Na bijna twee jaar oorlog; Vliegveld van Tuzla is weer in gebruik

SARAJEVO, 22 MAART. Het vliegveld van Tuzla is na bijna twee jaar weer open. Vanochtend landde er na een vlucht uit Zagreb een VN-vliegtuig met de speciale VN-gezant in ex-Joegoslavië, Yasushi Akashi, en de nieuwe opperbevelhebber van de VN-vredesmacht in ex-Joegoslavië, generaal Bertrand de Lapresle.

Door de heropening van het vliegveld kan een luchtbrug voor humanitaire hulpverlening aan de moslims in Tuzla op gang komen.

Het vliegveld van Tuzla is gesloten geweest sinds mei 1992. Over de heropening werd op 1 maart overeenstemming bereikt met de Bosnische Serviërs, die de moslim-enclave belegeren en wier artillerie in staat is het vliegveld te beschieten. Dit akkoord kwam tot stand door bemiddeling van de Russische onderminister Tsjoerkin. De Serviërs stemden in met de heropening van het vliegveld op voorwaarde dat er Russische VN-waarnemers worden gelegerd die moeten controleren dat de moslims, die Tuzla beheersen, zich via de luchtbrug niet bewapenen. De controle op het vliegveld is in handen van Nederlandse en Scandinavische VN-militairen.

Het vliegveld van Tuzla is van groot belang voor de hulpverlening aan moslims in Centraal- en Noordoostelijk Bosnië, die de afgelopen maanden door gevechten en het slechte weer niet of zeer moeizaam via de weg vanuit Zagreb konden worden bevoorraad, langs een route die bovendien voor een groot deel door gebied loopt dat door de Bosnische Serviërs is bezet. Met de luchtbrug op Tuzla beschikken de VN over een centraal gelegen en rechtstreeks bereikbaar distributiepunt in het hart van het te bevoorraden gebied.

De Bosnische Serviërs hebben tot dusverre geweigerd een aantal wapens, die gisteren door de VN-vredesmacht zijn ontdekt binnen de 'uitsluitingszone' van twintig kilometer rond Sarajevo, te verwijderen.

Tweehonderd Canadese blauwhelmen, die gisteren op zoek gingen naar wapens binnen de uitsluitingszone, ontdekten in Ilizas, ten noorden van Sarajevo, vier tanks, drie stuks luchtdoelgeschut, vier houwitzers en achttien mortieren van de Serviërs. Volgens de Canadezen bevonden deze zware wapens zich nog net binnen het gebied van waaruit de Serviërs op grond van het NAVO-ultimatum van vorige maand alle zware wapens moeten hebben verwijderd of onder toezicht van de VN moeten hebben geplaatst. De Serviërs hielden vol dat de wapens zich juist buiten deze zone bevinden. Bij overleg is gebleken dat de VN-vredesmacht en de Serviërs landkaarten hanteren, waarop bij de berekening van de uitsluitingszone een verschillend referentiepunt in het centrum van Sarajevo was aangehouden. Een VN-generaal sprak naar aanleiding van die verschillende landkaarten van “een misverstand” met de Serviërs.

Pag.5: Serviërs halen wapens niet weg

Hoewel de Serviërs inmiddels hun landkaart hebben aangepast en daarmee erkennen dat de wapens zich binnen de gedemilitariseerde zone rond Sarajevo bevinden, hebben ze gisteren en vanochtend nog niet voldaan aan het VN-bevel de wapens te verwijderen. Gisteren kwam het tijdens het overleg even tot spanningen. De blauwhelmen en de Serviërs stonden toen met de wapens op elkaar gericht tegenover elkaar en de Canadezen trokken zich enkele honderden meters terug. De Serviërs legden ook mijnen rond de VN-soldaten. Die werden echter na enige tijd weer weggehaald.

De VN bestempelden het incident als een “ernstige schending” van het akkoord over de demilitarisering van Sarajevo. In principe kunnen de wapens op grond van het NAVO-ultimatum vanuit de lucht worden aangevallen. Woordvoerders van de VN en de NAVO wilden de mogelijkheid van luchtaanvallen niet uitsluiten, maar volgens een van hen is een dergelijke luchtaanval niet waarschijnlijk, omdat over de verwijdering van de wapens nog wordt overlegd. De wapens stonden of staan ook niet op Sarajevo gericht, aldus deze woordvoerder. Er is in het overleg met de Serviërs ook geen tijdslimiet genoemd waarbinnen de wapens moeten zijn verwijderd of onder VN-controle moeten zijn geplaatst. (Reuter, AFP, AP)