Nora verbreekt krabbend en krijsend de dreigende sfeer

Voorstelling: Nora, een poppenhuis van Henrik Ibsen door Malpertuis. Regie en vertaling: Dirk Tanghe. Spel: Karel Deruwe, Gert Portael, Jan Steen, Karin Tanghe, Mark Vandenbos. Gezien: 22/3, Stadsschouwburg, Groningen. Nog te zien: t/m 6/5 in het gehele land.

Om zijn titelheldin Nora van zijn in 1879 gepubliceerde stuk aan het slot een suffragette te laten worden, geeft toneelschrijver Henrik Ibsen haar in de beginscènes de kenmerken van een maîtresse. Ze is zelfs minder dan dat, maîtresses hebben immers zonder dat die stommelingen van mannen het in de gaten hebben de touwtjes in handen. Nora is een vrouw zonder macht, een aanminnige pop, speelgoed van een echtgenoot. Zij verhoogt zijn aanzien en ze is zeer afhankelijk. Vooral in economisch opzicht: kijk maar hoe ze bedelt om geld voor meer kerstcadeautjes en kijk hoe haar Torvald haar onderworpenheid beloont. Niet met liefde, maar inderdaad met geld. In het klein houden de Helmers een wereld in stand.

Regisseur Dirk Tanghe, roemrucht om zijn ensceneringen van Shakespeare, legt er in zijn regie van Nora, een poppenhuis nog een schepje bovenop. Niet eens zozeer door Karin Tanghe als Nora nog dieper door het stof in haar brandschone huis te laten gaan, als wel door van Torvald (Karel Deruwe) een burgerlijke macho te maken. In het weidse, zonnig-gele decor van Bart Clement zetelt Torvald, tijdens de dialogen tussen de echtgenoten, steevast op een salonstoeltje met aan zijn voeten Nora. Ongeveer ieder woord van de heerser gaat gepaard met een aai over de bol van de overheerste, menigmaal tilt zijn trefzekere hand haar kin op, als die van een kind dat toegesproken wordt, en zelfs wordt die hand een keer vervangen door zijn geschoeide voet. Wat een plurk en hoe blind is zij! Zo beschaafd als ze ogen, zijn ze zo pervers als wat, die twee.

Van daar naar het vertrek van Nora aan het slot is een wereldreis. Bovendien hecht de naturalist Ibsen aan details, ieder verschuivinkje in het verhaal en in het gevoelsleven van zijn personages wordt uitgespeeld, benadrukt, nog eens verwoord en opnieuw in de herinnering gebracht. Je vraagt je af hoe dit stuk bij de première een schandaal heeft kunnen veroorzaken, zo genuanceerd als de onontkoombaarheid van Nora's beslissing wordt aangetoond. Juist die nuance moet de spiegel waar het publiek inkeek ondraaglijk helder hebben gemaakt.

Even helder en subtiel als het stuk is Tanghes enscenering. Hij neemt de tijd, tot half twaalf; de sfeer is ijl, breekbaar, geladen en dreigend, als het bulderen van de zee dat zich tijdens de donkerslagen meet met het krijsen van meeuwen. Slechts af en toe slaat Nora de ijlte stuk, krabbend, huilend en schreeuwend, omdat ze betrapt zal gaan worden op een misstap in een ver verleden. Die is, zoals bekend, haar redding. De ontdekking ervan toont aan dat haar man meer van zichzelf houdt dan van haar - precies wat iedereen behalve zij al wist.

Maar weet ook zij het eenmaal, dan is ze genadeloos. Het is het moment suprême van haar en van haar vertolkster. Karin Tanghe speelt haar bewustwording in kalmte en waardigheid. Een moment zegt ze nog “mezelf in duizend stukken te kunnen scheuren”. Niet zij doet dat vervolgens, maar de oppermachtige Torvald. Piepend als de meeuwen, de sukkel.

    • Pieter Kottman