Het dreunen van de tijd

Het vluchtelingenbeleid in West-Europa, gericht op snelle successen, is op lange termijn 'gevaarlijk', heeft J. Konkolato gezegd. Hij behoort tot het Hoge Commissariaat voor de Vluchtelingen van de VN en in deze functie zal het hem duidelijk zijn geworden dat in alle Westeuropese landen een nieuwe politiek tegen de asielzoekers wordt geformuleerd. Het komt erop neer dat ieder land afzonderlijk zijn eigen vorm van paniek tot beleid probeert te kanaliseren en dat Europa als geheel opnieuw een panorama van verwarring ontwikkelt. Duitsland heeft de stroom beperkt, verwijzend naar de velen die het al heeft opgenomen en impliciet doelend op het 'verzadigingspunt' dat zich aandient in rellen en de groei van het rechts-extremisme. Frankrijk probeert zijn grenzen dicht te houden, verwijzend naar niets in het bijzonder, maar tout court. Italië doet of zijn neus bloedt en laat het allerkleinste minimum toe. Nederland is verstrikt in een principiële discussie maar volgt intussen min of meer het Duitse voorbeeld. Konkolato heeft gelijk: op die manier wordt het in West-Europa niets met de vluchtelingen. De aanwakkerende discussie zal tot resultaat hebben dat er zoveel mogelijk buiten de deur worden gehouden.

Waarom is zo'n vluchtelingenbeleid gevaarlijk? In de eerste plaats omdat het niet helpt zolang het niet zal worden beschouwd als een onmisbaar onderdeel van het geheel der buitenlandse politiek. Het is al ettelijke malen gezegd: of men de grenzen sluit, nog meer politie op de been brengt, identificatieplicht uitbreidt, het imago van het land in de minder bedeelde gebieden zo afschrikwekkend mogelijk probeert te maken, West-Europa zal immigratiegebied voor Oost-Europa en Afrika blijven zolang het daar verder bergafwaarts gaat. Dat dit zal gebeuren bij voortgezet Westelijk beleid is zo goed als zeker.

Er zijn op langere termijn twee grote ontwikkelingen gaande die op het ogenblik vrijwel buiten het bereik van onze belangstelling liggen: de mislukking van de Russische hervormingen en de groei van het fundamentalisme in Noord-Afrika. De Russische historicus Joeri Afanasjev vergelijkt in Foreign Affairs de situatie van nu met die in 1917 en hij citeert Osip Mandelstam: “het dreunen van de tijd - niet duidelijk definieerbaar maar machtig en vreesaanjagend. De oude orde is verslagen, de periode van overgang loopt ten einde, het democratisch experiment is mislukt en in de coulissen maken formidabele krachten zich gereed om een nieuwe ordening tot stand te brengen. Het militair-industrieel complex, de nooit gedecollectiviseerde boeren met hun corrupte organisaties en achterlijke produktiemethoden en de twintig miljoen bureaucraten zullen de staat in zijn oude macht herstellen en daarmee de vicieuze cirkel die het communistisch rijk heeft doen ondergaan.” Tenzij de politieke wil tot hervorming zich herstelt is Rusland, volgens Afanasjev, voor de democratie verloren. Als dit gebeurt zal het Westen daar meer van merken dan wat de krant en de televisie daarover te melden hebben.

In Egypte en Algerije is het nog bij benadering democratische systeem aan de verliezende hand. Er is geen helderziendheid voor nodig om te voorspellen dat het verdwijnen van president Mubarak en een fundamentalistische revolutie in Algerije catastrofaal zou zijn voor het 'vredesproces' dat Israel met de PLO moet verzoenen. In het vervolg daarop nadert een oorlogsachtige toestand, vergelijkbaar met die waarin het Westen verkeerde na de Iraanse revolutie en de inval van Irak in Koeweit. Ook zo'n ontwikkeling, waarvoor de grondslag nu duidelijk is gelegd, zal het Westen doen schokken - voorzichtig gezegd. Een Europese of een Westelijke politiek die erop is berekend om het daarmee verbonden onheil te verhoeden, of zelfs maar in bedwang te houden, bestaat niet.

Het is dus niet uitgesloten dat wat zich de afgelopen twee jaar in Joegoslavië heeft afgespeeld een klein voorspel is tot wat zich straks aan de Europese oostgrens en zuidgrens zal voltrekken. Het vluchtelingenvraagstuk dat ons nu hindert zal een luxe zijn vergeleken bij wat West-Europa dan te wachten staat.

Konkolato “putte hoop uit de recente ontwikkelingen in het voormalig Joegoslavië”. Dat daar nu minder vluchtelingen vandaan komen is te danken aan een ultimatum en een kleine militaire ingreep waarover de Europese landen het bijna drie jaar niet eens konden worden. Zelfs het succes van dit ultimatum heeft niet tot een politiek geleid die 'Europees' kan worden genoemd. Dat wil zeggen, er is geen duidelijke wil waarneembaar waardoor de agressor voldoende wordt afgeschrikt; er is hem nog altijd ruimte gelaten om althans een poging te doen de oorlog te hervatten en het is onwaarschijnlijk dat hij onder deze omstandigheden bereid zal zijn, veroverd gebied te ontruimen. Het directe gevolg daarvan is dat er nog wel wat vluchtelingen bij zullen komen.

West-Europa blijft immigratiegebied, misschien in sterker mate dan het dat nu is. Dat komt omdat het hier ontbreekt aan het voorstellingsvermogen en de wil die noodzakelijk zijn voor de realistischen buitenlandse politiek waarmee het klein-realisme van de verscherpte grensbewaking en de angst voor 'de groei van extreem-rechts' wordt voorkomen.