Turkse Welvaartspartij goed-geoliede machine

ANKARA, 19 MAART. De honderden mannen en vrouwen in de bruiloftszaal in Etlik, een door kleine middenstanders en ambtenaren bewoonde wijk in de Turkse hoofdstad Ankara, zijn duidelijk aanhangers van de fundamentalistisch-islamitische Welvaartspartij. Ze hoeven niet meer bekeerd te worden; ze weten waar de Welvaartspartij voor staat: een Turkije dat de islam volledig de vrije hand geeft.

De gedateerde regelmantels, hoofddoeken en pofbroeken wijzen op de landelijke achtergrond van de meeste vrouwen. Ze vertegenwoordigen de dorpelingen die zich in de afgelopen tientallen jaren in groten getale in de steden hebben gevestigd. Twee jonge vrouwen, gestoken in zwarte handschoenen, strenge hoofddoeken en sombere, lange mantels, hebben jarenlang in Duitsland gewoond, maar wensen terug in het vaderland zich ongehinderd aan de islam te kunnen overgeven. Slechts enkele vrouwen dragen moderne kleding en zijn blootshoofds. Eén van hen studeert en zou, als de sfeer op de universiteit niet zo vijandig was, het liefst ook een hoofddoek dragen. De andere twee zien de noodzaak daar niet van in nu de Welvaartspartij er zo duidelijk blijk van geeft de spreekbuis te willen zijn van het grote publiek met islamitische sympathieën.

Melih Gökçek, kandidaat van de Welvaartspartij voor de functie van burgemeester van Ankara, slingert de vragen de zaal in: “Bent u er klaar voor om op 28 maart de coalitie-regering van mevrouw Çiller de rekening te presenteren?” “Ja”, brult het publiek enthousiast. “Bent u er klaar voor om iedereen die van van corruptie en bedrog wordt verdacht aan te klagen?” “Ja”, brult het publiek nog enthousiaster. “Bent u er klaar voor om de strijd aan te binden met de niet-gelovigen?”. “Ja”, brult het publiek nu vrijwel uitzinning.

De gemeenteraadsverkiezingen die op 27 maart in Turkije worden gehouden, hebben een nationaal elan. De uitslag bepaalt niet alleen de politieke toekomst van premier Tansu Çiller en de coalitieregering van conservatieven en sociaal-democraten, maar geeft tevens antwoord op één van de meest prangende vragen in het Turkije van vandaag: is het waar dat brede lagen van de bevolking zich uit protest tegen de sociale ongelijkheid, de groeiende terreur en de verloedering in de politiek tot de Welvaartspartij wenden?

De peilingen in de grote steden leken het beeld te versterken. Zeker eenvijfde van het electoraat koesterde sympathieën voor de Welvaartspartij. Maar het seculiere, Westers georiënteerde deel van Turkije is de ergste schrik te boven. De populariteit van de Welvaartspartij daalt nu de landelijke dagbladen en premier Tansu Çiller de handen ineen hebben geslagen om het ware gezicht van de partij aan het Turkse kiezerspubliek te tonen: de Welvaarts'partij is uit op de invoering van de shari'a (het islamitische recht) en ondanks alle schone schijn zijn ook de islamitische politici wel degelijk aangetast door corruptie en bedrog. Waar is anders de 2 miljoen gulden gebleven die was ingezameld voor de Bosnische moslims? En heeft de Welvaartspartij geen financiële steun ontvangen uit landen als Libië en Saoedi-Arabië?

Partijvoorzitter Necmettin Erbakan heeft de drie opeenvolgende islamitisch georiënteerde partijen in Turkije aangevoerd. Samen met een groep politieke vrienden stapte hij in 1970 uit de conservatieve Gerechtigheidspartij en richtte hij de Partij van Nationale Orde op. Deze werd in 1971 gesloten, maar al snel opgevolgd door de Nationale Heilspartij, die in de jaren zeventig een sleutelpositie innam in de Turkse politiek. Toen na de militaire staatsgreep in 1980 alle politieke partijen werden ontbonden, hergroepeerden de islamitische politici zich in de Welvaartspartij. Erbakan werd na het opheffen in 1987 van de politieke ban op de 'oude' partijleiders, opnieuw de belangrijkste man.

