Communisten Beerta komen op voor de kleine man

Na vier jaar afwezigheid zijn de communisten weer aan de macht in het Groningse Beerta. Bij de gemeenteraadsverkiezingen veroverde de Nieuwe Communistische Partij Nederland zeven van de dertien zetels. De partij levert nu beide wethouders.

BEERTA, 23 MAART. “Vier jaar lang zijn hier de belangen van de mensen die de klappen krijgen, niet behartigd.” K. Stek (67), gelouterd communist en een van de twee nieuwe wethouders van de Nieuwe Communistische Partij Nederland (NCPN), vergelijkt het lot van het huidige college van PvdA en Gemeentebelangen met dat van de communistische machthebbers in de voormalige Sovjet-Unie. Ze moeten het veld ruimen, omdat ze geen contact hebben met de gewone man en vrouw, en de stem van het volk niet begrijpen, zegt hij.

De verkiezingszege van de NCPN is deels ontstaan uit onvrede over het gevoerde collegebeleid, zegt Stek. De 7.000 inwoners tellende plattelandsgemeente Reiderland waar Beerta, Finsterwolde en Nieuweschans onder vallen, kampt met hoge werkloosheid. Zestig procent van de inwoners leeft van een uitkering. De jongeren trekken weg, de vergrijzing neemt toe. Opkomen voor de zwakkeren, met hen praten, ze voorlichting geven over regelingen - dat is dan belangrijk.

Illustratief voor de ontstane kloof tussen burgers en college is volgens Stek de afschaffing van het wekelijkse spreekuur van B en W. Op dit spreekuur hoorde voorheen CPN-burgemeester H. Jagersma en wethouders vragen en klachten van inwoners aan. Stek: “Een van de grootste grieven van de bevolking is dat de collegeleden niet bereikbaar zijn en op grote afstand opereren.” Stek wil het spreekuur, met of zonder PvdA-burgemeester W. Cornelis, zo snel mogelijk invoeren.

Ook andere zaken zetten kwaad bloed, aldus Stek in zijn analyse van de onverwachte zetelwinst en de absolute meerderheid van zijn partij. Hij somt op: invoering van honden- en rioolbelasting, verhoging van de onroerend-zaak-belasting en de reingingsrechten. Het afschaffen van stembureaus in de dorpjes Drieborg, Nieuw Beerta en Ganzedijk, terwijl er geen openbaar vervoer is naar de stemhokjes in Beerta, Finsterwolde en Nieuweschans.

De kiezer heeft duidelijk gemaakt dat het huidige beleid niet deugt, meent Stek. Daarom is een meerderheid in het college nodig om ander beleid mogelijk te maken. Aanvankelijk een moeilijke afweging, geeft hij toe. Want verdient een brede coalitie geen voorkeur in een artikel 12-gemeente als Reiderland, waar de financiën onder toezicht van het rijk staan?

Op de achtergrond speelde mee dat de CPN vier jaar geleden buiten de coalitie werd gehouden, nadat er al die jaren daarvoor in Beerta een CPN-PvdA-college was geweest. Voor de PvdA bleek de “kwaliteit aan bestuurskracht” van de toenmalige kandidaat-wethouder en thans beoogd nieuw wethouder H.L. Heres “onvoldoende”.

Ook over het financieel beleid werden beide partijen het niet eens. Ook nu vindt de NCPN dat het college de lasten te veel op de eigen burgers heeft afgewenteld in plaats van meer steun aan het rijk te vragen. PvdA-wethouder R. Hietbrink is er niet rouwig om dat zijn partij buiten het college is gehouden. In een coalitiepartner moet je immers het “volste vertrouwen” hebben. Tijdens de verkiezingscampagne zou de NCPN “halve waarheden” hebben verspreid en mensen “op het verkeerde been” hebben gezet. Hietbrink: “Ik had er dus niet veel trek in.” Hij beschuldigt de communisten van “kretologie, starheid, zwart-wit-denken en gebrek aan inventiviteit”. “Ze willen net als in de jaren zestig alleen maar in Den Haag aankloppen voor steun. Ze gebruikten trucs om bepaalde heffingen laag te houden, zodat er tekorten op andere beleidsonderdelen ontstonden. Ze doen alleen dingen die dicht bij het volk staan. Beleid dat iets verder wegligt, zoals herstructurering van het onderwijs, de nieuwe Wet Voorzieningen Gehandicapten, overzien ze niet. Dat moeten anderen doen. De burgemeester straks.”

Hietbrink en burgemeester W. Cornelis betreuren het dat een “kwalitatief” college dat als een hecht team samenwerkte, uit elkaar gaat. Hietbrink zegt zijn hart vast te houden voor de komende collegeperiode van vier jaar als de communistische voormannen van weleer de gemeente gaan besturen. Hij is bang dat Reiderland geïsoleerd raakt, bijvoorbeeld bij de plannen voor de 'Blauwe Stad', dat voorziet in de aanleg van een meer, bossen en bungalows, met als doel de werkgelegenheid op te krikken.

De NCPN plaatste vraagtekens bij het miljoenenproject. Als Reiderland straks nee zegt, staat ze met lege handen, vreest Hietbrink. De gemeentelijke reorganisatie, bijna voltooid, mondt binnenkort uit in de benoeming van een nieuwe gemeentesecretaris en twee sector-directeuren. Wie verzekert dat de communisten niet opnieuw, zoals vroeger wel voorkwam, selecteren op politieke kleur, in plaats van op kwaliteit? “Ze hebben nogal wat geroepen wat ze niet waar kunnen maken. Ook zij moeten van het rijk kostendekkende tarieven hanteren. Over vier jaar kunnen we weer opnieuw beginnen”, voorspelt hij.

Stek geeft toe dat sommige ingevoerde maatregelen niet teruggedraaid kunnen worden. Maar, zo waarschuwt hij, “wij zullen weinig toegeeflijk zijn waar het om problemen van de minder draagkrachtigen gaat. Verder streven we naar consensus”. Het uitgangspunt zal wezenlijk anders zijn, zegt hij. Het rijk legt normen op, maar je kunt wel proberen vrijstellingsregelingen te krijgen. “Kleine nuances zijn mogelijk. Wij gaan het beleid zeker bijschaven in het voordeel van de kleine man.” Een samenwerkingsverband met de Duitse buurgemeente Bunde is prima, maar snoepreisjes naar Straatsburg zijn niet nodig, vindt hij. “Geef voor dat geld een paar oudjes een vrijstelling van een bepaalde belasting.” In de Streekraad, een samenwerkingsorgaan van zeven Oostgroningse gemeenten, wil hij gezamenlijke oplossingen zoeken voor de werkloosheid. Koude groenteelt, bijvoorbeeld. Stek: “We hebben hier een vliegveld Eelde, dus de groente die hier om tien uur wordt ingeladen kan tweeëneenhalf uur later in Moskou zijn.”

Burgemeester Cornelis toont zich diplomatiek. Ooit vormde hij in Ten Boer het college met een GPV-wethouder. “Ik schijn in extremen te sorteren”, lacht hij. “Ik vind dit wel een uitdaging.” Hij betreurt dat een in zijn ogen kwalitatief uitstekend college verdwijnt. “Ik ben voor continuïteit van bestuur en het is spijtig dat een deel van de bestuurlijke ervaring nu overboord wordt gezet.” Liever had hij een breder afspiegelingscollege gezien, “maar de gemeenteraad bepaalt wie er wethouder wordt.”

    • Karin de Mik