Moeizaam overleg PLO en Israel

TEL AVIV, 21 MAART. Een Israelische delegatie, geleid door de directeur-generaal van het ministerie van buitenlandse zaken, Uri Savir, zet vandaag de besprekingen met de PLO in Tunis voort over de voorwaarden waaronder het vredesoverleg kan worden hervat.

Intussen wekken premier Yitzhak Rabin en minister van buitenlandse zaken Shimon Peres de indruk dat ze het Israelische publiek willen voorbereiden op het ontmantelen van de joodse aanwezigheid in het hart van Hebron, waar meer dan 400 Israeliërs verspreid over vijf plaatsen wonen temidden van 120.000 Palestijnen, die nog steeds een uitgaansverbod hebben.

PLO-leider Yasser Arafat heeft in het openbaar het verwijderen van de joden uit het centrum van Hebron als een van de voorwaarden voor hervatting van het vredesoverleg genoemd. Een meerderheid van de Israelische ministers is daar voor maar steunt eveneens het standpunt van premier Rabin dat dit een autonome Israelische beslissing moet zijn.

“Het samenleven van joden en Arabieren in Hebron is dood”, zei Peres gisteren tijdens de wekelijkse regeringszitting. Rabin en Peres zijn zich heel goed bewust dat de door Baruch Goldstein op 25 februari aangerichte slachting in de moskee in Hebron Israels onderhandelingspositie jegens de PLO vooral in moreel opzicht ernstig heeft verzwakt en dat Arafat genoegdoening moet krijgen. Rabin vroeg zich gisteren af of “Goldstein wel een mens was”.

Een paar uur later zei Peres voor een forum van de Arbeidspartij dat de door Goldstein begane massamoord de ernstigste misdaad in de joodse geschiedenis is. “Hij heeft ons meer schade berokkend dan de ergste vijand hadden kunnen doen. Onze internationale positie is er ernstig door aangetast”, zei hij. Rabin en Peres zijn onthutst over de bijval die de moordenaar in religieuze kringen en onder de kolonisten heeft gekregen.

Yasser Arafat lijkt onder de Palestijnen aanhangers te verliezen. Het blad Ma'ariv haalt vandaag een van de commandanten van het westelijke commando van Arafats eigen El Fatah-beweging in de bezette gebieden aan die waarschuwt voor het volledig oplaaien van de intifadah indien het vredesoverleg wordt hervat zonder dat er sprake is van volledige inwilliging van de Palestijnse eisen. “Wie dat doet is voor ons een collaborateur en spion en we zullen hem doden, inclusief Feisal Husseini en zijn mannen”. Volgens deze Fatah-commandant wordt er samengewerkt met de extremistische Hamas-beweging en de Islamitische Jihad, met dien verstande dat Fatah-strijders nog geen gebruik mogen maken van de vuurwapens van de beide andere groeperingen.