Slechtziendheid

Bij oudere mensen kunnen de ogen slijtage aan ooglens en netvlies gaan vertonen. In de ooglens kunnen eiwitten opzwellen tot zeer grote eiwitmoleculen en er hopen zich afbraakprodukten van de eiwitten op, waardoor de vezelstructuur van de lens verandert. Het licht valt dan niet meer ongehinderd door de lens, maar wordt eerst enkele malen weerkaatst. Dit 'strooilicht' bemoeilijkt het zien. De ooglens wordt steeds troebeler en uiteindelijk ondoorzichtig: de grijze staar.

Dit verouderingsproces in de ooglens speelt zich een leven lang af, bij iedereen, maar bij de een gaat het sneller dan bij de ander en vooral bij 60-plussers wordt ingrijpen soms noodzakelijk. Bij slechte voeding - zoals in grote delen van India - lijdt een groot deel van de bevolking al op veel jongere leeftijd aan grijze staar. In ons land wordt jaarlijks bij duizenden mensen de troebele ooglens operatief verwijderd en vervangen door een plastic lensje.

Niet iedereen met grijze staar kan geopereerd worden. Als iemand tevens aan glaucoom (verhoogde oogdruk) lijdt of aan netvliesafwijkingen die door de ingreep kunnen verergeren, is het soms beter om niet te opereren. Wie niet behandeld kan worden, blijft slechtziend of blind en zal daarmee moeten leren leven.

Slijtage aan het netvlies, in het medisch jargon bekend als macula degeneratie, aandoening van de gele vlek, komt bij ouderen eveneens veel voor. In de gele vlek van het netvlies verliezen de lichtgevoelige cellen, de fotoreceptoren, hun functie. De gezichtsscherpte wordt minder en het centrale gedeelte van het gezichtsveld valt uit. Zo'n scotoom op het netvlies geeft een effect alsof je grote vlekken midden op je brilleglazen hebt. Lezen wordt moeilijk, evenals het lezen van ondertitels op tv en op den duur ook het herkennen van gezichten op straat. Maar recht langs een muurtje lopen is geen probleem, omdat je uit je ooghoeken nog goed kunt zien. Operatief ingrijpen is - anders dan bij de grijze staar - vaak onmogelijk.

Verder kan het netvlies van het daaronder liggende vaatvlies loslaten, waardoor zuurstofvoorziening en voeding van het netvlies worden verstoord (ablatio retinae). Netvliescomplicaties kunnen ook optreden bij ernstige bijziendheid (myopia gravis). Bij sommige mensen maken de ogen voortdurend allerlei onwillekeurige bewegingen (nystagmus), zodat ze moeilijk kunnen fixeren. En bij suikerzieken kunnen op latere leeftijd vaatveranderingen ontstaan, die tot bloedingen en zuurstoftekorten in het netvlies kunnen leiden en waaruit weer andere complicaties kunnen voortkomen (diabetische retinopathie).

    • Marion de Boo