Leren met je handen en voeten; De Vrije School

Rekenen en schrijven kun je op allerlei manieren leren. Op een islamitische school, in het Frans, of spelenderwijs zoals op de Vrije School. Op de Kinderpagina vandaag de eerste aflevering van een serie over ongewone scholen.

'Leren jullie op de vrije school soms vrijen?' Een veel gehoorde opmerking voor Hilde (13), Vincent (12) en Boki (13) uit de zevende klas van de Vrije School Apeldoorn. Niet grappig, vinden ze. Ze mogen van de meester even uit de rekenles om te vertellen hoe het op een vrije school is. “We doen veel met onze handen en voeten,” vertelt Vincent in het aangrenzende klaslokaal. “Veel dansen, tekenen, schilderen en toneel,” zegt Boki. “Wij leren zeg maar spelenderwijs.”

Kijk, zegt Vincent en wijst naar buiten door de roze gordijnen met roesjes. Op het schoolplein staat een gemetseld huisje met een houten dak. “Dat hebben we zelf gebouwd.” We zijn veel behendiger dan andere kinderen, zegt Boki. Behalve de 'normale vakken' leerden ze ook broodbakken, sokken breien, kleren maken - Vincent heeft pas nog een 'house-broek' gemaakt - en tuinbouwen.

Om dat laatste moeten ze nu wel lachen. De geplante winterprei heeft het niet gehaald en de veldsla bestaat uit een paar sprietjes. En dat terwijl ze 'biologisch-dynamische mest' hadden gebruikt. “Verdunde koeiestront,” zegt Vincent. Het heeft ook wel erg hard gevroren, weet Hilde.

De vrije school is een antroposofische school. Maar wat is dat eigenlijk, antroposofie? Stilte. “Woordenboek,” roept Vincent. Ze kunnen het niet goed uitleggen, zeggen ze. “Het heeft geloof ik iets te maken met de leer van Rudolf Steiner,” zegt Hilde dan. “Die richtte de eerste vrije school op en vond dat het kind het middelpunt moest zijn of zoiets.” Volgens Boki heeft het ook nog 'iets met de natuur te maken.'

Het is soms allemaal wel 'een beetje zweverig', vinden ze. Iedere ochtend bijvoorbeeld zeggen ze gezamenlijk een spreuk op. Die begint zo: Ik zie rond in de wereld waarin de zon haar licht zendt. De slotzin luidt: Geef mij kracht en zegen tot wasdom te mogen komen. Wat het precies betekent en waarom ze dat zeggen? Daar hebben Hilde, Vincent en Boki eigenlijk nooit over nagedacht. Boki haalt haar schouders op. “We zeggen het gewoon.”

De meester zegt ook wel eens rare dingen. Bij schilderen bijvoorbeeld. “Dan zegt hij: als je aan het schilderen bent, moet je je hoofd eraf halen.” Dat slaat dus echt nergens op. 'Helemaal zweverig' vonden ze de lessen 'euritmie' van een paar jaar geleden. “Een soort kruising tussen ballet en gymnastiek.” Sloeg ook nergens op, zegt Vincent. Moesten ze bijvoorbeeld op muziek letters uitbeelden. Boki doet haar armen wijd. “Zo deed je een A.” Ze kruist haar armen voor haar borst. “En dit was een B.” Kun je beter gewoon gebarentaal leren, vindt Vincent. Niemand vond het leuk en de euritmie-leraar werd uiteindelijk overspannen. Maar voor de rest merken ze niet zoveel 'van dat antroposofische'.

Kinderen op de vrije school houden van de eerste tot en met de zevende klas dezelfde leraar. Dat is erg fijn, vinden Hilde, Vincent en Boki. “We weten precies wanneer hij wel en wanneer hij niet boos wordt.” Zo leren ze hem hartstikke goed kennen. Vrijdagavond gaan ze bijvoorbeeld met de hele klas zijn verjaardag vieren.

Er wordt sowieso veel gefeest op de vrije school, zegt Hilde. Ze somt op: het feest van Sint Jan, van Sint Maarten, van Sint Michaël, van Sint Lucia. Bij dat laatste feest krijgt één meisje uit de klas witte kleren aan en een kroon van brandende kaarzen. Ze mag dan 'Sint Lucia-koekjes' rondbrengen. Erg leuk allemaal, zegt Hilde, maar een ding begrijpt ze niet. Waarom moet Sint Lucia altijd, maar dan ook altijd blond zijn?

    • Monique Snoeijen