Den Haag zoekt in Zweden partners voor de EU

Minister Kooijmans (buitenlandse zaken) is voor een kort werkbezoek in Zweden. Bij ministers en gouverneurs peilt hij de bereidheid tot samenwerking met Europa.

FALUN, 18 MAART. Gouverneur Gunnar Björk van de westelijke provincie Dalecarlia zegt dat hij er het beste van hoopt. Op de tweede dag van zijn bezoek aan Zweden vraagt minister Kooijmans (buitenlandse zaken) hem wat mogelijk de uitslag van het referendum - dat later dit jaar over de toetreding tot de EU wordt gehouden - zal zijn.

Als zijn burgers toetreding van Zweden tot de Europese Unie niet begrijpen dan kunnen ze naar de bibliotheek gaan voor meer informatie, antwoordt Björk. Zelf mag hij als gouverneur die boven de partijen staat niet zeggen dat het een goed idee is dat Zweden zich aansluit bij Europa. Alles bij elkaar denkt hij dat het in ieder geval niet slecht is. “Het is vooral nodig”, zegt de gouverneur “dat het publiek weet waar het over gaat, maar dat is ons ook gelukt bij een referendum over links of rechts rijden en over kernenergie. Dus dit referendum zal ook wel meevallen.” Björk weigert een voorspelling te doen. Voor zijn provincie is het niet anders dan voor de rest van Zweden: eenderde is vóór, ruim eenderde is tegen en minder dan een derde heeft nog steeds geen mening.

Minister Kooijmans tast af of Den Haag en Stockholm in Brussel straks samen zaken kunnen doen. Op het gebied van democratisering van de Europese Unie, op het gebied van grotere openheid van besluitvorming, milieu en handelspolitiek vinden de twee landen elkaar al. Maar hoe moet het straks met een gemeenschappelijk veiligheidsbeleid en gezamenlijke standpunten op het gebied van buitenlandse politiek?

Tijdens het korte bezoek van anderhalve dag blijkt dat daarover in Stockholm nog niet veel notie bestaat. Kooijmans roemt in tafelspeeches de Zweedse stellingname als het om mensenrechten gaat en ontwapening, maar privé geeft hij toe dat zijn gesprekspartners meer vragen hebben dan antwoorden over een toekomstig gezamenlijk veiligheidsbeleid in de EU waartoe het Verdrag van Maastricht uitnodigt en dat in de Unie na 1996 meer gestalte moet krijgen.

“Jullie vergen wel erg veel van ons”, zegt ambassadeur Krister Wahlbäck, de voornaamste adviseur van premier Bildt. “Wat houdt een gezamenlijke buitenlandse- en veiligheidspolitiek van de EU precies in? Wat willen jullie met de Westeuropese Unie bijvoorbeeld, het voorportaal naar die gezamenlijke inspanningen en wat willen jullie uiteindelijk met de NAVO? Je kunt van een land als Zweden, dat zich zo lang gekoesterd heeft in afzijdigheid, niet verwachten dat we nu met veel enthousiasme aan boord springen als jullie niet eens zelf weten wat jullie willen. En betekent zo'n gezamenlijke verantwoordelijkheid dat jullie ook bereid zijn om voor ónze veiligheid op te komen in een tijd van crisis hier in het hoge noorden”?

Niet alleen ambassadeur Wahlbäck maar een aantal andere gesprekspartners uit de centrumrechtse coalitie van premier Bildt vraagt zich af of de oude leden van de Europese Unie wel goed genoeg inzien dat de veiligheid in Centraal-Europa dan wel kan zijn toegenomen maar dat de situatie in het noorden van Europa nog steeds grote behoedzaamheid vergt. Terugtrekking van Russische troepen uit de Baltische staten kan in 48 uur ongedaan worden gemaakt en een aantal van de Russische eenheden die uit Centraal-Europa zijn teruggetrokken nestelen zich nu rond Sint Petersburg en meer noordelijk bij de Finse grens, aldus inlichtingenofficieren van het Zweedse leger.

Veel Zweden vragen zich af of het zo wijs is om neutraliteit op te geven nu de onzekerheid in Rusland toeneemt. Daarbij komt volgens gouverneur Björk nog een tweede punt. In zijn provincie, en dat geldt volgens hem ook voor de rest van Zweden, bestaan er grote zorgen over de kortingen op sociale zekerheden en het banenverlies door automatisering. Een groot deel van de bevolking reageert hierop behoudend en wil geen avonturen die ingegeven worden door “de continentalen”, die van het vasteland van Europa! Misschien is het beter om juist ten tijde van onzekerheid terug te vallen op oude waarden en de plannen in Brussel gemaakt te wantrouwen, zo schat Björk de mening van zijn burgers in.

Maar de Nederlandse delegatie heeft bij het bliksembezoek aan Zweden van de laatste twee dagen lak aan die beschouwingen. Het gaat er Den Haag om de vaart erin te houden in de Europese Unie ondanks tegenslagen. De Scandinavische landen zijn voorstander van orde op zaken, voeren een goed beleid. Zo kan de Europese Unie sneller haar doel bereiken van één munt, grotere economische samenwerking, en vaker een gezamenlijk standpunt innemen als het om vredeshandhaving en zelfs om het opleggen van vrede zal gaan. De Nederlandse missie naar Stockholm enkele dagen na een akkoord over de toetreding van Zweden geeft het openlijk toe: meer en meer zal het er in Brussel om gaan om partners te vinden voor “ad hoc-coalities”, voor vredesopdrachten in het voormalige Joegoslavië of voor een meer liberale handelspolitiek. Zweden kan daarbij een belangrijke partner zijn.

Natuurlijk bestaat daarbij het gevaar dat die landen die hun economie het snelst op orde hebben ook een snellere vaart krijgen binnen dat Europa. Maar “gelijkgestemd maakt meer bemind en leidt gemakkelijker tot succes”. Daarom wil Buitenlandse zaken haast maken met het paaien van nieuwe gelijkgestemden. De Scandinavische landen zijn daarbij een eerste doel.

Afgevaardigde Henrik Landerholm van de partij van premier Bildt in de Rijksdag, ziet het allemaal “als een sprookjeskaravaan voorbij trekken”.

    • Willebrord Nieuwenhuis