Engelse groep Underworld slaat brug tussen new wave, techno en ambient house; 'De Beatles zijn hopeloos ouderwets'

Op de grensverleggende cd Dubnobasswithmyheadman mengt de Engelse groep Underworld pop, new wave, techno en ambient house. Volgende week zijn de makers van 'muziek voor de computergeneratie' voor vier concerten in Nederland.

Underworld: 30/3 Nighttown, Rotterdam, 31/3 Tivoli, Utrecht, 1/4 Effenaar, Eindhoven, 2/4 Paradiso, Amsterdam.

“Miles Davis heeft eens gezegd dat elke muzikant in staat moet zijn om zichzelf opnieuw uit te vinden. Die uitdaging ben ik aangegaan, want ik wil in creatief opzicht op mijn tenen blijven lopen.” Zanger en gitarist Karl Hyde van de Engelse groep Underworld verdedigt zich bij voorbaat tegen de veronderstelling dat hij uit opportunisme aansluiting heeft gezocht bij hippe muziekgenres als house en techno. Met zijn vroegere groep Freur (hit: Doot Doot) was hij al druk in de weer met synthesizers en computerritmes, terwijl Underworlds debuutalbum Underneath The Radar in 1988 een oerversie liet horen van de technopop op de grensverleggende nieuwe cd Dubnobasswithmyheadman.

“Het verschil tussen toen en nu,” zegt Hyde, “schuilt in de manier waarop de nummers ontstaan. Zes jaar geleden dacht ik nog veel meer in traditionele patronen en schreef ik liedjes met coupletten en refreinen. Onder invloed van Kraftwerk, housemuziek en dub-effecten ben ik gaan nadenken over de vorm waarin je een popsong kunt gieten. Als je een gevoel in muziek wilt vangen, heb je vaak al genoeg aan een klank, een woord of een ritme. Zo'n momentopname vind ik minstens zo interessant als een afgerond liedje dat op de ouderwetse manier tot stand is gekomen.”

Underworld onderging een metamorfose toen Karl Hyde en synthesizerman Rick Smith in 1992 contact zochten met de jonge discjockey Darren Emerson. Hun debuutsingle Mmm Skyscraper I Love You op het onafhankelijke label Junior Boy's Own werd een succes op houseparties en in dansclubs. “Ons eerste optreden leek in geen enkel opzicht op de gebruikelijke gang van zaken bij een popconcert, waar het publiek zich vergaapt aan een groep muzikanten op het podium. Op een avond dat Darren als discjockey in een club moest werken, hebben we in zijn deejayruimte onze apparatuur aangesloten. Onzichtbaar voor het publiek, speelden we onze nummers tussen de platen door. Aan het feit dat de mensen gewoon doorgingen met dansen, konden we afmeten dat we succes hadden. In de dansscene ontbreekt de persoonlijkheidscultus van de rockmuziek, waar het nog altijd draait om de sterren die de muziek uitvoeren. Van dergelijke popsterrenneigingen ben ik voorgoed genezen.”

Na het kortstondig succes van Freur in 1983 was Karl Hyde al snel tot de conclusie gekomen dat de gevestigde platenindustrie niet uitblinkt door flexibiliteit. “Er werd ons alsmaar verteld dat we het goed deden aan de oostkust van de Verenigde Staten. Maar als we daar een platenwinkel binnen liepen, was onze plaat er niet eens te krijgen. In feite was het een zegen dat we uiteindelijk wegens gebrek aan succes van ons platencontract werden verlost. Opeens waren we genoodzaakt om zelf vijfhonderd exemplaren van onze single te laten persen, die we verkochten vanuit de kofferbak van onze auto. Op die manier heb je veel meer zicht op de mensen die in onze muziek geïnteresseerd zijn. Bovendien kun je sneller werken. Binnen een week wordt een nieuw nummer in de clubs gedraaid, en nog een week later ligt de plaat in de winkel. Kom daar maar eens om bij zo'n grote platenfirma, waar over elk onbenullig detail eerst vergaderd moet worden.”

Underworld maakt muziek van en voor de computergeneratie, vindt Hyde. De cd Dubnobasswithmyheadman slaat een brug tussen pop, new wave, techno en ambient house. Vooral die laatste omschrijving, vrij naar de voortkabbelende ambiancemuziek die eind jaren zeventig werd geïntroduceerd door Brian Eno, lijkt van toepassing op Underworlds elektronische geluidscollages. Hyde bestrijdt dat, want “we willen in geen enkel hokje ondergebracht worden. We proberen ieders verwachtingen een stapje voor te blijven. Jamaicaanse dubreggae en 'serieuze' muziek van Stockhausen zijn van even grote invloed als de voor de hand liggende vergelijking met ambient of techno. Wat ons interesseert is een nieuwe combinatie van klanken, in tegenstelling tot de gelijkvormigheid die je in veel hedendaagse popmuziek aantreft.”

Voor zijn fragmentarische teksten en songtitels hanteert Karl Hyde een abstracte werkwijze, “als een kubistisch schilder die niet het object, maar de dingen er omheen afbeeldt. Ik noteer alledaagse ervaringen en schud de woorden door elkaar, zodat er uiteindelijk een soort collage overblijft die een bepaalde sfeer oproept. Het nummer Mmm Skyscraper I Love You weerspiegelt mijn haat-liefdeverhouding met de stad New York. Vanuit het vliegtuig zie je een glazen paleis van licht en wolkenkrabbers, maar onder de oppervlakte sluimert het verval. Zo'n impressie valt veel beter in een paar woorden samen te vatten, dan in een lange tekst met logische zinnen en een terugkerend refrein. Liedjes zoals The Beatles ze maakten, zijn hopeloos ouderwets. Zelfs Paul McCartney realiseert zich dat, want hij heeft pas nog gezegd dat ambient house de muziek van de toekomst gaat worden.'