Personeel V&D werkt vier dagen

ROTTERDAM, 22 MAART. Bij de warenhuisketen V&D hebben vakbonden en directie gisteravond een principe-akkoord bereikt over de invoering van een vierdaagse werkweek vanaf 1 februari 1995. In ruil daarvoor krijgen de 13.200 V&D-medewerkers gedurende de looptijd van de nieuwe CAO (van 1 februari 1994 tot 1 februari 1996) geen loonsverhoging.

V&D is de tweede grote warenhuisketen die een vierdaagse werkweek van 35 uur zal invoeren. Begin februari ging ook KBB (Bijenkorf, Hema en Praxis) akkoord met een kortere werkweek. Anders dan bij V&D geldt de vierdaagse werkweek bij KBB (25.000 werknemers) niet voor deeltijdwerkers. Zij krijgen vanaf februari volgend jaar een loonsverhoging van 2,8 procent.

De Dienstenbond FNV en de directie van V&D zijn tevreden over het bereikte akkoord. “Naast het feit dat V&D akkoord is gegaan met de vierdaagse werkweek, vinden wij het vooral belangrijk dat de positie van de parttimers wordt verbeterd”, aldus een woordvoerder van de Dienstenbond FNV. Deze deeltijdwerkers, die nu minimaal dertien uur per week werken, zullen vanaf 1 sepember 1995 minimaal achttien uur per week werken en vanaf 31 december 1996 twintig uur per week. Bovendien zullen zij niet meer betaald krijgen op basis van feitelijk gewerkte uren, maar krijgen zij per maand een vast salaris. Extra gewerkte uren kunnen later gecompenseerd worden in vrije tijd.

De Dienstenbond FNV is ook ingenomen met de toezegging van de V&D-directie dat gedurende de looptijd van de nieuwe CAO geen gedwongen ontslagen zullen vallen, “onder de veronderstelling dat de omzet zich niet negatief zal ontwikkelen”. Op dit moment heeft V&D 5200 voltijd-medewerkers in dienst en 4300 deeltijdwerkers. Daarnaast kan het concern beschikken over 3700 hulpkrachten. Voor deze laatste groep verandert er in de nieuwe CAO niets.

De vakbonden VHP en Unie BLHP zijn minder enthousiast over het CAO-akkoord. Vooral de VHP heeft bezwaar tegen de concessie om - in ruil voor de vierdaagse werkweek - twee jaar lang af te zien van loonsverhogingen. De bond, die de belangen van het hoger personeel vertegenwoordigt, betwijfelt of de kortere werkweek “wel de juiste remedie is om werk te behouden en te scheppen”. Het hoger personeel blijft 36 uur per week werken en krijgt de mogelijkheid om dit jaar 14 van de 26 ATV-dagen naar eigen voorkeur te gebruiken voor studie- of loopbaanfaciliteiten, voor een koopsompolis of een pré-VUT-systeem. Vanaf 1 februari 1995 wordt het aantal dagen opgetrokken tot 20. Voor de verkoopchefs is een uitzondering gemaakt: zij behouden het recht op een vijfdaagse werkweek van 36 uur, en krijgen dan in ruil hiervoor 6,5 extra ATV-dagen, die zij ook naar eigen keuze kunnen gebruiken. De VHP en de Unie BLHP zullen het gisteren bereikte onderhandelingsresultaat neutraal aan hun leden voorleggen.