Directeur voor beursfraude vervolgd

AMSTERDAM, 22 MAART. Op de eerste dag van een proces in Amsterdam over mogelijke voorwetenschap met aandelen, is vanmorgen een nieuwe verdenking geuit tegen een van de drie verdachte ondernemers.

Het Openbaar Ministerie in Amsterdam zal Begemann-topman J.A.J. van den Nieuwenhuyzen voor fraude met handel in aandelen Begemann vervolgen. Hij zou tijdens de overname van de staat van de Rotterdamse Droogdok Maatschappij (RDM) in 1991 in aandelen van zijn eigen bedrijf Begemann hebben gehandeld, aldus officier van justitie mr W. van Nierop vanochtend tijdens de eerste zittingsdag. Het proces zou aanvankelijk alleen gaan over mogelijk misbruik van voorwetenschap bij de handel in aandelen van het failliete automatiseringsconcern HCS door Van den Nieuwenhuyzen, samen met andere HCS-grootaandeelhouders, de Unigro-topman E. Albada Jelgersma en financier L. Melchior.

Rechtbankpresident Mastboom besloot na schorsing dat de RDM-zaak en de HCS-affaire in één zitting worden behandeld. Het is de eerste keer dat in Nederland verdachten terechtstaan op verdenking van misbruik van voorwetenschap.

Van den Nieuwenhuyzen, Melchior en Albada Jelgersma waren grootaandeelhouders van het automatiseringsconcern HCS. Tijdens een bijeenkomst in juli 1991 zouden de drie een hebben afgesproken de koers van een aandelen-emissie van de noodlijdende automatiseerder kunstmatig te drukken. De volgende dag verkochten de grootaandeelhouders massaal aandelen HCS waardoor de koers fors omlaagdook.

De rechtbankpresident besloot vanmorgen dat tijdens het proces ook de vermeende beursfraude van Van den Nieuwenhuyzen bij handel in aandelen van zijn eigen bedrijf zal worden behandeld. Begemann kocht in juli 1991 de aandelen van de Rotterdamse werf RDM van de staat. Het OM verdenkt Van den Nieuwenhuyzen ervan dat hij met het oog op de komende overname van de RDM in mei 1991 in aandelen van zijn eigen bedrijf Begemann heeft gehandeld.

Van den Nieuwenhuyzen, die een belang van bijna 50 procent heeft in Begemann, wierp in een reactie de verdenking van justitie ver van zich af en sprak van een “pure beschadigingsoperatie” van de officier. De Begemann-topman erkent in april “voor rekening van het bedrijf” in aandelen Begemann gehandeld te hebben, maar dat was ruim voordat met de overheid overeenstemming was bereikt over de overname van de aandelen RDM. Van den Nieuwenhuyzen zei dat het Begemann-concern als gevolg van de HCS-affaire in 1991 een schade van “500 miljoen tot 1 miljard gulden heeft geleden”.

Raadsman mr. L. Spigt van Van den Nieuwenhuyzen verzette zich vanmorgen hevig toen bleek dat het OM de zaak RDM later in een aparte zitting wilde behandelen, nadat nog meer deskundigen waren gehoord. Hij noemde de manier waarop het OM de RDM-zaak behandelde “onfatsoenlijk en een overtreding van het procesrecht”.