Meningsverschil over toezicht van IMF in Suriname

NEW YORK / PARAMARIBO, 21 MAART. Tussen Nederland en Suriname bestaat verschil van inzicht over het akkoord dat gisteren op ministerieel niveau werd bereikt in New York. Volgens minister Pronk (ontwikkelingssamenwerking) zou Suriname hebben ingestemd met toezicht van het IMF op de economische sanering van het land, maar de Surinaamse president Venetiaan ontkent dit. Eerst wil de Surinaamse regering het resultaat bekijken van het overleg met Pronk, aldus de president.

Pronk maakte gisteren na afloop van het beraad bekend dat Paramaribo na talrijke afwijzingen nu toch akkoord ging met controle door het IMF. De Nederlandse minister voerde zaterdag in New York besprekingen met zijn Surinaamse collega's Assen (planning) en Mungra (buitenlandse zaken) om de impasse te doorbreken in de hulprelatie tussen beide landen.

De samenwerking tussen IMF en Suriname zal resulteren in regelmatige rapportage over de economie van het land, aldus Pronk. Daarmee is volgens hem de weg vrij voor hervatting van financiële steun door Nederland. Het fonds brengt ieder kwartaal rapport uit over de stand van zaken en op grond daarvan beslist Nederland of en hoeveel geld Suriname krijgt als betalingsbalanssteun, aldus de bewindsman van ontwikkelingssamenwerking.

De uitspraken van Pronk hebben in Suriname onmiddellijk tot irritatie geleid. President Ronald Venetiaan zei dat “het standpunt van Suriname ten aanzien van het IMF niet is veranderd”. “De standpunten zijn precies zoals toen onze mannen naar New York vertrokken. In elk geval gaan wij geenszins het IMF binnenhalen om op de aanpassing van de economie toe te zien.” Nederland kan wel advies vragen aan het IMF, aldus Venetiaan, maar “wij zeggen niet dat wij de bevindingen van het IMF zullen uitvoeren”.

Volgens Venetiaan is er nog niets besloten. “Ik moet over de details nog geïnformeerd worden. Het plaatje is niet helemaal duidelijk. Het kan nog alle kanten op gaan. Wij moeten zien hoe de opstelling van Nederland precies is en dan zullen wij bepalen hoe wij als volk de economische aanpassing verder zullen uit voeren.”

De president wijst erop dat Suriname lid is van het IMF. Op basis van artikel vier van de samenwerking vinden de reguliere consultaties over de economie plaats met het IMF. Dit zal in de toekomst ook gebeuren. Venetiaan merkt op nog niets getekend te hebben. Hij wacht de terugkomst van de delegatie vandaag af om te vernemen wat precies afgesproken is.

Suriname heeft op grond van het Raamverdrag uit 1992 nog ongeveer 1,2 miljard gulden tegoed, onder meer aan betalingsbalanssteun, mits het maatregelen neemt om de economie te saneren. Nederland zette vorig jaar een deel van de economische hulp aan Suriname stop omdat de regering nog serieus begin had gemaakt met de hervormingen.

In Suriname woedt sindsdien een debat over het betrekken van het IMF bij een economische sanering. Nederland wil dat Suriname zich tot het fonds wendt voor toetsing, de Surinaamse regering is echter beducht voor de sociale onrust die een harde sanering zal veroorzaken. Voor een deel is het debat een verbale prestigestrijd. Suriname is lid van het IMF en ontvangt regelmatig rapportages. Wat Nederland daarmee doet, zo luidt de redenering in Paramaribo, is een zaak voor de Nederlandse regering.

Volgens Pronk behelst het akkoord dat hij in New York sloot dat het IMF de voortgang van het structurele aanpassingsprogramma per kwartaal en per half jaar toetst aan eerder opgestelde doelstellingen. Het IMF doet ook beleidsaanbevelingen bij het uitvoeren van de programma's en houdt daar in feite voortdurend een wakend oog op.

“Ik heb gezegd take it or leave it”, zei minister Pronk na afloop van het ruim vier uur durende overleg in het kantoor van de Surinaamse VN-missie. Pronk wil niet verder onderhandelen over details van de hulpverlening en heeft Suriname voor het blok willen zetten. Hij onderstreept echter ook dat de nu bereikte overeenkomst tussen Suriname en IMF gaat. “Als het IMF er niet bij betrokken is, kunnen wij geen steun geven, want dat is geld in een bodemloze put gooien”, aldus de bewindsman. Nederland geeft nog steeds projectsteun aan Suriname, maar geen steun meer op monetair gebied.