Kostschooltekeningen

Ze zat op een strenge kostschool, ze hield een dagboek bij, ze dichtte, ze tekende ook en elke tekening zinderde van geilheid.

Ze heette Dorothea van Male en ze kwam uit het Vlaamse Gistel, waar ze op 10 juli 1929 als dochter van burggraaf Leopold-Louis Johannes van Male en Lea Santeuil was geboren. In 1971 bracht De Bezige Bij onder de titel Schola Nostra een mooi gebonden boek uit met haar levensloop, reprodukties van persoonlijke documenten, haar gedichten en haar erotische tekeningen. Hugo Claus droeg zorg voor een inleiding en voor de deskundige commentaren op Dorothea's door macht, geilheid en fallusjes beheerste gedachtenspinsels, die ze keurig met potlood in een academische tekenstijl had vormgegeven.

Net zo onopvallend als Dorothea's leven verder is verlopen, is dit boek aan de literaire kritiek en beeldende kunst-recensenten destijds onopgemerkt voorbijgegaan. Maar een enkele persoon ontdekte dat zich achter Dorothea van Male de schrijver, dichter en tekenaar Hugo Claus schuilhield.

Voor Claus was Schola Nostra niets minder dan een experimentele roman. Het sporadische commentaar dat hij op zijn boek kreeg, had betrekking op de tekeningen, die, hoewel duidelijk toegeschreven aan een kostschoolmeisje en uitgebreid voorzien van 'wetenschappelijke' toelichtingen, kwalitatief uitermate slecht werden bevonden. De gang van zaken rondom dit boek is voor Claus een metafoor geworden voor zijn onvermogen om als tekenaar en schilder meer uitgesproken voor het voetlicht te treden.