Specialisten gaan weer samenwerken

ROTTERDAM, 26 MAART. De drie landelijke organisaties van medisch specialisten gaan weer samenwerken. Dit hebben zij gisteren bekend gemaakt. Zij willen gezamenlijk deelnemen aan het overleg over de aanbevelingen van de commissie Modernisering Curatieve Zorg. Deze hebben onder andere betrekking op een andere manier van financieren van de specialisten en op hun positie in het ziekenhuis.

De specialisten stellen voor deelname aan het overleg wel de voorwaarde dat het kabinet eerst de korting van 104 miljoen gulden op hun tarieven ongedaan maakt. Deze tariefsverlaging dient om het door de vrij gevestigde specialisten in 1992 te veel gedeclareerde honorarium te verrekenen. Ook hoopt het kabinet met de tariefsverlaging te voorkomen dat in 1994 opnieuw het beschikbare budget wordt overschreden.

De Landelijke Specialisten Vereniging (LSV), de Nederlandse Specialisten Federatie (NSF) en het Nederlands Specialisten Genootschap (NSG) hebben samen met de wetenschappelijke verenigingen van de verschillende specialismen een zogeheten 'strategieteam' gevormd. In dat team nemen de partijen als gelijkwaardige partners deel.

Voor met name de Federatie en het Genootschap is samenwerking met de Landelijke Specialisten Vereniging noodzakelijk om invloed te kunnen hebben op het overleg op de aanbeveling van de commissie die onder leiding stond van oud-minister-president B.W. Biesheuvel. Alleen de LSV wordt erkend als vertegenwoordiger van de specialisten. NSF en NSG hebben zich enkele jaren geleden van de LSV afgescheiden. Volgens de NSF behartigde de LSV de materiële belangen van de specialisten onvoldoende, terwijl de NSG juist vond dat daar teveel de nadruk op werd gelegd.

De drie organisaties hebben in de afgelopen weken overeenstemming bereikt over hun belangrijkste bezwaar tegen de aanbevelingen van de Commissie-Biesheuvel, het advies om de eindverantwoordelijk voor de gang van zaken binnen het ziekenhuis te leggen bij het management. De specialisten willen in het ziekenhuis een aan de gelijkwaardige positie hebben en bovendien zelf met de verzekeraars onderhandelen over hun budget.