'De Serviërs zullen weten wie ze hier voor zich hebben'; Luitenant M. van den Tweel over 'Dutchbat'

DEN HAAG, 23 MAART. 's Avonds worden er in de omgeving van het vliegveld van Tuzla nog wat schoten afgevuurd. Maar vanuit de bergen zwijgt de artillerie van de Bosnische Serviërs. “ Ze zitten een kleine tien kilometer weg. Ze kunnen wel zien wat er gebeurt en beschikken over ver dragende wapens, maar voorlopig houden ze zich rustig”, zegt luitenant M. van den Tweel van de alfacompagnie van het elfde bataljon over de radioverbinding waarop een enkele keer een Mexicaanse hond blaft.

De Nederlanders hebben vorige week van generaal Rose, de VN-commandant voor Bosnië, de opdracht gekregen om niet naar Srebrenica te gaan maar om het vliegveld van Tuzla te versterken. Gisteren ging het vliegveld open voor VN-vluchten. Hun bataljonscommandant, overste Vermeulen, betreurde die beslissing, want hij had de mannen van de alfa-compagnie hard nodig voor de moeilijke opdracht in het 'veilige gebied' Srebrenica. Maar Rose wil na het ultimatum bij Sarajevo de vaart erin houden. In heel Bosnië wil hij zoveel mogelijk VN-presentie, ondanks het feit dat hij over te weinig manchappen beschikt.

“We moeten nu in sneltreinvaart concertina's uitrollen, bunkers bouwen en uitkijkposten verbeteren. Vanmiddag komt een tweede vliegtuig van UNPROFOR (de VN-troepenmacht) binnen en zo snel mogelijk daarna moeten de vluchten met humanitaire hulpmiddelen beginnen. Wij van de Alfacompagnie moeten zorgen dat die vliegtuigen veilig binnenkomen en ook vlug weer kunnen vertrekken. Op dit moment is het rustig. Maar je weet het hier nooit”, zegt de plaatsvervangend compagniescommandant Van den Tweel.

Zijn baas, kapitein Jansen op den Haar, onderhandelt op dit moment met lokale commandanten over huisvesting, de controle op de toegang tot het vliegveld en de distributie van hulpgoederen. De situatie in Tuzla is minder ernstig dan in Srebrenica waar kinderen blootvoets rondlopen, bijna geen kleren hebben voor het koude voorjaar en onvoldoende worden gevoed. Het is volgens Van den Tweel de bedoeling dat Tuzla uitgroeit tot een steunpunt voor de hulpverlening in geheel oostelijk Bosnië.

De Nederlanders zijn ondergebracht in twee huizen bij het vliegveld en in een oud wachtgebouw. Omdat de helft van de 120 man voortdurend wacht moet lopen of bezig is met het aanleggen van beveiligingen, kan de andere helft op de matrassen die van de lokale bevolking zijn gekocht 'hutje mutje' even slapen. Er is maar enkele uren stromend water en mannen van de genie slaan nu eigen putten om water op te pompen voor sanitair en douches.

De Nederlanders proberen een praatje te maken met de tachtig Bosniërs die op het vliegveld werken. Op de cursus in Schaarsbergen vóór zij vertrokken hebben ze geleerd dat het VN-werk inhoudt “dat je je al pratend door de moeilijkheden heen moeten werken”.

“Maar toen gisteren voor het eerst na twee jaar weer een VN-vliegtuig landde, werd onze opdracht een stuk duidelijker. Het maakt je extra gemotiveerd, want je weet waar je hier voor staat. In enkele dagen hebben we de beveiliging zover dat het indruk maakt met punt vijftig mitrailleurs, raketten en als het moet mortieren, goeduitgeruste observatieposten en patrouilles. Een Deens peloton helpt ons en tot 20 april weten ze hier wie ze voor zich hebben.”

    • Willebrord Nieuwenhuis