'Ik probeer geen teamgeest te kweken'

Het Nederlandse tennisteam moet, ook zonder Richard Krajicek, in theorie makkelijk kunnen winnen van België. Maar in het Davis-Cup toernooi verdwijnen papieren krachtsverschillen op de baan verrassend snel in het niets. Captain Stanley Franker over de eerste ronde, vanaf vrijdag in Eindhoven.

EINDHOVEN, 23 MAART. “Sport blijft wonderbaarlijk onvoorspelbaar. Ajax verliest van NEC. Een eredivisieclub met Europese ervaring tegen een eerste-divisieclub. Al is Ajax uit vorm, zulke dingen mogen natuurlijk niet gebeuren. Maar als ik de formule had om het te voorkomen, zou ik het patent aanvragen en hoefde ik hier niet als coach langs de kant te zitten.

“Vorig jaar won het Nederlands team met Haarhuis en Koevermans in Barcelona van Spanje met Bruguera en Costa. En India won in Frankrijk van Frankrijk. Ervaring en de plaats op de ranglijst tellen niet mee in de Davis Cup. In de Davis Cup speel je niet alleen, maar voor je team, de begeleiders, het publiek, het land. Dat is volledig verschillend van een toernooi. Als je in een toernooi de eerste ronde verliest, kan je dat een week later weer goedmaken. Davis Cup is maar een paar keer per jaar. Als we van België winnen, spelen we in de kwartfinale, als we verliezen een degradatiewedstrijd.

“In de Davis Cup gaat het bovendien, net als in de grand-slamtoernooien, om drie gewonnen sets. Je moet je niveau langer vast kunnen houden. Je ziet vaak dat een speler de eerste twee sets wint en dan op onverklaarbare wijze de derde set verliest, voor hij de vierde set weer wint. Dan is het gaan vervelen, omdat het te gemakkelijk ging. Verdween de scherpte, de concentratie.

“Dit is een thuiswedstrijd in de eerste ronde, die we moeten winnen. Maar België is niet te vergelijken met een eerste-divisie-voetbalclub. De Belgen hebben hun plaats in de wereldgroep heus niet gekocht. Ze hebben Brazilië verslagen en Brazilië heeft een paar jaar geleden gewonnen van Duitsland met Boris Becker in het team.

“Alleen in het dubbelspel zijn we zo duidelijk sterker dan de Belgen, dat daar eigenlijk geen twijfel over mag bestaan. Maar in het enkelspel nivelleren de krachtsverschillen vreselijk snel. Pete Sampras verloor dit jaar in Qatar van de Marokkaan El-Aynaoui. Hij had een kwart miljoen dollar startgeld gekregen, dus hij wilde wel degelijk presteren.

“Deze Belgen hebben wel degelijk ervaring, alleen niet op het hoogste niveau. Daufresne haalde zonder ervaring de laatste zestien op de Australian Open. Als je Xavier Daufresne en Filip de Wulf ziet spelen, dan vraag je je af waarom ze niet in de top-honderd staan. Ik denk dat dit jaar hun grote jaar wordt. Het zijn allebei all-rounders. Ze spelen vanaf de baseline en komen niet spontaan naar het net, maar kunnen daar wel gevaarlijk zijn. De forehand van Daufresne is geen gevaarlijke slag, maar hij maakt er geen fouten mee en hij heeft een goede backhand. De Wulf heeft een moeilijk te anticiperen backhand en een goede forehand.

“Met Krajicek erbij waren we nog sterker geweest, maar zonder hem blijft het een goed team. Haarhuis speelt uitstekend, Eltingh heeft Sampras verslagen en veel gewonnen in de dubbel. Ook Siemerink is voor mij altijd een kandidaat gebleven voor het enkelspel. Hij zakte wel op de ranglijst, maar bleef goed spelen. Vorig jaar in Wenen, een goede partij tegen Edberg in Australië. Dat hij de Nederlandse Masters won heb ik niet eens meegeteld.

“Ik probeer bij mijn spelers geen teamgeest te kweken. Het zijn individuen, het blijft tennis. Maar ze hebben dezelfde doelstelling. Ze willen winnen, daarvoor hebben ze ook een contractje met de bond. Ze hoeven niet samen naar bed en samen op. Stich en Goellner kunnen elkaar niet luchten of zien. Die gaan na afloop niet samen naar een restaurant, maar Duitsland wint wel de Davis Cup.

“Ik ben verantwoordelijk voor het spel. De aanvoerder zorgt dat de spelers hun afspraken nakomen. Hij weet wat ze uitspoken buiten de baan. Dat vertellen ze wel aan elkaar, niet aan de captain. Als er dingetjes zijn, vertelt hij die aan mij. In Barcelona en in Den Haag voor de wedstrijd tegen Zweden was Mark Koevermans de aanvoerder. Hij is een echte teamspeler, heel serieus en wil altijd graag voor zijn land spelen. Krajicek was daar nog te jong voor en met zijn professionele aanpak was hij ook veel met zijn eigen spel bezig. Dit keer is Haarhuis aan de beurt. Hij is serieus, heeft de laatste tijd resultaten geboekt en is, op Tom Nijssen na, de oudste van het team.”