De Welvaartspartij is uitgegroeid tot een goed geoliede machine. Maar liefst een miljoen mensen zijn op de één of andere manier betrokken bij de campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen. “Het is een centraal georganiseerde partij”, zegt de sociaal-democraat Lütfi Dogan, die in de jaren zeventig hoofd was van het directoraat voor godsdienstzaken. “De leiding deelt de lakens uit en de lagere functionarissen worden niet geacht de taken die hen worden opgedragen ter discussie te stellen.”

De Welvaartspartij is ook onder vrouwen populair, ook al kunnen deze zich niet verkiesbaar stellen. De verstedelijking van Turkije wordt algemeen als de belangrijkste factor aangemerkt voor de actievere opstelling van islamitisch georiënteerde vrouwen. Ze gaan naar school, volgen een opleiding en wensen vervolgens te werken. De vrouwelijke partijleden zijn belangrijk voor Welvaartspartij. Ze brengen huis-aan-huis-bezoeken, houden speciale vrouwenbijeenkomsten en zijn daardoor in staat een breed scala aan vrouwen te bereiken. De algemene opvatting is dat de Westerse invloed de positie van vrouwen verslechtert. De kandidaat van de Welvaartspartij in Istanbul, Recep Tayyip Erdogan, heeft al aangekondigd de bordelen te sluiten als hij burgemeester wordt. “We staan niet toe dat vrouwen als aubergines en tomaten worden verkocht.”

De aanhang van de Welvaartspartij groeide gestaag na 1980. Bij de gemeenteraadsverkiezingen in maart 1984 behaalde de partij vier procent van de stemmen, en respectievelijk 7,1 procent en 9,8 procent bij de algemene en gemeenteraadsverkiezingen in 1987 en 1989. De uitslag van 16,7 procent bij de parlementsverkiezingen in 1991 is vertekend omdat een lijstverbinding werd aangegaan met de ultra-nationalisten om zo boven de kiesdrempel van 10 procent uit te komen.

De groei heeft vooral plaats in de miljoenensteden Istanbul en Ankara, die langzamerhand bezwijken onder de last van de honderdduizenden nieuwkomers die zich er jaarlijks vestigen. Het leven in de metropolen biedt nieuwe mogelijkheden, maar schept ook twijfel en verwarring over de identiteit. De islam vertegenwoordigt de orde, die het leven weer overzichtelijk maakt. “Maar dat betekent niet dat Turkije op het punt staat uit te groeien tot een islamitische republiek als Iran”, meent Lütfi Dogan . “Ook de ontwikkelingen in Algerije kunnen niet als voorbeeld dienen voor wat zich in Turkije zou kunnen afspelen. De Turken hebben na de oprichting van de republiek in 1923 met de shari'a gebroken. Zeventig jaar secularisme heeft een nieuwe basis gelegd: het merendeel van de Turken richt de blik op het Westen.”

Maar de Welvaartspartij raakt met de geraffineerde leus adil duzen (gerechtigheid) een gevoelige snaar. Voor ingewijden, zoals de mannen en vrouwen op de partijbijeenkomst in Etlik, is het duidelijk dat hier de Koran mee wordt bedoeld, terwijl minder religieus-georiënteerden het zien als een manier om te protesteren tegen de wijdverbreide corruptie en het bedrog in politieke en ambtelijke kringen. Erbakan propageert een samenleving waar rente en belastingen uit den boze zijn en waar de economie weer door de staat wordt geleid.

De steun hiervoor komt mede uit Duitsland. De mantelorganisatie van de Welvaartspartij daar, Milli Güors, krijgt steeds meer aanhang onder de twee miljoen Turken die de islam aangrijpen als dé manier om zich te onderscheiden van de verdorven Westerlingen. Sterker dan in Turkije, waar de staat de religie controleert, klinkt hier ook de stem van de militante islam. De Welvaartspartij wordt bovendien voor een belangrijk deel door de Turken in Duitsland gefinancierd, en gedurende de verkiezingstijd trekken dezen massaal naar Turkije om hun stem niet verloren te laten gaan. Milli Güors claimt zelfs dé vertegenwoordiger te zijn van de Turken in Duitsland en doet verwoede pogingen om Bonn ervan te overtuigen dat de organisatie - in een variant op de kerkelijke belasting die in de christelijke gemeenschappen wordt geïnd - het recht moet krijgen om een 'moskee-belasting' in te stellen.

    • Froukje Santing