-hartoperatie stonden. Diabeten, zo stellen de onderzoekers, riskeren blindheid omdat zij soms drie maanden op de oogarts moeten wachten.

De maatschappelijke kosten van het wachten zijn enorm. De bedrijfsverenigingen hebben uitgerekend dat “honderden miljoenen per jaar” aan het wachten wordt uitgegeven. De Industriebond FNV zegt dat twintig procent van de uitkeringen wordt uitbetaald aan mensen die wachten op een behandeling. De meeste kosten worden veroorzaakt door een langer ziekteverzuim. Een bouwvakker met een gescheurde pees bijvoorbeeld, wachtte op een operatie die aan ziekengeld ƒ 1.200 kost. Hij moest echter zeven maanden wachten en dat kostte ƒ 25.000 aan uitgekeerd ziekengeld. Bovendien gebruiken wachtende zieken zwaardere medicijnen en zijn zij aangewezen op thuiszorg.

“Twee weken wachten wordt als redelijk ervaren”, zegt onderzoeker M. Andela van de Consumentenbond. “Maar in de praktijk komt dat zelden voor. Het is werkelijk een zooitje in de ziekenhuizen.” Specialisten zeggen dat de wachtlijsten het gevolg zijn van het budget waaraan zij zich moeten houden. Zij zouden graag meer mensen in dienst willen nemen om alle patiënten zo snel mogelijk te helpen.

Volgens Andela roepen artsen dat te gemakkelijk. Als de specialisten “efficiënter” zouden werken kunnen de wachtlijsten ook korter worden. Maar wat is efficiënter werken? Onderzoeker Andela: “Het gebruik van de operatiekamer kan beter geregeld worden. Die staat nu te vaak leeg zonder dat de arts dat weet. Er zou meer overleg moeten zijn met de huisarts en de thuiszorg om te voorkomen dat een patiënt 'te laat' behandeld wordt. Artsen weten vaak niet wie er voor welke operatie op de wachtlijst staat. Als artsen hun patiënten meer als klant zouden behandelen, worden beiden daar beter van.”

De wachtlijsten verschillen per ziekenhuis en per specialisme. In Leiden blijken de wachttijden in het academische ziekenhuis (AZL) aanzienlijk korter te zijn dan in de algemene ziekenhuizen. In het AZL is het aantal fulltime specialistenplaatsen hoger dan in de algemene ziekenhuizen. De Consumentenbond raadt patiënten aan zelf te informeren wat de verschillen in wachttijden per ziekenhuis zijn. Adviseurs van ziekenfondsen of verzekeraars zouden daarbij kunnen helpen. Het komt nu al een enkele keer voor dat verzekeraars een bepaald ziekhuis aanraden omdat daar de wachtlijst korter zou zijn. “Maar omdat de wachtlijsten van verschillende ziekenhuizen niet op elkaar afgestemd zijn, schieten ze met dat doorverwijzen nog weinig op”, aldus Andela. Er zouden “uniforme criteria” voor aanmelding en opname ontwikkeld moeten worden. Hierdoor kunnen de wachtlijsten overal in Nederland op dezelfde manier worden bijgehouden, zodat er een vergelijkbaar overzicht ontstaat.

Een andere oplossing is volgens de Consumentenbond de behandeling in het buitenland. De bond stelt daarbij de voorwaarde dat van een kwalitatief gelijke behandeling uitgegaan moet kunnen worden. “Graag,” roept meneer Borghans uit Valkenburg, “Artikel 86 van het EG-verdrag zegt immers dat er een vrij verkeer van diensten moet zijn tussen de lidstaten. Waarom blijft de gezondheidszorg dan achter?”

De verzekeringsmaatschappij van Borghans staat behandeling in het buitenland nu wel toe. Een woordvoerder van het ziekenfonds in Valkenburg stelt de verzekerden ook enigszins gerust. “Op aanvraag via de huisarts kan het zo zijn dat wij bijvoorbeeld een staarbehandeling in het buitenland vergoeden. Maar dan moet de patiënt wel eerst een aanvraag indienen.” Daar gaan waarschijnlijk ook weer enkele weken overheen.

    • Margot Poll