MAI ZETTERLING 1925-1994; Vroege feministe

Jaren voordat de tweede feministische golf ons land bereikte regisseerde de donderdag in Londen op 68-jarige leeftijd overleden Mai Zetterling al enkele Zweedse speelfilms die thematisch en formeel als vlaggedragers van de vrouwenbeweging konden dienen. Älskande par (Liefdesparen, 1964), vrij naar verschillende romans van Agnes von Krusenstjerna, deed vooral stof opwaaien door de voor die tijd vrijmoedige erotiek, maar was ook lucide en polemisch, zoekend naar de juiste melange van hardheid en tederheid. Ook Nattlek (Nachtspel, 1966), gebaseerd op Zetterlings eigen roman, werd vooral opgemerkt als modernistisch pamflet. De schematische zijde van haar talent om de zaken scherp te stellen kreeg pas echt de overhand in Flickorna (De meisjes, 1969).

De cynische toon van Zetterling ontwikkelde zich mede als reactie op haar ervaringen als actrice in de Zweedse en de internationale cinema. Geboren op 25 mei 1925 in Väster©1as en gedeeltelijk opgegroeid in Australië, debuteerde Elisabeth 'Mai' Zetterling als 16-jarige op de planken van Stockholm, waar ze een opleiding volgde aan de Nationale Theaterschool. Direct speelde ze ook al filmrollen, het meest prominent als de prostituée in Hets (1944) van Alf Sjöberg naar een script van de jonge Ingmar Bergman, die Zetterling ook de hoofdrol gunde in zijn eigen Musik i mörker (Muziek in de duisternis, 1948). Vanaf 1947 speelde ze ook regelmatig in Engelse en Amerikaanse films, onder contract bij Rank en Paramount. Haar sensualiteit werd veelal gebruiktals exotisch en erotisch element. Zo was ze sinds haar internationale debuut in Frieda bij voorbeeld te zien tegenover uiteenlopende sterren als Dirk Bogarde (Desperate Moment), Danny Kaye (Knock on Wood), Pat Boone (The Main Attraction), Tyrone Power (Abandon Ship), Richard Widmark (The Price of Gold) en Peter Sellers (Only Two Can Play). Na de bekroning in Venetië van haar eerste, samen met echtgenoot David Hughes geschreven, korte allegorische documentaire The War Game (1963), wijdde Zetterling zich nog voornamelijk aan de regie van films, waaronder documentaires als Vincent the Dutchman en een bijdrage aan de officiële film van de Olympische Spelen van München, Visions of Eight, met als thema het onderdeel gewichtheffen.

Latere speelfilms als Scrubbers (1983) en Amorosa (1986) - een biografie van Krusenstjerna - misten de scherpte van het werk uit de jaren zestig. Scrubbers speelde zich af in de wereld van meisjesgevangenissenen Zetterling verwerkte er elementen in uit haar eigen harde en armoedige jeugd, die ze ook beschreef in de autobiografie 'All Those Tomorrows' (1985). al was de plaats van handeling van de film Engeland, waar zij sinds 1951 woonde. Recent speelde ze gastrollen in bij voorbeeld Nicolas Roegs The Witches en Ken Loach's Hidden Agenda en bereidde ze een film voor, die hoofdrolspeelster Renee Soutendijk zou coproduceren.

In menig opzicht was Mai Zetterling haar tijd ver vooruit en miste daardoor de aansluiting bij de meer vrouwvriendelijke ontwikkelingen in de cinema van de jaren zeventig en tachtig.