'VS en Israel leveren nu wapens aan SPLA'

NAIROBI, 19 MAART. Er bestaan sterke aanwijzingen dat de Verenigde Staten en Israel het Soedanese Volksbevrijdingsleger (SPLA) militair zijn gaan steunen. Bronnen binnen het SPLA bevestigen dat de Zuidsoedanese rebellen wapens van de VS ontvangen. Ook de Soedanese regering beschuldigt de Amerikanen ervan wapens te leveren aan het SPLA. Washington spreekt dit tegen.

Een bron in Washington die de Amerikaanse buitenlandse politiek nauwgezet volgt, zei deze week: “De Amerikanen hebben vermoedelijk het groene licht gegeven aan bondgenoten in de regio om wapens te leveren aan het SPLA.”

Op het vliegveld van Nicosia staat sinds dinsdag een Nigeriaans transportvliegtuig met Israelische wapens aan de grond. Het toestel kreeg moterpech toen het van Tel Aviv onderweg was naar het Oegandese Entebbe. De meeste buitenlandse wapens voor het SPLA van John Garang bereikten in het verleden de rebellen over Oegandees grondgebied. De wapens zullen volgens een woordvoerder van de luchthaven van Nicosia worden overgeladen in een ander toestel en alsnog naar Oeganda worden gevlogen.

Vorige week nog reden volgens ooggetuigen dertig vrachtwagens met onbekende lading vanuit Koboko in Noordwest-Oeganda naar het oorlogsfront rondom het Zuidsoedanese stadje Maridi in SPLA-gebied.

De VS zien met lede ogen hoe de invloed van het moslim-fundamentalisme zich over de Afrikaanse regio dreigt te verspreiden. Zuid-Soedan, waar aanhangers van traditionele godsdiensten en christenen leven, wordt als het doel gezien van deze 'islamitische expansiedrift'. De harde Amerikaanse opstelling jegens de Soedanese autoriteiten (Washington zette Soedan op de lijst van terroristische landen) heeft de Verenigde Staten in Khartoum geheel buiten spel gezet. De enige knuppel waarover Washington nog beschikt om de fundamentalisten in Khartoum mee te slaan, zijn de zuidelijke rebellen van het SPLA. Dat verklaart waarom sinds de Soedanese regering vorige maand een offensief lanceerde tegen het SPLA, Amerikaanse diplomaten voortdurend het “gewetenloze” gedrag van het regeringsleger in Zuid-Soedan aan de kaak stellen.