Een huis vol politieke daklozen

BERLÍN, 18 MAART. Niemand weet waarom Berlín is genoemd naar de Duitse hoofdstad. Hier, in het centrum van de koffiecultuur in de Salvadoraanse provincie Usulután, beperkt het historisch bewustzijn zich tot de afgelopen vijftien jaar, tot de Salvadoraanse burgeroorlog.

“Ja, kijkt u maar eens goed. Kogelgaten!” De 80-jarige señorita - “Nee, géén mevrouw, júffrouw” - Irma Pérez wijst in haar bureau de sporen aan. “Dat heeft het zogenaamde bevrijdingsfront gedaan. Ik noem het het Front van de Vernietiging.” Juffrouw Irma, de moeilijk bejaard te noemen bedrijfsleidster van koffiehandelaar Llach (spreek uit: jak), spreekt bij voorkeur in zinnen van minder dan zes woorden, maar gaandeweg komt zij op gang. Haar slechts weinig jongere assistente tracht een duit in het zakje te doen. “Wat?”, zegt juffrouw Irma, “wil jij soms antwoorden? Nou ga je gang maar”. “Nee, nee,” haast de assistente zich, “ik ben bezig met mijn papieren.”

Ruim tien jaar geleden had het offensief van de guerrillabeweging FMLN in Berlín plaats. De guerrilleros trokken het stadje binnen en, zegt Irma, trachtten de zaak plat te branden en kapot te schieten. Ook het kantoor van de firma Llach - vandaar de kogelgaten in het bureau en in het plafond. “Vernielen. Ze wilden alles vernielen”, zegt Irma. “Ze wilden de private onderneming kapotmaken”, weet de assistente er snel aan toe te voegen. Ditmaal knikt haar bazin instemmend.

Het Salvadoraanse regeringsleger reageerde met een bombardement op Berlín. Daarbij raakte don Armando Vaquerano, de kruidenier en nu ook kleine koffieboer, naar eigen zeggen, een aantal opslagplaatsen, een tractor en een paar vrachtwagens kwijt. “Helemaal niet waar!”, snibt juffrouw Irma, “één opslagplaats, hij raakte één opslagplaats kwijt.” Juffrouw Irma kan don Armando niet luchten of zien. De kruidenier Vaquerano is immers kandidaat voor het burgemeesterschap van Berlín bij de verkiezingen van aanstaande zondag. Kandidaat namens het FMLN.

Verrassend, die kandidatuur van iemand die tot de financiële elite van Berlín mag worden gerekend? Helemaal niet, vindt don Armando. “Ik heb altijd hard gewerkt”. En wat is zijn politieke programma? Wat zijn de grootste problemen van Berlín? Kandidaat Vaquerano lijkt de vraag voor het eerst te horen. “Nou, eh, gezondheidszorg, sport, economie”. De oud-voorzitter van de voetbalclubs De Elf van Berlín en Berlín Vooruit geeft na enig doorvragen te kennen dat hij zich vooral zal inzetten voor nieuwe en openbare sportterreinen in zijn stad.

Juffrouw Irma is niet de enige die hoopt op een zwaar verlies voor Vaquerano aanstaande zondag. Carlos Muñoz, metselaar en secretaris-generaal van de Democratische Convergentie (CD) in Berlín, neemt graag uitgebreid de tijd om de FMLN-kandidaat zwart te maken. “Hij was de man die hier in Berlín de doodseskaders financierde”, zegt Muñoz. “Er is een foto waarop hij door majoor d'Aubuisson [de inmiddels overleden oprichter van de rechtse ARENA-partij en het brein achter de doodseskaders in El Salvador] wordt omhelsd”.

“Laat ze dat maar eens bewijzen, laat ze die foto maar tonen”, zegt even later kandidaat Vaquerano. “Die Muñoz is een beroeps-politicus die nog nooit heeft gewerkt, een profiteur die geld heeft ontvreemd dat de Communistische Partij had bestemd voor de armen van Berlín”.

Een beetje dorpsruzie hoort erbij, ook in Berlín. Maar het is interessant dat de linkse coalitie van FMLN, Democratische Convergentie en MNR, die nationaal eensgezind optrekt achter presidentskandidaat Rubén Zamora, in Berlín tot op het bot is verdeeld. De Convergentie heeft als burgemeesterskandidaat de 24-jarige zoon van metselaar Muñoz, het FMLN werkt met Vaquerano. Is dat niet vreemd, een plaatselijke notabel die wordt beschuldigd van banden met de doodseskaders als kandidaat van het linkse FMLN, luidt de vraag aan Schafik Handal. Handal is oud-commandant van het FMLN en zelf kandidaat namens die partij voor het burgemeesterschap van San Salvador. Handal zegt de wat pijnlijke situatie in Berlín te kennen. “Er zijn veel politieke daklozen sinds de oorlog”, zegt hij diplomatiek. “We zien nu bij het FMLN voormalige ARENA-aanhangers en ex-christen-democraten. We zien onszelf als een huis waarvan de deuren openstaan voor iedereen”.

Burgemeester Arturo Iraeta (28) werkt aan zijn herverkiezing namens de rechtse ARENA-partij. Op campagne in het geïsoleerde, bij de gemeente behorende kanton San Felipe los Altos, zegt hij na een toespraak tot een twintigtal dorpsbewoners: “De oorlog was een pijnlijke periode voor ons allen. Ook ik was een vervolgde. Ik werd ervan beschuldigd een guerrillero te zijn, een marihuanasmokkelaar”. Over de ruzie binnen links wil hij niets zeggen. “Dat zijn vrienden van me”.

De conflicten in Berlín duren voort. Maar in tegenstelling tot de periode van de oorlog wordt de strijd nu slechts met woorden gestreden. “Bij de vorige verkiezingen kon ik hier niet op campagne gaan wegens doodsbedreigingen”, zegt de jonge burgemeester. “Nu zal het een stuk makkelijker zijn om het burgemeesterschap te heroveren”. Al was het maar wegens de verdeeldheid onder zijn tegenstanders.

Dit is het derde artikel in een serie over de verkiezingen in El Salvador op 20 maart. Het eerste en tweede verschenen op 16 en 17 maart, respektievelijk in de buitenland- en de economie-rubriek.